Via ministerieel besluit van 13 maart 2020 werd de federale fase van het nationaal noodplan betreffende de coördinatie en het beheer van de crisis coronavirus COVID-19 afgekondigd.
De federale overheid moest dringende maatregelen nemen om de verspreiding van het coronavirus te beperken. Die uitzonderlijke situatie rechtvaardigde het om van de normale vergaderwijze af te wijken. In die omstandigheden kon het lokaal bestuur via een burgemeestersbesluit een andere vergaderwijze vastleggen.
Daarnaast werden sinds1 september 2020 ook concrete richtlijnen uitgevaardigd voor vergaderingen van lokale bestuursorganen die terug te vinden waren op de website van het Agentschap Binnenlands Bestuur (ABB). Deze richtlijnen waren een dynamisch gegeven waarbij de evolutie van de opgelegde maatregelen wordt gevolgd en de richtlijnen daarop worden afgestemd. De democratische waarborgen uit de regelgeving, zoals tegensprekelijk debat, openbaarheid van de vergadering (indien van toepassing) of het correct verloop van beraadslaging en stemming staan daarbij centraal.
Er werden tijdens deze periode meerdere burgemeestersbesluiten uitgevaardigd (het besluit van 8 april 2020 tot het laten doorgaan van de zittingen van het college van burgemeester en schepenen, het vast bureau, het bijzonder comité voor de sociale dienst, het bijzonder comité voor de sociale dienst – hulpverlening, de gemeenteraadscommissies, de gemeenteraad en raad voor maatschappelijk welzijn zouden in digitale zitting volgens videoconferentie de tijdelijke politieverordening tot het laten doorgaan van de vergaderingen van de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn in digitale zitting middels videoconferentie, bekrachtigd door de gemeenteraad op 7 september 2020).
De laatste richtlijnen van het ABB bepaalden dat de vergadering van het lokaal bestuur fysiek, hybride of digitaal konden doorgaan. De keuze op welke wijze het bestuur vergaderde, moest een weloverwogen keuze zijn. Voor de vergaderingen van de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn, maakten de richtlijnen melding van de noodzaak van een burgemeestersbesluit als omwille van de social distancing de normale vergaderlocatie maar een beperkt aantal bezoekers toelaat (op basis van de artikels 134, § 1 en 135, § 2 Nieuwe Gemeentewet). De gemeenteraad en raad voor maatschappelijk welzijn konden, mits de naleving van een aantal voorwaarden, digitaal doorgaan als het lokaal bestuur dit, gelet op de gezondheidssituatie, de aangewezen vergadervorm acht. Ook stonden de richtlijnen onder een aantal voorwaarden een hybride vorm van vergaderen toe.
Hierop volgend heeft de burgemeester op 7 september 2021 een tijdelijke politieverordening tot het laten doorgaan van de vergaderingen van de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn in digitale of hybride zitting uitgevaardigd, die op 7 september werd bekrachtigd door de gemeenteraad.
Het overlegcomité van 17 september 2021 versoepelde de coronamaatregelen verder. Om die reden werden de eerdere richtlijnen van ABB rond het vergaderen van de organen van de lokale besturen tot nader order opgeheven. De lokale besturen kunnen terug autonoom beslissen op welke wijze een fysieke vergadering mogelijk is en welke voorschriften daarbij in acht te nemen zijn.
Het decreet van 16 juli 2021 tot wijziging van diverse decreten wat betreft de versterking van de lokale democratie naast de fysieke vergadervorm heeft ondertussen ook de vergadervormen digitaal en hybride vergaderen voor de lokale vergaderorganen decretaal verankerd. Ondertussen is ook het besluit van de Vlaamse Regering van 10 september 2021 over de voorwaarden voor digitaal of hybride vergaderen voor de organen van de lokale besturen in werking getreden en werd het huishoudelijk reglement van de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn hierop afgestemd.
Omwille van bovenstaande redenen wordt voorgesteld de eerdergenoemde tijdelijke politieverordening van 7 september 2021 tot het laten doorgaan van de vergaderingen van de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn in digitale of hybride zitting op te heffen en deze opheffing te laten bekrachtigen op de eerstvolgende zitting van de gemeenteraad.
De tijdelijke politieverordening van 7 september 2021 tot het laten doorgaan van de vergaderingen van de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn in digitale of hybride zitting wordt opgeheven.
De opheffing van deze politieverordening zal conform artikel 134 § 1 Nieuwe Gemeentewet ter bekrachtiging worden voorgelegd aan de eerstvolgende vergadering van de gemeenteraad.