-
De plannen van het stadsbestuur voor het Gravensteen zijn controversieel, met name het externe paviljoen en het doorbreken van de walmuur. Niet alleen bewoners, maar ook prominente academici keren zich tegen die beide aspecten van de plannen. De kritiek ook dat bijvoorbeeld het departement geschiedenis van de UGent – met het Henri Pirenne Institute for Medieval Studies – nog op geen enkele manier betrokken werd bij dit project snijdt hout. Het contrast met bijvoorbeeld het Van Eyck-project – begeleid door een onafhankelijk team van internationaal vermaarde academici – kan op dit vlak niet groter zijn.
Vandaar mijn vragen:
Wij hebben samen met u vastgesteld dat een hoofddocent middeleeuwse geschiedenis aan de UGent zijn bezorgdheid uit over de plannen voor het Gravensteen, via sociale media en daaropvolgend ook in pers.
Ik breng in herinnering wat hier eerder al uitvoerig besproken is. Om de tekortkomingen van het Gravensteen op het vlak van infrastructuur, eerst en vooral inzake toegankelijkheid, op een kwaliteitsvolle manier aan te pakken, werd besloten dat, voor het iconisch monument dat het Gravensteen ontegensprekelijk is, een Open Oproep van de Vlaamse Bouwmeester de aangewezen procedure was.
Zoals bekend is de Open Oproep van de Vlaamse Bouwmeester nog altijd de zowat belangrijkste motor voor kwaliteitsvolle architectuur in Vlaanderen.
De gemeenteraad heeft in de vergadering van 25 juni 2018 goedkeuring verleend aan het mandaat voor deelname aan de Open Oproep en aan de projectomschrijving waarin de ambities van de Stad Gent voor het Gravensteen beschreven stonden.
In de jury van deze architectuurwedstrijd zetelden experten van de hoogste kwaliteit:
de Vlaamse Bouwmeester zelf als voorzitter, onze eigen stadsbouwmeester, de directeur van Historische Huizen Gent (historica), de projectleider van FM Themagebouwen (architect), Dienst Stadsarcheologie en Monumentenzorg (de leidende dienst van het archeologisch-historisch onderzoek van de laatste vijftig jaar) en tenslotte prof. Maarten Liefooghe, professor aan de VUB en UGent en expert in architectuurtheorie en architectuurgeschiedenis.
Als adviserende leden participeerden overigens ook nog vertegenwoordigers van Onroerend Erfgoed Vlaanderen, Toerisme Vlaanderen en de Dienst Milieu en Klimaat van de Stad Gent aan de beraadslagingen van de jury.
Er was dus heel wat expertise aanwezig bij de jurering, ook vanuit de UGent werd de expert – met de meeste expertise ter zaken - gevraagd als jurylid.
Het gekozen architectenteam voorziet, zoals bekend, drie belangrijke ingrepen die de toegankelijkheid en de bezoekersflow aanzienlijk verbeteren:
De lifttoren binnen de walmuren ontsluit de omwalling en de twee bovenzalen en het dak van het donjon voor rolstoelgebruikers én andere mensen met een beperking of die slecht te been zijn. Omdat de kasseienhelling van het poortgebouw voor rolstoelgebruikers problematisch is, kunnen zij via het buitenpaviljoen (waar een lift het niveauverschil met het opperhof overbrugt) het kasteel binnenkomen. Voor het overige worden de inkomende en uitgaande bezoekers gescheiden en gaan de bezoekers naar buiten via het buitenpaviljoen.
Om vertrekkend vanuit het wedstrijdontwerp tot een gedragen en optimaal resultaat te komen, werd quasi een jaar aan het voorontwerp gewerkt, vanuit alle mogelijke insteken en begeleid door diverse expertises, waaronder die van de Stadsbouwmeester en zijn team, Historische Huizen Gent, Stadsarcheologie en Monumentenzorg, Onroerend Erfgoed, de stedelijke toegankelijkheids-ambtenaar, Inter, de Groendienst, Toerisme Gent en Toerisme Vlaanderen, en nog verschillende andere diensten en experten.
Net omwille van het belang van het Gravensteen als erfgoed werden de ingrepen ook besproken op het hoogste niveau van het Vlaams Agentschap Onroerend Erfgoed: rechtstreeks door de administrateur- en haar regionale directeurs.
Het voorontwerp werd ook doorgenomen met de Kwaliteitskamer van de Stad Gent.
Het proces om te komen tot de (aangepaste) plannen zoals ze vandaag gekend zijn – waarbij o.a. het paviljoen tot een minimum werd herleid – is van bij de Open Oproep tot nu begeleid door een ruime groep van experten en academici, zoals ik zonet heb toegelicht.
Het project wil het Gravensteen bezoekbaar maken voor alle Gentenaars en voor alle bezoekers. En ja, ook voor de mensen die het anders niet zouden kunnen bezoeken omdat ze rolstoelgebruiker zijn of moeilijk te been. Dat is vandaag een basisrecht geworden dat we willen garanderen, ook in het meest bezochte stedelijke monument.
Het project zal bovendien het laatste niet-gerestaureerde deel restaureren, de toiletten vernieuwen en het onthaal en de circulatie verbeteren.
Van een nieuw belevingscentrum of een bezoekerscentrum is echter geen sprake, laat staan dat de commercialisering onze drijfveer zou zijn voor het project. Door het bezoekersaantal af te toppen op 500.000 per jaar wordt doelbewust overcrowding vermeden.
Als we dat niet zouden gedaan hebben, zouden we vorig jaar - zonder corona vorig jaar - of dit jaar allicht al overgegaan zijn. Dat willen we bewust niet. Het bewijs is hiervoor dat er al twee jaar geleden beperkende uurblokken ingevoerd zijn.
Het project zal géén afbreuk doen aan het historische erfgoed. Iedereen zal het Gravensteen kunnen blijven ervaren op de manier waarop hij/zij dat zelf graag heeft. Het magische van het kasteel is er sowieso. Altijd al geweest en dat zal altijd zo blijven.
We zien dus geen reden om de pauzeknop in te drukken, maar zullen uiteraard verder inzetten op een actieve informatiecampagne – zoals ik eerder al uitvoerig heb toegelicht – om iedereen kennis te laten met het project op basis van correcte en volledig informatie en om het ‘hoe en waarom’ ervan te duiden.
Voor eventuele volgende dergelijke oproepen zullen we uiteraard bekijken hoe er meer participatie dan hier mogelijk is, hoewel dit in de procedure van de Open Oproep (nog) niet is/was voorzien.
vr 12/02/2021 - 14:29