Terug
Gepubliceerd op 08/10/2021

2021_CBS_03647 - Gecoördineerd advies voor een project-MER toegevoegd bij de omgevingsvergunningsaanvraag met nummer OMV_2021117642 voor het veranderen van een productiebedrijf van plantaardige oliën en biodiesel

college van burgemeester en schepenen
do 07/10/2021 - 08:31 Zuid EGW - 26p - C1.14 HVLG - W. Wilsonplein 1 Gent
Datum beslissing: do 07/10/2021 - 08:48
Goedgekeurd

Samenstelling

Bevoegde schepen

Tine Heyse

Aanwezig

Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter; Filip Watteeuw, schepen; Elke Decruynaere, schepen; Astrid De Bruycker, schepen; Tine Heyse, schepen; Isabelle Heyndrickx; Annelies Storms, schepen; Bram Van Braeckevelt, schepen; Rudy Coddens, schepen; Mieke Hullebroeck, algemeen directeur; Danny Van Campenhout, adjunct-algemeendirecteur

Afwezig

Sami Souguir, schepen

Verontschuldigd

Sofie Bracke, schepen; Luc Kupers, adjunct-algemeendirecteur

Secretaris

Danny Van Campenhout, adjunct-algemeendirecteur

Voorzitter

Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter
2021_CBS_03647 - Gecoördineerd advies voor een project-MER toegevoegd bij de omgevingsvergunningsaanvraag met nummer OMV_2021117642 voor het veranderen van een productiebedrijf van plantaardige oliën en biodiesel 2021_CBS_03647 - Gecoördineerd advies voor een project-MER toegevoegd bij de omgevingsvergunningsaanvraag met nummer OMV_2021117642 voor het veranderen van een productiebedrijf van plantaardige oliën en biodiesel

Motivering

Op basis van welke regels (rechtsgronden) wordt deze beslissing genomen?

  • Het Decreet lokale besturen van 22 december 2017, artikel 56.

Regelgeving waaruit blijkt dat het orgaan bevoegd is

  • Decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid (DABM) met een titel betreffende milieueffect- en veiligheidsrapportage van 18 december 2002.
  • Besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2004 houdende vaststelling van de categorieën van projecten onderworpen aan milieueffectrapportage, en de wijzigingen van 29 april 2013.
  • Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014.

Wat gaat aan deze beslissing vooraf?

Het college van burgemeester en schepenen geeft voorwaardelijk gunstig advies.

 

WAT GAAT AAN DEZE BESLISSING VOORAF?

 

CARGILL NV NV heeft een nog niet goedgekeurd project-MER toegevoegd bij de omgevingsvergunningsaanvraag met nummer  OMV_2021117642 ingediend bij de deputatie op 27 juli 2021.

 

Over dit project-MER moet er advies uitgebracht worden aan team Milieueffectrapportage van Departement Omgeving.

 

Het dossier handelt over:

Onderwerp: het veranderen van een productiebedrijf van plantaardige oliën en biodiesel

• Adres: Moervaartkaai 1, 9042 Desteldonk

Kadastrale gegevens: afdeling 13 sectie R nr. 19K


Volgend gecoördineerd verslag werd uitgebracht door de gemeentelijk omgevingsambtenaar op 30 september 2021.

 

OMSCHRIJVING MER


Het (ontwerp)milieueffectenrapport wordt opgesteld in het kader van de uitbreiding van het Midas project van Cargill. 

Voor het Midas-project werd reeds een MER opgesteld in 2019 met referentie PR3213 en werd reeds een omgevingsvergunning bekomen op 26/03/2020 (OMV_2019148443). De exploitatie van deze installatie is pas voorzien in 2022.

In het voorgaande MER en omgevingsvergunning werd voorzien dat de afvalstromen eerst off-site worden voorbehandeld en dan via een grondstoffenverklaring terug naar de site gebracht zouden worden om de advanced biodieselplant (Midas-project) te voeden. 

 

Na overleg met OVAM wil Cargill toch ook de mogelijkheid hebben om afvalstoffen on-site te ontvangen en te verwerken in de advanced biodiesel installatie. 

Door ook on-site afvalstromen te verwerken, zal de tussenstap naar een verwerker op een andere locatie minder noodzakelijk zijn en zal o.a. het aantal transporten en tussenstappen gereduceerd worden en stijgt de efficiëntie.

 

Gezien deze afvalverwerkingsstap onder de MER-plicht valt, meer bepaald onder de rubriek 14 van bijlage I 'Afvalverwijderingsinstallaties voor de verbranding, zoals gedefinieerd in punt D10 van artikel 4.2.1 VLAREMA, of chemische behandeling, zoals gedefinieerd in punt D9 van artikel 4.2.1 VLAREMA, van ongevaarlijke afvalstoffen met een capaciteit van meer dan 100 ton per dag.’, werd een project-MER opgesteld met als referentienummer PRMER3382. Het nog niet gekeurd MER werd bij de omgevingsvergunning (OMV_2021117642) ingediend.

 

BEOORDELING AANVRAAG


1. Ruimtelijke situering

Er zijn geen stedenbouwkundige handelingen. De gebouwen/verhardingen/tanks werden reeds vergund onder dossier OMV_2019148443.

Wel wordt opgemerkt dat op de infovergadering of in het MER wordt aangegeven dat het hemelwater niet hergebruikt wordt voor het sanitair. Echter werd in dossier OMV_2019148443 een hemelwaterput van 10.000 l voorzien waarbij het hemelwater ging gebruikt worden voor de spoeling van de toiletten in het logistiek gebouw en het utiliteitsgebouw. Dit dient zo voorzien te worden.

 

2. Landschap, bouwkundig erfgoed en archeologie

Het projectgebied bevindt zich in havengebied. Net ten oosten van het projectgebied bevindt zich het traditionele landschap ‘Moervaartdepressie’. Dit betreft een depressie met open landbouwland en plaatselijk compartimenten van kleine bossen. Bebouwing is weinig begrenzend en komt vooral aan de rand voor. 

Er zijn geen beschermde monumenten, landschappen, of dorpsgezichten aanwezig in of in de nabije omgeving

Het projectgebied is gelegen in een zone waar geen archeologisch erfgoed wordt verwacht.

 

In conclusie kan gesteld worden dat in het dossier correct wordt aangehaald dat het projectgebied gelegen is in gebied waar geen archeologie wordt verwacht. Het geheel is op deze wijze ook aangeduid op de GGA-kaart (Gebieden waar Geen Archeologisch erfgoed wordt verwacht). Bij de geplande bodemingrepen dient aldus GEEN archeologienota opgesteld te worden.

 

3. Milieuhygiënische en veiligheidsaspecten

Er zijn geen wijzigingen in het proces of geen capaciteitswijzigingen.

De effecten op de onderzochte aspecten zijn beperkt (0 tot -1) en er zijn reeds milderende maatregelen opgenomen in de bestaande omgevingsvergunning (O.a. in kader van geur). De bijkomende impact van de uitbreiding is beperkt.

 

Bij de grondstoffen/afvalstoffen die kunnen gebruikt worden staan Palm Vetzuur destillaat en palm oil mill effluent en used cooking oils.

Stad Gent heeft in het verleden al bedenkingen geformuleerd bij het gebruik van deze afvalstromen voor de productie van hoogwaardige biodiesel. Dit aangezien de duurzaamheid van de installatie wordt bepaald door de producten die erin worden verwerkt en de transparantie inzake de afkomst, de sociale en ecologische impact van de producten, o.a. het gebruik van afgeleide productie van palmolie kan onrechtstreeks leiden tot een toename van de productie van palmolie en bijdragen aan ontbossing.

Vandaar dat het volgende maatregelen getroffen dienen te worden:

- Het respecteren van de afvalhiërarchie (hergebruik boven omzetten tot brandstof)

- Vermijden van gebruik van restproducten van palmolieproductie

- Voorkeur voor restproducten van lokale grondstoffen

 

CONCLUSIE 


Het project-MER wordt voorwaardelijk gunstig beoordeeld.

 


Waarom wordt deze beslissing genomen?

 

WAAROM WORDT DEZE BESLISSING GENOMEN?

 

Het college van burgemeester en schepenen moet advies uitbrengen aan de team Milieueffectrapportage van Departement Omgeving.

Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij bovenstaand verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en neemt het tot haar eigen motivatie.

 

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

 Het college van burgemeester en schepenen brengt voorwaardelijk gunstig advies uit over het project-MER ingediend door CARGILL NV nv (O.N.:0405546706) gelegen te Moervaartkaai 1, 9042 Desteldonk.

 


Artikel 2

AANBEVELINGEN

- Het respecteren van de afvalhiërarchie (hergebruik boven omzetten tot brandstof)

- Vermijden van gebruik van restproducten van palmolieproductie

- Voorkeur voor restproducten van lokale grondstoffen

 

 

Artikel 3

AANDACHTSPUNTEN

Er dient een hemelwaterput van 10.000 l voorzien te worden, dit hemelwater dient gebruikt te worden voor de spoeling van de toiletten in het logistiek gebouw en het utiliteitsgebouw - conform voorzien in dossier OMV_2019148443.