Terug
Gepubliceerd op 07/07/2021

Notulen  commissie onderwijs, welzijn en participatie (OWP)

wo 10/02/2021 - 19:00 Digitale zitting

Samenstelling

Aanwezig

Karin Temmerman; Elke Sleurs; Sandra Van Renterghem; Jef Van Pee; Anne Schiettekatte; Mieke Bouve; Carl De Decker; Evita Willaert; Mattias De Vuyst; Anita De Winter; Yeliz Güner; Bert Misplon; Caroline Persyn; Sonja Welvaert; Tine De Moor; Fourat Ben Chikha; Elke Decruynaere; Rudy Coddens; Astrid De Bruycker; Alana Herman; Emmanuelle Mussche

Afwezig

Gabi De Boever; Sven Taeldeman; Mehmet Sadik Karanfil; Zeneb Bensafia; Karlijn Deene; Karla Persyn; Adeline Blancquaert; Patricia De Beule; Tom De Meester; Stijn De Roo; Yüksel Kalaz; Joris Vandenbroucke; Ronny Rysermans; Anneleen Van Bossuyt; Nicolas Vanden Eynden; Cengiz Cetinkaya; Johan Deckmyn; Stephanie D'Hose; Hafsa El -Bazioui; Manuel Mugica Gonzalez; Christophe Peeters; Gert Robert; Christiaan Van Bignoot; Veli Yüksel; Tom Van Dyck; Bart De Muynck; Anneleen Schelstraete; André Rubbens; Bart Tembuyser; Jeroen Paeleman

Secretaris

Emmanuelle Mussche

Agendapunten

IR 1.

2021_MV_00050 - Mondelinge vraag van raadslid Karin Temmerman: 1 jaar Reno in Gent

Datum beslissing: wo 10/02/2021 - 20:50
Behandeld

Samenstelling

Aanwezig
Karin Temmerman; Elke Sleurs; Sandra Van Renterghem; Jef Van Pee; Anne Schiettekatte; Mieke Bouve; Carl De Decker; Evita Willaert; Mattias De Vuyst; Anita De Winter; Yeliz Güner; Bert Misplon; Caroline Persyn; Sonja Welvaert; Tine De Moor; Fourat Ben Chikha; Elke Decruynaere; Rudy Coddens; Astrid De Bruycker; Alana Herman; Emmanuelle Mussche
Afwezig
Gabi De Boever; Sven Taeldeman; Mehmet Sadik Karanfil; Zeneb Bensafia; Karlijn Deene; Karla Persyn; Adeline Blancquaert; Patricia De Beule; Tom De Meester; Stijn De Roo; Yüksel Kalaz; Joris Vandenbroucke; Ronny Rysermans; Anneleen Van Bossuyt; Nicolas Vanden Eynden; Cengiz Cetinkaya; Johan Deckmyn; Stephanie D'Hose; Hafsa El -Bazioui; Manuel Mugica Gonzalez; Christophe Peeters; Gert Robert; Christiaan Van Bignoot; Veli Yüksel; Tom Van Dyck; Bart De Muynck; Anneleen Schelstraete; André Rubbens; Bart Tembuyser; Jeroen Paeleman
Secretaris
Emmanuelle Mussche
IR 1.

2021_MV_00050 - Mondelinge vraag van raadslid Karin Temmerman: 1 jaar Reno in Gent

2021_MV_00050 - Mondelinge vraag van raadslid Karin Temmerman: 1 jaar Reno in Gent

Motivering

Toelichting/Motivering/Aanleiding

Omschrijving:

Fedasil opende in februari 2020 een tijdelijk opvangcentrum voor verzoekers om internationale bescherming in de haven van Gent.

Deze opvang gebeurt in een ‘ponton’ die aan de Rigakaai.

 

We zijn nu bijna exact één jaar later wat mij het ideale moment lijkt om eens terug te blikken naar dit toch wel bijzonder eerste jaar.

Indiener(s)
Karin Temmerman
Gericht aan
Rudy Coddens
Tijdstip van indienen
do 14/01/2021 - 08:54
Toelichting

Vragen:

- We zien in de nationale cijfers een stijging van verzoeken om internationale bescherming (asielaanvragen) door niet-begeleide minderjarigen. Toont deze trend zich ook in de bewonerssamenstelling van de Reno en is de werking daar dan aan aangepast?

Wat is verder het profiel van de bewoners? Hoeveel bewoners hebben ondertussen het opvangcentrum verlaten en waar zijn zij dan naartoe gegaan?

 

-  Hoe verloopt de relatie met de buurt? Vinden de bewoners van de Reno aansluiting met de buurt en de buurtverenigingen?

 

- Het eerste jaar van de Reno was meteen een speciaal jaar wegens corona. Wat was de impact van corona op de werking van de Reno?

En wat was specifiek de aanpak naar vrijetijdsbesteding voor jongeren gezien een heel aantal activiteiten niet mogelijk waren? Hoe werd voor hen de strijd tegen eenzaamheid aangepakt?

 

- De stad Gent heeft extra middelen voorzien voor de werking van de Reno. Hoe zijn deze middelen ingezet het afgelopen jaar?

Bespreking
Antwoord

Bedankt voor uw vraag. We zijn heel blij om hier op de commissie aandacht te kunnen geven aan de Reno, die inderdaad deze maand al één jaar terug is in Gent. En wat voor een jaar… We waren nog maar net gestart toen corona kwam. Maar we hebben er samen het beste van gemaakt: dankzij de medewerkers van de Reno, onder leiding van Roland Rosseel (aanwezig tijdens deze commissie), de bewoners, de mensen uit de buurt, onze stadsmedewerkers en middenveldpartners. Daar mogen we trots op zijn. De medewerkers en de bewoners hebben trouwens een website opgemaakt over dat jaar, met mooie getuigenissen. ’t Is de moeite waard om daar eens naar te kijken. [https://sites.google.com/view/1-jaar-reno/home] 

Momenteel zijn er 223 bewoners uit 34 verschillende landen aanwezig op de Reno. De top drie van landen van herkomst is: Afghanistan, Palestina en El Salvador. Wat overeenkomt met de nationale trends. 

Sinds de opstart van het centrum hebben ook 132 mensen de Reno verlaten. De drie grootste redenen hiervoor zijn:

  • overplaatsing naar een LOI/SOI,
  • toekenning aan een zogenaamde ‘Dublinplaats’ (dus in het land waar men het eerst asiel heeft aangevraagd),
  • en vertrek naar een onbekend adres vóór er een beslissing viel in de asielprocedure.

 

In het najaar van 2020 waren er veel meer verzoeken om internationale bescherming door niet-begeleide minderjarigen. Fedasil heeft toen de vraag gesteld aan het stadsbestuur om de opvangcapaciteit voor deze groep te verhogen van 24 naar 40 plaatsen. Die plaatsen zijn ondertussen allemaal ingevuld. Omdat die doelgroep meer en constante begeleiding nodig heeft, is de totale opvangcapaciteit verminderd van 250 naar maximum 230 plaatsen. 

De populatie van het opvangcentrum is dus zeer jong. 62% is jonger dan 26 jaar. Er werd dan ook extra aandacht besteed aan onderwijs en vrijetijdsbesteding voor die groep. 

Ten eerste: elk kind heeft een plek op een Gentse school. De twee lagere scholen waar kinderen werden opgevangen, Melopee en Edugo Sint-Bernadette, deden extra inspanningen om die vlot te integreren. Ook tijdens de lockdown en de schoolvakanties konden ze in bubbels terecht op de buitenschoolse opvang. Da’s belangrijk voor kinderen, niet alleen om gewoon te kunnen spelen maar om op die manier ook Nederlands te blijven leren. Ook de kinderactiviteiten op de Reno zelf bleven doorgaan tijdens corona, zoals huiswerkbegeleiding, knutselateliers en spelen in de buitenruimte.

Ten tweede: de adolescenten gaan allemaal naar OKAN-klassen, verspreid over vijf verschillende scholen in het Gentse. Zij konden daarnaast, op de Reno zelf, sporten, naaien, fietsen herstellen, enzovoort. Maar ze konden ook deelnemen aan het verenigingsleven, zoals bij Sportaround, Groep Intro, Refu Interim, en Move 9000. Op die manier hebben we er voor gezorgd dat iedereen, ondanks corona, toch een zinvolle tijdsbesteding bleef hebben. Da’s sowieso belangrijk, laat staan voor vluchtelingen in de stad waar ze verblijven. Voor ons is dat absoluut een onderdeel van de warme opvang waarvan wij vinden dat die mensen daar recht op hebben. 

Daarnaast was er ook nog de focus op integratie, vanaf dag 1. Ook dáár hebben we heel bewust op ingezet – onder andere door de bewoners van de Reno samen te brengen met de mensen uit de buurt. Het inspiratiemoment voor de buurtbewoners was meteen een schot in de roos. Van bij ’t begin waren er al een honderdtal buurtbewoners die bereid zich vrijwillig in te zetten voor het centrum. Dat aantal is daarna alleen maar gestegen. 

Er waren verschillende initiatieven die we coronaproof hebben kunnen laten doorgaan, zoals de “Dag van de buren”, de fotozoektocht in de buurt op Wereld Vluchtelingen Dag, het fotoproject “Echo’s uit de wijk” en de ‘Warmste wensen’ tijdens de Warmste Week. Maar de bewoners van de Reno sloten ook aan bij bestaande initiatieven in de Muide, zoals het moestuinieren in de Moeskopperij, creatief werk bij BULB of vrijwilligerswerk bij Bar Bricolage. 

We hadden nog veel meer willen doen, maar corona strooide roet in ons eten. Maar al die extra ideeën en plannen zijn daarmee niet weg natuurlijk. Zodra het kan en mag, nemen we de draad op. 

Gelukkig bleef corona, door heel strikte maatregelen, zo goed als helemaal buiten de Reno. Het is niet simpel om mensen ‘in hun kot’ te houden, laat staan als je tijdelijk op een ponton woont. Toch is dat goed gelukt. Er zijn maar vier bewoners besmet geweest. Door de aanwezigheid van een medisch team en quarantainekamers, zijn er geen uitbraken geweest. We gaan er alles aan doen om dat zo te houden. 

We zijn dus heel blij, als stadsbestuur, dat het eerste jaar van de Reno goed is verlopen, ondanks de omstandigheden. Chapeau voor iedereen die daar aan heeft meegewerkt. 

De Stad heeft daar ook financieel aan bijgedragen.

172 000 euro personeelskosten hebben we besteed aan medewerkers die de brug tussen onze stad en de Reno vormden, die mensen naar onderwijs en de buddywerking hebben toegeleid, die knelpunten voor ons in kaart brachten, en die werkten aan de overgang voor mensen die de Reno verlaten. 

We besteedden 60 000 euro aan materiele hulp en startpakketten voor bewoners, via De Olijfboom. Deze middelen worden ook in 2021 verder gezet en nog versterkt met extra werkingsmiddelen voor CAW Mindspring, CGG Eclips en INGent. 

Als ik zie wat het resultaat is, dan denk ik dat elke cent goed besteed is.

Ik kreeg zelf ook de vraag, als schepen, om een getuigenis in te sturen voor die website waar ik het in het begin over had. Ik heb geschreven dat ik het straf vond dat de kinderen die op de Reno verblijven, allemaal samen wenskaartjes gemaakt hebben voor de mensen in de buurt, eind vorig jaar. Dat die kinderen, gevlucht voor oorlog, na maanden van coronacrisis, zo’n kaartjes schrijven voor mensen die niet eens familie zijn, dat vind ik schoon. Dat geeft mij veel voldoening, en toont ook dat de Reno een geweldig project is. 

Wat ons betreft, moet onze solidariteit ook een internationale dimensie hebben – wel, onder andere door ons werk voor de Reno zorgen we daar voor. Ik hoop dus dat ook 2021 een sterk en solidair jaar wordt op de Reno… en dat we stilaan weer wat meer mogelijkheden krijgen. We zullen zien…

do 11/02/2021 - 09:47
IR 2.

2021_MV_00083 - Mondelinge vraag van raadslid Sandra Van Renterghem: Ondersteuning initiatieven voor huistaakbegeleiding (vzw Mariam)

Datum beslissing: wo 10/02/2021 - 20:50
Behandeld

Samenstelling

Aanwezig
Karin Temmerman; Elke Sleurs; Sandra Van Renterghem; Jef Van Pee; Anne Schiettekatte; Mieke Bouve; Carl De Decker; Evita Willaert; Mattias De Vuyst; Anita De Winter; Yeliz Güner; Bert Misplon; Caroline Persyn; Sonja Welvaert; Tine De Moor; Fourat Ben Chikha; Elke Decruynaere; Rudy Coddens; Astrid De Bruycker; Alana Herman; Emmanuelle Mussche
Afwezig
Gabi De Boever; Sven Taeldeman; Mehmet Sadik Karanfil; Zeneb Bensafia; Karlijn Deene; Karla Persyn; Adeline Blancquaert; Patricia De Beule; Tom De Meester; Stijn De Roo; Yüksel Kalaz; Joris Vandenbroucke; Ronny Rysermans; Anneleen Van Bossuyt; Nicolas Vanden Eynden; Cengiz Cetinkaya; Johan Deckmyn; Stephanie D'Hose; Hafsa El -Bazioui; Manuel Mugica Gonzalez; Christophe Peeters; Gert Robert; Christiaan Van Bignoot; Veli Yüksel; Tom Van Dyck; Bart De Muynck; Anneleen Schelstraete; André Rubbens; Bart Tembuyser; Jeroen Paeleman
Secretaris
Emmanuelle Mussche
IR 2.

2021_MV_00083 - Mondelinge vraag van raadslid Sandra Van Renterghem: Ondersteuning initiatieven voor huistaakbegeleiding (vzw Mariam)

2021_MV_00083 - Mondelinge vraag van raadslid Sandra Van Renterghem: Ondersteuning initiatieven voor huistaakbegeleiding (vzw Mariam)

Motivering

Toelichting/Motivering/Aanleiding

-

Indiener(s)
Sandra Van Renterghem
Gericht aan
Elke Decruynaere
Tijdstip van indienen
di 02/02/2021 - 10:20
Toelichting

De Stad Gent ondersteunt organisaties die zicht inzetten op vlak van huistaakbegeleiding. De vzw’s Uilenspel en Kompanjon ontvangen een jaarlijkse subsidie van respectievelijk 110.000 euro en 80.000 euro (voor de periode 2020-22). Daarnaast is er het stedelijk subsidiereglement dat dergelijke organisaties ondersteunt met een basisbedrag van 1200 euro en 20 euro per 5 kinderen (bovenop 10) en 50 euro per 5 vrijwilligers (eveneens bovenop 10), waarbij één van de voorwaarden is dat de aangeboden studiebegeleiding gratis is. 

De vzw Mariam zet zich sinds 2003 in in onze stad op vlak van huistaakbegeleiding. Tot op heden werden ruim 1500 kwetsbare kinderen en jongeren op die manier geholpen. De vzw werkt hierbij samen met diverse Gentse scholen. Tot 2014 waren ze gehuisvest in de oude school op het Eilandje Malem, die evenwel dienden te verlaten. Ze vonden nadien onderdak in de Fluweelstraat. De vzw kiest ervoor om bij de huistaakbegeleiding het Nederlands te hanteren en zegt daarmee goede resultaten te behalen. In het recente dekoloniseringsrapport van de stedelijke werkgroep ter zake wordt evenwel huiswerkbegeleiding in de thuistaal bepleit. 

Vandaar mijn vragen: 

  1. Hoe staat de schepen tegenover huistaakbegeleiding in de thuistaal? 
  2. Welke ondersteuning geeft de stad aan de vzw Mariam? 
  3. Waarom is er met de vzw Mariam geen samenwerkingsovereenkomst vergelijkbaar met deze met de genoemde vzw’s?
Bespreking
Antwoord

Dank je wel voor de vraag, collega Van Renterghem.

Eerst en vooral, ik geloof heel sterk in het nut dat extra huistaakbegeleiding kan helpen. Zeker als je het wat breder ziet. Wij spreken niet over huiswerkbegeleiding, maar over studiebegeleiding, omdat het niet enkel kan helpen bij het maken van het huiswerk. Er bestaat onder onderwijskundigen trouwens ook debat over de zin of de onzin van huiswerk, en de vraag of huiswerk de kloof niet net groter maakt. Maar waar geen debat over bestaat en wat ook wordt aangetoond door wetenschappelijk onderzoek is dat naschools extra inzetten op studiebegeleiding voor bijvoorbeeld voor leerlingen met een kwetsbare thuissituatie of omdat er een leerachterstand is, is extra inzetten op begeleiding een goede zaak is. 

Het is zelfs sterker, ook werken met tutoring, zo geeft onderzoek ook uit, waarbij een soort voorbeeldfiguur een leerling onder de arm neemt en extra ondersteunt – naast al het werk dat scholen doen - is een van de belangrijkste dingen die we kunnen doen om te werken aan gelijke onderwijskansen. Vanuit het belang dat wij hieraan hechten, hebben we het budget hiervoor deze legislatuur verdubbeld ten opzichte van de vorige legislatuur. Iets waarvoor ik ook heel graag samenwerk met collega Coddens. We geloven heel hard in de kracht hiervan en hoe dit het verschil kan maken. 

De rol die ouders spelen bij de begeleiding van de schoolloopbaan een heel belangrijke rol, maar niet elke ouder kan de ondersteunende rol even goed op zich nemen. Daar kunnen  deze organisaties een belangrijke rol opnemen en waar we het verschil kunnen maken

We spreken ons daarbij niet uit of dit enkel kan in de thuistaal of in het Nederlands.  

We willen kijken naar de situatie van het kind en we willen inschatten wat voor het kind het meest nodig is. En op basis van die individuele situatie willen we aan de slag gaan. Het spreekt nogal voor zich dat als taalachterstand het werkpunt is, dat het zeer belangrijk is om extra op dat Nederlands te gaan inzetten. Ik kan u dan ook meegeven dat de meeste initiatieven die studiebegeleiding doen volledig in het Nederlands. Wat niet wegneemt dat er ook zijn die vertrekken van de thuistaal, of die de thuistaal af en toe inschakelen om – om een voorbeeld te geven, als de ouders anderstalig zijn, kan het ook goed zijn om hen in de thuistaal te kunnen aanspreken. Als het de leerling zelf en de schoolloopbaan maar vooruit helpt. Op die manier wordt er leerling per leerling naar een antwoord gezocht. We willen daarbij zeker het ene initiatief niet anders benaderen dan een andere. We gaan daar heel pragmatisch mee om. Het kan aangewezen zijn om wordt – als men inschat dat de communicatie met de ouders zeer belangrijk is, dat er in de thuistaal gecommuniceerd wordt. Maar het kan even goed zijn om alles in het Nederlands te laten doorgaan als men inschat dat dat het meest aangewezen is. We leggen daar vanuit de stad niks op en houden een open blik en kijken vooral naar wat werkt.  

Om op jouw tweede vraag te antwoorden, waarom er met deze vzw nog geen samenwerkingsovereenkomst gesloten is. Het is absoluut zo dat ze in aanmerking komen voor het subsidiereglement, op voorwaarde dat ze hun aanbod gratis doen. 

Het is zo dat we hebben we in het verleden al contacten gehad en gefaciliteerd bij het zoeken naar een onderkomen. Ik was vorig jaar trouwens nog zelfs aanwezig bij de diploma-uitreiking. We hebben hen op een bepaald moment ook mee helpen zoeken naar een andere locatie.  Er zijn dus al contacten geweest, en we hebben hen ook al verwezen naar het reglement. Maar dan moeten ze hun werking ook gratis moeten aanbieden, en ik heb begrepen dat dat voor hen tot nu toe een van de struikelblokken is. Maar het moment dat ze aangeven dat gratis te willen doen, kunnen ze zeker ook mee onder de subsidieovereenkomst vallen. 

Ik maak wel een onderscheid tussen het subsidiereglement voor deze organisaties en de twee organisaties met wie de convenanten hebben. Daar werken ze toch nog op een ander niveau. Daar werken telkens een aantal professionele beroepskrachten, maar dat zijn niet de mensen die de bijlessen geven of de huistaakbegeleiding doen. Maar wel de mensen die op zoek gaan naar vrijwilligers en zorgen voor een match tussen de vrijwilligers en de gezinnen. Ze werken ook samen met de hogescholen. 

Ik kan je meegeven dat Uylenspel, die iets minder lang bestaat – sinds 2008 2300 kinderen bereikt, bij Kompagnon spreken we van 1700 unieke kinderen.

Zij hebben een dubbele rol: ze organiseren niet alleen de ondersteuning van gezinnen en kinderen. Ze werken trouwens minder klassikaal dan vzw Mariam, het is meer contextbegeleiding van het hele gezin en gaat dus veel breder dan enkel helpen bij het huiswerk. 

Ten tweede staan zij ook in voor de begeleiding van alle andere huiswerkinitiatieven die we hebben in onze stad. Mariam vzw. is daar één van, maar er zijn er vele andere. Actief vzw. is zo’n voorbeeld van een organisatie die de laatste jaren is ontstaan en ook zeer goed werk doet in de begeleiding van kinderen in hun schoolloopbaan. En zij kunnen rekenen op de expertise van Uylenspel en Kompagnon om hen te ondersteunen in hun opdracht.

Zij hebben van ons dus een tweede opdracht gekregen om al deze initiatieven, zoals Mariam vzw. in tweede lijn te ondersteunen.  

Dus we staan absoluut open voor een samenwerking met Mariam vzw., op voorwaarde dat ze gratis de begeleiding aanbieden en bereid zijn om in te stappen in het verhaal van het reglement, wat tot nu toe niet het geval was. Maar die openheid is er vanuit de kant van de stad zeker. En nogmaals zowel het enkel met Nederlands werken is absoluut een pedagogische methode die zeer zinvol kan zijn, wil men gericht gebruik maken van de thuistaal , dan kan dat ook. 

Ik denk dat het aangewezen is om te kijken wat werkt voor welk kind in welke situatie. Ik doe daar geen uitspraken over. Het is zeker niet zo dat ik zou willen zeggen dat de aanpak van Mariam vzw meer of minder waard is. Ik denk ook niet aan ons is om zoiets te zeggen.  

Van Renterghem: dank u voor uw antwoord. Het is uiteraard heel belangrijk dat er huistaakbegeleiding is, niet alleen met het huiswerk maar de bredere begeleiding. Zeker nu, de achterstand is groot, zeker bij precaire gezinnen. Maar ik denk dat we alle handvatten die er zijn, alle vzw’s die hierrond werken zullen nodig hebben. Hoe meer hoe liever, want die kinderen zitten wel met deze problematieken.
 Ik begrijp dat het een voorwaarde is om subsidies te krijgen dat het aanbod gratis is, wat ik wel kan begrijpen, je kan niet van twee walletjes eten. Het komt er gewoon op neer dat hoe meer kinderen begeleiding kunnen krijgen, zeker in de huidige tijden. 

Het is mijn oproep om iedereen die zich hiervoor wil engageren, daar ook in ondersteund kan worden. Misschien inderdaad niet voor subsidies, maar vzw Mariam heeft ongetwijfeld ook expertise te delen. Zodanig dat zoveel mogelijk kinderen geholpen kunnen worden. Misschien moeten we die organisaties eens samenbrengen om expertise uit te wisselen.  

Schepen: Nog kort even vermelden dat we naar aanleiding van Corona leerachterstand 1 miljoen extra investeren als stadsbestuur en een deel daarvan is ook bedoeld om deze organisaties extra te ondersteunen. 

Ten tweede is het idee om die organisaties samenbrengen is inderdaad een heel goed idee, ongelofelijk waardevol. We doen dit al vanuit Onderwijscentrum Gent. We zullen dat ook blijven doen en ik hoop dat vzw Mariam inderdaad zal ingaan op onze uitnodiging. Want onze filosofie is inderdaad, en dat is mijn streefdoel, dat elk kind in Gent die hier nood aan heeft op deze ondersteuning zou kunnen rekenen. En als we dat doel willen bereiken, dan hebben we echt iedereen nodig.  

ma 15/02/2021 - 15:29
IR 3.

2021_MV_00085 - Mondelinge vraag van raadslid Sonja Welvaert: Gratis menstruatie-producten op Gentse stadsscholen

Datum beslissing: wo 10/02/2021 - 20:50
Behandeld

Samenstelling

Aanwezig
Karin Temmerman; Elke Sleurs; Sandra Van Renterghem; Jef Van Pee; Anne Schiettekatte; Mieke Bouve; Carl De Decker; Evita Willaert; Mattias De Vuyst; Anita De Winter; Yeliz Güner; Bert Misplon; Caroline Persyn; Sonja Welvaert; Tine De Moor; Fourat Ben Chikha; Elke Decruynaere; Rudy Coddens; Astrid De Bruycker; Alana Herman; Emmanuelle Mussche
Afwezig
Gabi De Boever; Sven Taeldeman; Mehmet Sadik Karanfil; Zeneb Bensafia; Karlijn Deene; Karla Persyn; Adeline Blancquaert; Patricia De Beule; Tom De Meester; Stijn De Roo; Yüksel Kalaz; Joris Vandenbroucke; Ronny Rysermans; Anneleen Van Bossuyt; Nicolas Vanden Eynden; Cengiz Cetinkaya; Johan Deckmyn; Stephanie D'Hose; Hafsa El -Bazioui; Manuel Mugica Gonzalez; Christophe Peeters; Gert Robert; Christiaan Van Bignoot; Veli Yüksel; Tom Van Dyck; Bart De Muynck; Anneleen Schelstraete; André Rubbens; Bart Tembuyser; Jeroen Paeleman
Secretaris
Emmanuelle Mussche
IR 3.

2021_MV_00085 - Mondelinge vraag van raadslid Sonja Welvaert: Gratis menstruatie-producten op Gentse stadsscholen

2021_MV_00085 - Mondelinge vraag van raadslid Sonja Welvaert: Gratis menstruatie-producten op Gentse stadsscholen

Motivering

Toelichting/Motivering/Aanleiding

Het Caritas-rapport "Dubbel Taboe" toont de harde cijfers dat 1 op 8 jongeren menstruatie-middelen niet kan betalen en daardoor in veel gevallen zelfs thuis blijft van school. Dit rapport wijst op het dubbele taboe: het taboe op armoede en het taboe op menstruatie. Menstruatie-armoede kan ook medische problemen veroorzaken die ernstig kunnen evolueren. Eén van de aanbevelingen uit het rapport is het gratis aanbieden van menstruatie-producten op scholen als laagdrempelige maatregel.

Op de gemeenteraad van november werd ons voorstel nog weggestemd. Ondertussen zien we dat er verschillende debatten werden gevoerd in het Vlaams Parlement. Na een vraag van Hannelore Goeman (sp.a) op de onderwijscommissie van het Vlaams Parlement op 28/01/2021 werd duidelijk dat minister Weyts open staat voor een proefproject om menstruatie-armoede aan te pakken. Zo'n proefproject gebeurt volgens de minister het best in een stedelijke context. 

Eerder (02/12/2020) diende sp.a samen met Groen een resolutie in bij het Vlaams Parlement om deze producten gratis aan te bieden op school. Signalen van verschillende partijen uit de meerderheid van het stadsbestuur geven duidelijk aan bereid te zijn om het voorbeeld te geven en een proefproject op te starten met gratis menstruatie-middelen op stadsscholen. Ook in andere gemeenten worden ondertussen lokale initiatieven genomen om aan dit probleem te werken. 

Gent zal hier een voortrekkersrol opnemen in de bestrijding van menstruatie-armoede en het bespreekbaar maken van deze taboes bij jongeren.

Indiener(s)
Sonja Welvaert
Gericht aan
Elke Decruynaere
Tijdstip van indienen
di 02/02/2021 - 16:57
Toelichting

  • Is er overleg geweest met de Gentse stadsscholen en relevante organisaties om de problematiek van menstruatie-armoede te bespreken? Zo ja, wat waren de resultaten van dit overleg?

  • Gent kan een voortrekkersrol opnemen voor de rest van Vlaanderen door menstruatie-producten gratis en op een discrete manier aan te bieden op stadsscholen. Is het stadsbestuur bereid om een proefproject op te starten met het aanbieden van gratis menstruatie-producten op Gentse stadsscholen?

Bespreking
Antwoord

We hebben het hier inderdaad uitgebreid op de Gemeenteraad gehad. Wat mij het meest getroffen heeft is dat cijfer van 5% van de meisjes geeft aan soms zelfs niet naar school te komen omdat ze de financiële middelen niet hebben om maandverband of tampons te kopen. Als schepen van onderwijs treft me dat heel erg. Ik vind dat we er alles aan moeten doen om ervoor te zorgen dat elke leerling elke dag op school geraakt. 

Alleen is de vraag – ik heb dat toen ook geantwoord - wat dan de beste oplossing is. In de eerste plaats ervoor zorgen dat iedereen een voldoende groot inkomen heeft, zodanig dat het probleem zich niet stelt en ze de keuze niet hoeven te maken tussen eten of maandverband. 

Twee is het belangrijk dat de focus van de scholen in de eerste plaats op onderwijs ligt. Ik geloof dat we structureel het inkomen van de mensen moeten verhogen tot boven de armoedegrens. Maar als we in tussentijd vaststellen dat deze realiteit de leerlingen thuis houdt, dan moeten we daarmee aan de slag. Alleen denk ik dat we het niet aan de scholen alleen kunnen laten, maar dat we moeten zoeken naar een samenwerking. Net zoals we voor de lege boterhamdozen ook gedaan hebben: het zijn niet de leerkrachten die vervolgens begonnen zijn boterhammen te smeren en soep te maken. We zijn met het OCMW begonnen met het project Kinderen Eerst waar er OCMW-medewerkers op school komen, die ervoor zorgen dat de sociale situatie van de gezinnen structureel bekeken en verbeterd wordt. We hebben ook een proefproject dat start bij kleuters over betaalbare maaltijden, opnieuw is dit een goede samenwerking met collega Coddens en is dat niet iets dat we aan de scholen alleen over laten.

Dat heb ik u ook geantwoord in november.   

Ik ben toen ook een aantal engagementen aangegaan om te bespreken met de scholen over welk engagement zijn zichzelf zien opnemen en welke hun ervaring is. Ik had dat toen al kunnen doen met de stedelijke scholen maar de vraag van de PVDA was toen om in alle scholen automaten te voorzien, waarin het materiaal gratis voor alle leerlingen beschikbaar was. Maar de scholen gaven ook aan dat zij eigenlijk al deze middelen voorzien en men was niet overtuigd van het nut om dat via die automaten te gaan doen.  

Ten tweede kadert deze vraag ook binnen het bredere armoedebeleid. Er loopt een traject over materiële steun die gegeven wordt vanuit de sociale diensten van de stad Gent, en dan gaat het over voedsel maar ook over hygiënische producten. Want deze vraag, en dit probleem van menstruatiearmoede is een probleem dat zich niet alleen op scholen voordoet, maar er zijn ook jonge vrouwen die niet meer naar school gaan, maar wel een job hebben bijvoorbeeld, en daar ook met deze problematiek te kampen krijgen. En binnen de sociale dienstverlening is men aan het onderzoeken hoe we naast het voorzien van voedsel en kleren bijvoorbeeld ook hygiënische producten beschikbaar stellen en daarvoor gebruik maken van de verschillende punten in deze stad, zoals de Krasdiensten bijvoorbeeld. Maar dat is een traject, zo heb ik begrepen van collega Coddens, dat nog in volle voorbereiding is, maar wel interessant is om hier te melden.  

En dan was het inderdaad kijken naar wat er zou komen van de hogere overheden. Er is intussen de mogelijkheid om een proefproject op te zetten. De federale regering heeft 100.000 euro beschikbaar gesteld, met een maximum van 5000 euro per project. En ik kan u meegeven dat we in Gent zeer graag een van die proefprojecten zouden zijn. Dus wij gaan een voorstel indienen. De deadline is zeer strak, nl. 15 februari. Bovendien kunnen wij als stad zelf geen proefproject indienen, aanvragen moeten lopen via een lidorganisatie van de Vrouwenraad. Dat is zo beslist door de federale minister van armoedebestrijding, Lallieux, die er echt ook voor gekozen heeft om het genderperspectief in te brengen en om het ook vanuit die gelijke kansen-bril te gaan bekijken.

We kunnen ons zelf als stad dus niet kandidaat stellen, maar wel via een lidorganisatie en we hebben deze intussen ook gevonden. We zouden met VIVA Oost-Vlaanderen is op dit moment aan het bekijken of we via de Sociale dienst van de stad en het Onderwijscentrum Gent, waardoor we ook de link leggen met de scholen, of we inderdaad een projectvoorstel kunnen indienen waarin er dan in een aantal scholen deze middelen gratis ter beschikking worden gesteld op nog een andere manier dan nu al het geval is. Want nogmaals, voor de duidelijkheid, op dit moment in alle scholen in Gent is dat materiaal voor handen. Maar de manier waarop die ter beschikking worden gesteld verschilt. Soms is dat via een vertrouwenspersoon, via de leerlingenbegeleiding, via het schoolsecretariaat en wat we in dit project willen nagaan, is of dit voldoende is. Of er toch niet op een andere manier, of op een andere plek meer materiaal beschikbaar kan of moeten worden gesteld.   

Het idee zou zijn, gelet op het feit dat het budget beperkt is, is om ons te focussen op secundaire scholen met een B-stroom, omdat daar de meest kwetsbare leerlingen zitten en ook het buitengewoon secundair onderwijs zou ik graag meenemen in dit project. Het geeft ook de kans om hierover met de scholen verder in gesprek te gaan.  

Wat ik zeker ook wil doen, ik heb mij daar ook toe geëngageerd, is om over dit onderwerp in gesprek gaan met de jongeren zelf, via Jong Gent in Actie. Dit om te polsen welke ervaringen zij hebben hiermee in de Gentse scholen en welke voor hen mogelijke stappen vooruit zouden zijn.   

Ik denk dat dit op die manier, door samen te werken niet alleen vanuit gelijke kansen met de vrouwenorganisatie, maar ook met de sociale dienst en met de scholen, op die manier denk ik dat we een zinvol proefprojecten kunnen opzetten. Zonder dat we alles in het bakje van de scholen leggen. Want intussen hebben we dit twee keer besproken in de regiegroep onderwijs van het Onderwijscentrum, waar alle secundaire scholen in vertegenwoordigd worden, en zij geven aan dat ze op dit moment met corona en alles wat dat van hen vraagt – daar gaan we het straks nog over zullen hebben – maar ook met de modernisering van het onderwijs, die zaken vragen allemaal heel veel van onze scholen. En verwachten dat ze in deze nog eens een trekkende rol zouden opnemen, is echt niet aan de orde. Maar ik denk dat als we de krachten bundelen, de handen in elkaar slaan, dat het moet lukken om een zinvol project vanuit Gent op een aantal scholen op poten te zetten, waaruit we dan lessen kunnen trekken voor een mogelijke verdere uitrol. Maar zo kunnen we dat op een doordachte manier doen, die gedragen wordt door de scholen en de jongeren zelf.  

Mevrouw Welvaert: zeer blij om te horen dat er een partner gevonden werd om in te dienen en ook dat hierover het gesprek met jongeren zal aangegaan worden. Alle begrijp voor het feit dat er nu heel veel op de scholen afkomt en zij geen trekkersrol kunnen opnemen, maar ik denk dat we op de manier waarop u het voorstelt, om dit in een partnerschap en in dialoog op te nemen, dat dit een toch een mooi project kan worden. 

Ik wil u dus vooral bedanken. 

ma 15/02/2021 - 15:27
IR 4.

2021_MV_00090 - Mondelinge vraag van raadslid Mieke Bouve: Corona-update in het Stedelijk Onderwijs

Datum beslissing: wo 10/02/2021 - 20:50
Behandeld

Samenstelling

Aanwezig
Karin Temmerman; Elke Sleurs; Sandra Van Renterghem; Jef Van Pee; Anne Schiettekatte; Mieke Bouve; Carl De Decker; Evita Willaert; Mattias De Vuyst; Anita De Winter; Yeliz Güner; Bert Misplon; Caroline Persyn; Sonja Welvaert; Tine De Moor; Fourat Ben Chikha; Elke Decruynaere; Rudy Coddens; Astrid De Bruycker; Alana Herman; Emmanuelle Mussche
Afwezig
Gabi De Boever; Sven Taeldeman; Mehmet Sadik Karanfil; Zeneb Bensafia; Karlijn Deene; Karla Persyn; Adeline Blancquaert; Patricia De Beule; Tom De Meester; Stijn De Roo; Yüksel Kalaz; Joris Vandenbroucke; Ronny Rysermans; Anneleen Van Bossuyt; Nicolas Vanden Eynden; Cengiz Cetinkaya; Johan Deckmyn; Stephanie D'Hose; Hafsa El -Bazioui; Manuel Mugica Gonzalez; Christophe Peeters; Gert Robert; Christiaan Van Bignoot; Veli Yüksel; Tom Van Dyck; Bart De Muynck; Anneleen Schelstraete; André Rubbens; Bart Tembuyser; Jeroen Paeleman
Secretaris
Emmanuelle Mussche
IR 4.

2021_MV_00090 - Mondelinge vraag van raadslid Mieke Bouve: Corona-update in het Stedelijk Onderwijs

2021_MV_00090 - Mondelinge vraag van raadslid Mieke Bouve: Corona-update in het Stedelijk Onderwijs

Motivering

Toelichting/Motivering/Aanleiding

Gezien de stijging van het aantal besmettingen in de Gentse scholen is het alweer alle hens aan dek voor de scholen. Ook de verspreiding van de Britse variant leidt tot ongerustheid bij het personeel en de ouders. Om de basisscholen open te houden, komen er extra maatregelen. De Gentse basisscholen moeten ten laatste op maandag 8 februari overgeschakeld zijn op code rood.

De schepen gaf al aan dat de leerkrachten en de leerlingen dreigen eronderdoor te gaan. Leerkrachten en leerlingen vallen uit, de leerlingen hun mentaal welbevinden zakt zienderogen en het afstandsonderwijs is voor velen nog steeds moeilijk.

Naar aanleiding van deze ontmoedigende evolutie bij de ouders, personeel, leerkrachten en schooldirecties enkele opvolgvragen omtrent de huidige situatie.

Indiener(s)
Mieke Bouve
Gericht aan
Elke Decruynaere
Tijdstip van indienen
wo 03/02/2021 - 09:29
Toelichting

Vragen : 

  1. Hoe is de situatie momenteel qua besmettingen in de Gentse scholen ?  
  2. Is er voldoende personeel en capaciteit om de (snel)testen uit te voeren ?
  3. Ik las in de pers dat de schepen in gesprek is met minister Weyts  ivm bijkomende maatregelen en ondersteuning. Wat is de stand van zaken ?
  4. Hoe ervaren de leerkrachten, die nu al op hun tandvlees zitten, de overschakeling naar code rood vanaf 8 februari, dit vraagt opnieuw een aanpassing aan de schoolwerking ?
Bespreking
Antwoord

Hierover kan ik u meegeven dat de cijfers van het aantal besmettingen in het basisonderwijs helaas nog verder aan het stijgen is. Twee weken geleden was het echt onrustwekkend, toen zagen we zowel bij de leerlingen als bij de leerkrachten een verdrievoudiging van het aantal besmettingen op een week tijd. Dat is ook de reden waarom we ingegrepen hebben en in Gent beslist hebben om voor het basisonderwijs naar code rood te gaan, we zijn daar zeker niet licht over gegaan. Maar het feit dat het cijfer bij de leerlingen van het basisonderwijs nog steeds stijgt, gelukkig niet meer zo exponentieel, maar er zat toch opnieuw een stijging op ten opzichte van de week ervoor, toont denk ik dat we wel een juiste beslissing genomen hebben.  

Voor het secundair onderwijs – leerlingen én leerkrachten – is er wel een daling ingezet, dus dat is positief nieuws. Dus ik hoop dat die daling zich kan voortzetten en ik hoop dat ook het aantal besmettingen verder naar beneden zal gaan. 

Voor het basisonderwijs stijgt het dus nog wel, maar als die cijfers terug dalen naar een aanvaardbaar niveau, dan zullen we opnieuw moeten overwegen om naar code oranje te schakelen. Maar we mogen dat niet te snel doen, want wat we absoluut willen vermijden is een soort flip-flop beleid waar de scholen om de haverklap moeten bijsturen. Dat is wat we op het einde van vorig schooljaar is gebeurd, daar was ook wel begrip voor omdat de situatie toen ook heel snel veranderde en we wisten veel minder waar we voor stonden dan nu. Dus nu willen we voorzichtig zijn en de cijfers opvolgen. We hopen dat over enkele weken te kunnen terugschakelen naar oranje, maar op dit moment kunnen we dat nog niet doen aangezien het aantal positieve testen in het basisonderwijs nog stijgt. 

Ik kan u ook meegeven dat er intussen een tweede school volledig getest is. Een aantal weken geleden was er het verhaal van een eerste basisschool die volledig getest is geweest omdat er sprake was van één van de nieuwe varianten en omdat er in verschillende klassen zowel bij personeel als bij leerlingen positieve testen waren. Dan is het mogelijk – als er een overeenkomst over bestaat tussen het CLB, de bevoegde arts van het agentschap en het lokaal bestuur om een volledige school te laten testen. We doen dat niet zomaar, er moet wel echt sprake zijn van toch een bepaald aantal positieve testen op een school, maar dan is het dus mogelijk om een volledige school te laten testen. We hebben dat nu voor een tweede keer gedaan. Ik kan u ook wel meegeven dat de uitslagen ook wel geruststellend zijn. In die zin dat daar maar één bijkomende positieve test is uit gekomen en één iemand die hertest moest worden omdat de uitslag niet duidelijk genoeg was, maar dat is dus een heel beperkt aantal extra positieve testen die daaruit komen. Uiteraard gaan die leerlingen nu in quarantaine en ook hun hoog risico-contacten. Maar dit toont wel dat we met de veiligheidsmaatregelen die op dit moment gelden op die scholen waar er veel positieve testen zijn, door voldoende snel te kunnen testen en de juiste quarantainebeslissingen te kunnen nemen, dat we de situatie in die scholen ook wel onder controle kunnen krijgen – wat super belangrijk. Namelijk dat die besmettingen op school niet verder doorgegeven worden. 

Dit wat betreft de situatie op dit moment in Gent.

U vroeg ook of er voldoende personeel en capaciteit is om al die testen en sneltesten uit te voeren. 

Ik kan u aangeven dat er zeker voldoende testcapaciteit is, zowel voor de PCR-testen als voor de sneltesten. Wat de afgelopen week wel niet altijd even goed verliep, was de snelheid waarmee men kon getest worden. Op één week tijd is er immers een verdubbeling van het werk van de CLB’s, terwijl zij niet dubbel zoveel medewerkers voor handen had. Er waren ook nog niet de juiste afspraken tussen het federale en het Vlaamse niveau. Dan ging het over duidelijkheid wanneer een sneltest of PCR-test werd ingezet en vooral wie de testen kon afnemen. Sneltesten van Onderwijs Vlaanderen konden enkel afgenomen hebben door vrijwilligers van het Rode Kruis, maar die werken enkel tussen 17u en 20u ‘s avonds omdat dat dat vrijwilligers zijn en dus overdag niet beschikbaar zijn. Maar u zult begrijpen dat door dat beperkt aantal uren per dag er ook maar een beperkt aantal testen kon afgenomen worden. 

We hebben dit aangekaart en is men gaan zoeken naar een oplossing, en ik kan u meegeven dat onze vraag , onze ‘Gentse’ strategie – waarin we wel al die zaken op elkaar hebben kunnen afstemmen – sinds gisteren door Vlaanderen goedgekeurd werd. Dit is super belangrijk en op dit vlak kan ik u alvast geruststellen. 

Wel wil ik graag meegeven dat wat betreft de capaciteit bij de CLB’s, dat we daar wel nog met een issue zitten. Op het moment dat er een piek is, dan is het belangrijk dat we die piek ook kunnen opvangen. Het zou de norm moeten zijn dat als een school meldt dat er een leerling of leerkracht positief getest is, dat diezelfde dag duidelijkheid moet kunnen gegeven worden over wie in quarantaine moet, wie getest moet worden. Elke dag dat daarmee gewacht wordt is een verloren dag waarin er potentieel nieuwe besmettingen gebeuren. Dit om maar even aan te geven hoe groot de druk op de CLB’s was. 

Tot vorige week waren er 1751 meldingen gebeurd bij de Gentse CLB’s, die werken trouwens – en daar zijn we uniek in in Vlaanderen – netoverstijgend hiervoor samen. Het gaat over pieken van zo’n 60 meldingen per dag. Vorige week waren er tot 30 meldingen per dag. Dat resulteerde tot telkens 125 leerlingen die in quarantaine moesten gaan. We hebben in Gent de middelen gebundeld om op die manier ervoor te zorgen dat er zeven dagen op zeven gewerkt wordt tussen 7 uur en 19 uur op weekdagen – en toegegeven zelfs ook soms wat langer om er zeker van te zijn dat de scholen de dag zelf nog een antwoord krijgen, dat de leerlingen en leerkrachten weten of ze de dag nadien op school moeten zijn of niet. 

Maar ook in het weekend wordt er doorgewerkt. Daar zijn vijf medewerkers voor nodig in een 70-uren week om dit rond te krijgen. Dat gaat over tien voltijdse krachten, met steeds een arts als back-up, waar de medewerkers die een risico moeten inschatten dit ook altijd kunnen toetsen aan een medisch expert. 

Maar we stellen vast dat er op bijkomende piekmomenten ook nog extra hulp nodig is. Daar is vanuit Vlaanderen al eerder in tussengekomen. Maar we merken dat dit met de nieuwe teststrategie niet altijd voldoende is. 

Bovendien geldt de extra hulp vanuit Vlaanderen tot eind maart, maar zelfs de grootste optimisten onder ons voelen aan dat corona in april nog niet voorbij zal zijn en er dus ook die extra hulp zal nodig zijn in april, mei en juni. Dat is een vraag die nog open ligt bij Vlaanderen. 

Dus als u vraagt wat er intussen is afgeklopt. De teststrategie  en de onduidelijkheid daarover is intussen opgelost. Dat hebben we in overleg met de minister en de diensten zowel Vlaams als federaal kunnen oplossen. De verlenging na maart is nog een openstaande vraag. En het is ook zo dat we nog op zoek zijn naar een contacttracer en één arts om die piekmomenten goed te kunnen opvangen. We willen ook via Gent Info werken en intussen hebben zij beslist om hiervoor samen te werken met een callcenter om op die piekmomenten mee te helpen om te telefoneren. We hebben ook de toezegging dat de factuur door het Agentschap Zorg zal gedragen worden, om dit ook te kunnen opvangen bij een volgende. Vanuit de stad Gent geven wij 130.000 euro extra aan de CLB’s. 

Als ik even op uw laatste vraag over de code rood mag ingaan: het klopt dat de code rood vanaf 8 februari inderdaad extra druk legt op de scholen. Ik denk dat we dat niet mogen onderschatten. Het was een noodzakelijke maatregel: dat kunnen we aantonen met de cijfers, maar ook met de signalen die we in die week gekregen hebben vanuit het onderwijsveld, onder andere van een aantal leerkrachten en schooldirecties, die de grote stijging toen voelden en aangaven het niet langer te trekken. Er was ook grote ongerustheid bij het personeel, dat niet goed begreep waarom er deze week voor het secundair onderwijs een afkoelingsweek was maar voor het basisonderwijs niet, zeker als men zag dat de cijfers zo toenamen vooral in het basisonderwijs. Het is daarom, op basis van die toename in het basisonderwijs en omdat er in tegenstelling tot het secundair waar er vanuit Vlaanderen wel extra maatregelen voorzien werden maar niet voor het basisonderwijs, dat we in Gent beslisten te schakelen naar code rood. Deze beslissing betekent dat er meer gepoetst moet worden, dat er geen uitzonderingen meer mogelijk zijn op de extra muros activiteiten, dat er geen warme maaltijden meer aangeboden kunnen worden. Over dat laatste, kan ik u aangeven, dat we daar niet licht overgegaan zijn. U weet zeer goed dat collega Coddens en ikzelf die warme maaltijden zeker voor de kwetsbare leerlingen zeer belangrijk vinden. Ik heb ook nog aan de minister gevraagd of we konden naar code rood gaan, maar een uitzondering krijgen voor de warme maaltijden. Ik heb daar geen positief antwoord op gekregen, waaruit ik concludeer dat het feit dat men in de draaiboeken voorziet dat de warme maaltijden in die code niet meer kunnen, dat dit ook met een reden is, dat men in een fase van verhoogde waakzaamheid vanuit virologisch oogpunt dat het niet aangewezen is om nog met z’n allen samen die warme maaltijden te nuttigen in de refter. Het is daarom dat we die beslissing hebben genomen, en nogmaals: we volgen de cijfers goed op en als we een daling zien in de besmettingen en dat even kunnen aanhouden, dan kunnen we overwegen om terug te schakelen naar code oranje. 

Tegelijk hebben we zeker ook begrip voor de extra druk dat dit legt op de scholen. Het is ook daarom dat we vanuit de stad extra helpende handen voorzien. We hebben intussen ook in het college beslist om voor de rest van het schooljaar opnieuw 350.000 euro vrij te maken om – daar waar er leerkrachten wegvallen door corona – extra hulp te voorzien om de school te kunnen open houden. Dit verloopt via het Onderwijscentrum Gent en we weten dat dit door de scholen heel erg geapprecieerd wordt. 

Intussen heeft ook minister Weyts 10 miljoen euro vrijgemaakt om leerachterstand weg te werken, waar wij ook 1 miljoen voor voorzien. Ik hoop nog altijd, collega Bouve, dat er ook een tweede financiële injectie komt, zoals vorig jaar ook gebeurde, om de extra kosten in de logistiek te kunnen compenseren: om extra te poetsen, maar ook toezichthouders die extra nodig zijn omdat er nu veel meer in bubbels moet gewerkt worden. Want dat zijn allemaal ook extra kosten die scholen maken en die nu niet gedekt worden, kosten die we ook niet als stad op ons kunnen nemen. 

De 10 miljoen euro voor de leerachterstand te bestrijden is al een heel belangrijke. Maar mocht er ook voor de praktische organisatie van de scholen er extra hulp vanuit Vlaanderen zou komen, zou dat zeker zou helpen om de scholen maximaal op een veilige manier open te houden.

ma 15/02/2021 - 15:24
IR 6.

2021_MV_00097 - Mondelinge vraag van raadslid Anita De Winter: Federaal budget geestelijke gezondheidszorg

Datum beslissing: wo 10/02/2021 - 20:56
Behandeld

Samenstelling

Aanwezig
Karin Temmerman; Elke Sleurs; Sandra Van Renterghem; Jef Van Pee; Anne Schiettekatte; Mieke Bouve; Carl De Decker; Evita Willaert; Mattias De Vuyst; Anita De Winter; Yeliz Güner; Bert Misplon; Caroline Persyn; Sonja Welvaert; Tine De Moor; Fourat Ben Chikha; Elke Decruynaere; Rudy Coddens; Astrid De Bruycker; Alana Herman; Emmanuelle Mussche
Afwezig
Gabi De Boever; Sven Taeldeman; Mehmet Sadik Karanfil; Zeneb Bensafia; Karlijn Deene; Karla Persyn; Adeline Blancquaert; Patricia De Beule; Tom De Meester; Stijn De Roo; Yüksel Kalaz; Joris Vandenbroucke; Ronny Rysermans; Anneleen Van Bossuyt; Nicolas Vanden Eynden; Cengiz Cetinkaya; Johan Deckmyn; Stephanie D'Hose; Hafsa El -Bazioui; Manuel Mugica Gonzalez; Christophe Peeters; Gert Robert; Christiaan Van Bignoot; Veli Yüksel; Tom Van Dyck; Bart De Muynck; Anneleen Schelstraete; André Rubbens; Bart Tembuyser; Jeroen Paeleman
Secretaris
Emmanuelle Mussche
IR 6.

2021_MV_00097 - Mondelinge vraag van raadslid Anita De Winter: Federaal budget geestelijke gezondheidszorg

2021_MV_00097 - Mondelinge vraag van raadslid Anita De Winter: Federaal budget geestelijke gezondheidszorg

Motivering

Toelichting/Motivering/Aanleiding

Vorig jaar in juni werd federaal beslist het budget voor de geestelijke gezondheidszorg met 200 miljoen recurrent te verhogen ingaande vanaf 2021, nu dus. Een deel van het geld zou gaan naar de terugbetaling van eerstelijnspsychologen. Een ander deel zou lokaal kunnen besteed worden. Daarnaast is de nood aan mentale zorg in deze coronatijd ongelooflijk hoog bij iedereen maar vooral bij alleenstaanden, werklozen, kinderen en jongvolwassenen.

Indiener(s)
Anita De Winter
Gericht aan
Rudy Coddens
Tijdstip van indienen
vr 05/02/2021 - 14:28
Toelichting

Is dit budget al toegekend?

Zoja, weten we al welk deel hiervan naar Gent komt? Is er al zicht op de besteding?

Bespreking
Antwoord

We weten dat dit thema u nauw aan het hart ligt. U heeft ons alvast een erg moeilijke  vraag gesteld, die veel opzoekwerk gevergd heeft. Want er is nog niet zo veel duidelijkheid over dit budget. 

Het verhaal van de verhoging van reguliere middelen voor geestelijke gezondheid start bij de formatienota van de regering-De Croo van 30 september 2020. Men stelt dat de federale regering wil investeren in geestelijke gezondheid. Daarbij is de terugbetaling van psychologische zorgen door klinisch psychologen prioritair. 

Maar ook de Vlaamse overheid is betrokken. Daarom sloot de interministeriële conferentie volksgezondheid op 2 december 2020 een protocolakkoord. Daarin stellen ze dat ze de diverse inspanningen willen coördineren en versterken om te komen tot een laagdrempelig en betaalbaar aanbod qua geestelijke gezondheidszorg voor kwetsbare groepen. Dit protocolakkoord focust op preventie en opvang van mentale gezondheidsproblemen voor de meest kwetsbare doelgroepen en omvat 2 grote doelstellingen:

  • Integratie van de geestelijke gezondheidszorg in de eerste lijn
  • Bijkomende investering in de eerstelijnspsychologische functie en de ambulante gespecialiseerde geestelijke gezondheidszorg

Dit protocolakkoord is momenteel enkel een engagementsverklaring. Er zijn nog geen concrete politieke voorstellen. Wel werd in december 2020 de Transversale Overeenkomstencommissie (TOC) opgericht die dit  protocol akkoord verder moet concretiseren. 

We vangen echo’s op dat men zou kiezen voor een  populatie-gerichte benadering, zoals in het concept van community based mental health van de WHO. Men zou verder willen inzetten op toegankelijke en persoonsgerichte zorg, maar ook op preventie en vroegdetectie. Daarnaast ook op volwaardig burgerschap voor mensen met een psychische problematiek. 

Wij zijn uiteraard zeer verheugd met de aankondigingen en engagementen. Het is afwachten welke concrete acties hieruit zullen voortkomen. Als we eerlijk zijn lijkt die 200 miljoen euro een smak geld, maar eigenlijk gaat het om een spreekwoordelijke druppel op een hete plaat. We weten we dat het voorziene budget de facto totaal ontoereikend zal zijn om wachtlijsten en drempels weg te werken. Maar we bekijken het aan de positieve kant: mede door de Corona-crisis wordt meer en meer de aandacht gevestigd op het belang van toegankelijke zorg. Daarnaast steeg het besef dat we meer moeten inzetten op gemeenschapsgerichte preventie en gezondheidsvaardigheden.

In Gent hebben we echter niet gewacht op deze ommezwaai en engagementen. Mentaal welbevinden was reeds een belangrijke pijler binnen het gezondheidsbeleid in deze legislatuur.
 Zo zetten wij reeds in op de herstelbenadering en de persoonsgerichte, geïntegreerde zorg. Dit doen we via mobiele werkers en initiatieven zoals Kwartiermaken. We plannen heel wat extra acties rond preventie, zowel universeel als voor specifieke doelgroepen. We voorzien 2 eerstelijnsnetwerkers die een gemeenschapsgerichte en toegankelijke zorg zullen bevorderen. We geven prioriteit aan kinderen en jongeren via vindplaatsgerichte activiteiten en laagdrempelige zorg, … 

Bovendien zetten we n.a.v. de Covid-19 crisis gedurende 2 jaar, 5 extra eerstelijnspsychologen in binnen verschillende wijken. Deze werken ook vindplaatsgericht werken. We voorzagen extra middelen voor de ‘zuurstoflijn’ voor zorgverleners en ondernemers. Tejo en overkop krijgen n.a.v. covid ook extra ondersteuning. 

Als we dus extra middelen zullen krijgen op het federale niveau.   Dan zullen we dus bekijken of deze gebruikt kunnen worden voor acties die reeds lopende zijn (soms met tijdelijke budgetten) of dat hiermee nieuwe acties zullen opgestart worden, samen met onze partners uit de zorg- en welzijnssector. 

do 11/02/2021 - 09:50
IR 5.

2021_MV_00095 - Mondelinge vraag van raadslid Elke Sleurs: OCMW Gent & automatische rechtentoekenning

Datum beslissing: do 11/02/2021 - 14:41
Behandeld

Samenstelling

Aanwezig
Karin Temmerman; Elke Sleurs; Sandra Van Renterghem; Jef Van Pee; Anne Schiettekatte; Mieke Bouve; Carl De Decker; Evita Willaert; Mattias De Vuyst; Anita De Winter; Yeliz Güner; Bert Misplon; Caroline Persyn; Sonja Welvaert; Tine De Moor; Fourat Ben Chikha; Elke Decruynaere; Rudy Coddens; Astrid De Bruycker; Alana Herman; Emmanuelle Mussche
Afwezig
Gabi De Boever; Sven Taeldeman; Mehmet Sadik Karanfil; Zeneb Bensafia; Karlijn Deene; Karla Persyn; Adeline Blancquaert; Patricia De Beule; Tom De Meester; Stijn De Roo; Yüksel Kalaz; Joris Vandenbroucke; Ronny Rysermans; Anneleen Van Bossuyt; Nicolas Vanden Eynden; Cengiz Cetinkaya; Johan Deckmyn; Stephanie D'Hose; Hafsa El -Bazioui; Manuel Mugica Gonzalez; Christophe Peeters; Gert Robert; Christiaan Van Bignoot; Veli Yüksel; Tom Van Dyck; Bart De Muynck; Anneleen Schelstraete; André Rubbens; Bart Tembuyser; Jeroen Paeleman
Secretaris
Emmanuelle Mussche
IR 5.

2021_MV_00095 - Mondelinge vraag van raadslid Elke Sleurs: OCMW Gent & automatische rechtentoekenning

2021_MV_00095 - Mondelinge vraag van raadslid Elke Sleurs: OCMW Gent & automatische rechtentoekenning

Motivering

Toelichting/Motivering/Aanleiding

-

Indiener(s)
Elke Sleurs
Gericht aan
Rudy Coddens
Tijdstip van indienen
vr 05/02/2021 - 12:56
Toelichting

In 2020 was het OCMW Gent betrokken bij een onderzoek van het Kenniscentrum Vlaamse Steden over automatische rechtentoekenning. Ook het OCMW Mechelen was hierin een partner. Het Kenniscentrum plant hier ondertussen een vervolgonderzoek aan te koppelen, met een uitbreiding naar de 13 Vlaamse centrumsteden. 

In december 2020 heeft het Vast Bureau een studie besteld die in kaart moet brengen welke cliëntprofielen zich lenen tot automatisering. 

Vandaar mijn vragen: 

  1. Wat waren de resultaten van het onderzoek in samenwerking met het Kenniscentrum? Blijft OCMW Gent betrokken bij het vervolgonderzoek van het Kenniscentrum betrokken? 
  2. Hoe verhoudt de in december gegunde studie zich tot de samenwerking met het Kenniscentrum? Wordt bij deze studie ook met andere lokale overheden samengewerkt?
  3. Welke timing ligt ervoor om nieuwe maatregelen op vlak van automatische rechtentoekenning te operationaliseren?
Bespreking
Antwoord

Volgens een gemaakte afspraak tijdens de zitting dient deze vraag opnieuw ingediend te worden als schriftelijke vraag

do 11/02/2021 - 14:43