Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 77
De huidige 3 werkwijzen m.b.t. het ten laste nemen van energieschulden werd goedgekeurd op het bijzonder comité voor de sociale dienst-AZ van 22/01/2008, punt E1+.
Hierbij vragen we goedkeuring voor het invoeren van een nieuwe methodiek, namelijk een vierde werkwijze om vanuit de Sociale Dienst energieschulden van aanvragers ten laste te nemen.
Bestrijden van energie-armoede vraagt een integrale aanpak: een goede operationele werking, een preventief luik, een methodische begeleiding en een financiële ondersteuning.
Wat de financiële ondersteuning betreft, zijn er (sinds 2008) binnen het huidige kader van de reguliere werking, drie mogelijke werkwijzen om een energieschuld bij een cliënt ten laste te nemen. Welke van de drie werkwijzen de maatschappelijk werker gebruikt, hangt af van de concrete cliëntsituatie. We baseren ons hiervoor op een aantal vragen als leidraad in het sociaal onderzoek (wat is de aard en de oorzaak van de energieschuld? welke preventieve maatregelen kunnen er genomen worden? wat zijn de inspanningen van de cliënt?). Op basis van de antwoorden op bovenstaande vragen, kiest de maatschappelijk werker uit één van de drie bestaande werkwijzen.
Omwille van de (aanhoudende) stijging van de energieprijzen, is er nood aan een nieuwe methodiek, namelijk een vierde werkwijze om de energieschuld ten laste te nemen.
Deze vierde werkwijze houdt in dat het OCMW de afrekening van elektriciteit en/of gas ten laste neemt (en betaalt aan de energieleverancier). Hierna dient de aanvrager de helft van het ten laste genomen bedrag terug te betalen aan OCMW Gent (volgens de geldende terugbetalingstarieven).
Alle toekenningen worden na een sociaal onderzoek van een behandelend maatschappelijk werker individueel ter beslissing aan het BCSD voorgelegd.
Bij deze werkwijze houden we rekening met de methodische en budgettaire aspecten van een tenlastename van een energieschuld:
Uit het sociaal onderzoek moet blijken dat de aanvrager voldoet aan de voorwaarden die de POD-MI stelt in het kader van de subsidies van het Federaal Energiefonds (namelijk er moet sprake zijn van energie-armoede). Bijkomend moet er aan een aantal interne voorwaarden voldaan zijn om deze werkwijze te hanteren:
De bijkomende werkwijze bij toekenning van steun aan cliënten op basis van federale middelen energiefonds 2022 bij hoge energie-afrekeningen zal na goedkeuring door het vast bureau, in werking treden m.i.v. 1 januari 2022.
| Dienst* | Decentraal maatschappelijk werk |
| Budgetplaats | C99000000 |
| Categorie* | exploitatie -steun |
| Subsidiecode | CRG.SES |
| 2022 | 286.000 |
| Dienst* | Decentraal maatschappelijk werk |
| Budgetplaats | C99000000 |
| Categorie* | exploitatie - subsidies |
| Subsidiecode | CRG.SES |
| 2022 | 286.000 |
Keurt de invoering goed van een bijkomende methodiek in de bestrijding van energie-armoede, namelijk een vierde werkwijze om energieschulden ten laste te nemen met ingang van 1 januari 2022.