In april 2020 was er ongerustheid bij de organisatoren en klanten van de Gentse Boerenmarkten over de toekomst van hun initiatief. Er was sprake van de opzeg van de concessies en de omvorming tot 'voedingsmarkt', maar dat bleek toen niet aan de orde.
De schepen gaf aan dat ze de boerenmarkten wil versterken en dat ze in overleg zou gaan met de diensten en in dialoog zou gaan met de boeren en de klanten vóór er iets zou veranderd worden aan het bestaande concept.
In oktober keurde de gemeenteraad de beleidsnota economie goed, waarin vermeld staat: “De relatief nieuwe tendensen van boerenmarkten en biomarkten worden vaak ervaren als een meerwaarde voor de buurt. Toch voelen we dat de organisatie van deze markten en het toezicht op het aanbod vaak niet optimaal verlopen. Daarom nemen we als stad de regie van deze markten zelf in handen, met de bedoeling elk van deze markten op maat van de buurt te laten floreren. We onderzoeken of hybride markten een optie zijn waarbij de bio- of boerenkramen met een apart label of logo worden aangeduid.”
1) Wat is de stand van zaken in het in handen nemen van de regie van de markten? Is er reeds een beslissing genomen over de toekomst van de consessie?
2) Welke stappen zijn er reeds gezet in het onderzoek naar "hybride markten"? Wat waren hiervan de resultaten?
3) Is er nog overleg geweest met de organisatoren van de Gentse boerenmarkten en wat was hiervan het resultaat?
Bedankt voor uw vraag.
Zoals u misschien wel weet is het steeds mijn intentie om beleid te voeren samen met de relevante stakeholders, ook in dit dossier. Eigenlijk wilden we in het voorjaar van 2020 samenzitten met de boerenmarktkramers en concessionarissen, maar corona stak daar jammer genoeg een stokje voor. Een jaar later leek het ons niet langer opportuun om te wachten op de mogelijkheid om fysiek samen te zitten, hoewel dit uiteraard, zeker voor een eerste ontmoeting, wel wat makkelijker praat.
Op 28 januari hebben we dan ook online samengezeten met de concessionarissen maar ook een aantal individuele marktkramers of marktkramers in spe en onze Dienst Markten en Foren. Het was een lang, maar zeker ook heel constructief gesprek waarbij alle partijen hun zegje konden doen en al veel vragen, zowel van hen als van ons, beantwoorden werden.
Iedereen rond de tafel voelde aan dat het nodig is om de concessieovereenkomsten aan te passen aan de noden van onze tijd.
De kern van de bestaande overeenkomsten is het volgende:
Op de boerenmarkt worden uitsluitend binnenlandse producten verkocht afkomstig van de landbouw, de tuinbouw, de bloementeelt en de veefokkerij voor zover ze rechtstreeks door de producent worden verkocht. Elke marktkramer mag maximaal 25% producten aanbieden die behoren tot de productgroepen die de marktkramer zelf produceert maar die niet afkomstig zijn van de eigen productie. De marktkramers vermelden dan de herkomst van deze koopwaar.
We stellen vandaag de dag vast dat het korte ketenverhaal geen niche meer is, maar tegelijk ook geen eenduidig verhaal. 100% korte keten is niet altijd mogelijk en we moeten onderzoeken wat een goede verhouding is tussen de verkoop van eigen productie en verkoop van andere of verwerkte producten. Hierbij moet zowel aandacht zijn voor de rendabiliteit voor de marktkramers individueel als naar de identiteit van een boerenmarkt en de transparantie naar de bezoekers over de aangeboden producten.
De concessionarissen en marktkramers zaten zelf nog niet volledig op één lijn hoe we dit probleem kunnen aanpakken en toch de eigenheid van de boerenmarkten kunnen behouden. We missen dus nog een duidelijk afbakening en definiëring. Nu zijn sommige boerenmarkten in de praktijk vaak reeds hybride voedingsmarkten doordat er ook zogenaamde losse ambulante handel kramen worden voorzien op vraag van de concessionarissen. Dit zijn dan kramen die niet onder de strikte definitie van de boerenmarktconcessie vallen, maar die wel publiekstrekkers zijn en die ook buurtgebonden of korten keten geïnspireerd kunnen zijn.
De concessionarissen gaven aan dat er op boerenmarkten ook plaats moet zijn voor de eerste verwerkers van voeding met een zo kort mogelijke keten tussen kraam en producent. Zowel de concessionarissen als wij (in de vorm van de Dienst Markten en Foren, de Dienst Milieu en Klimaat en de Dienst Economie) zullen hier nu ons huiswerk rond maken en binnen een maand plannen we een nieuw overleg in om hier verder over te praten.
De concessionarissen gaven wel aan dat ze de titel van boerenmarkten willen blijven behouden. Dit is een sterk en gekend merk. Ook als stad geloven we in dit verhaal en willen we dit blijven ondersteunen, zowel vanuit de Dienst Markten en Foren, de Dienst Milieu Klimaat als vanuit buurtwerking.
De laatste maanden zijn er ondertussen een aantal aanvragen binnengekomen voor nieuwe boerenmarkten. De dienst is alvast van start gegaan met de gebruikelijke adviesrondes bij de relevante stadsdiensten. Dan liggen die adviezen klaar wanneer de nieuwe concessieovereenkomsten afgeklopt zijn.
Tenslotte hebben we afgesproken om een structureel overleg te houden met de boerenmarktkramers, in lijn met ons overleg met de andere marktbonden. Zo houden we de vinger aan de pols en is er een open lijn tussen stad en de boerenmarkten.
wo 10/02/2021 - 08:30.
In 2019 en 2020 hebben we voorrang gegeven aan de wijkmobiliteitsplannen. Die vragen zoals u weet de nodige aandacht..
Het Mobiliteitsbedrijf nam wel al contact op met andere steden over het gebruik van automatische sensoren bij kortparkeren. Hieruit kwamen verschillende hindernissen naar boven die verder moeten worden bekeken in de onderzoeksfase Bijvoorbeeld handhaving, onderhoud en dergelijke meer.
Dit betekent dat het 2021 zal gefinaliseerd worden.
Los van de beleidsvisie kijken we wel al naar een aantal plaatsen waar we deze shop & go-plaatsen zouden kunnen invoeren (bv : in de buurt van de Nederkouter).
Daarnaast zullen we ook naar parkeersensoren kijken voor de parkeerplaatsen voor autodeelwagens. Zo kunnen we bijvoorbeeld beter signaleren of een autodeelparkeerplaats beschikbaar is of niet.
Mevrouw van Bossuyt ik moet u nog even geduld vragen, ongetwijfeld zal u dat toestaan, maar 2021 is et jaar waarin dit duidelijker wordt.
Het zal u niet verbazen, mevrouw Van Bossuyt, dat ik fietsdetectie in fietsenstallingen uiteraard een goed idee vind.
De fietsparkings Korenmarkt en Emile Braunplein zijn al uitgerust met een fietsdetectiesysteem met camera’s. Het systeem geeft aan hoeveel vrije plaatsen er zijn en weesfietsen kunnen gedetecteerd worden.
Dus mevrouw Van Bossuyt u moet niet naar Brugge gaan om dergelijke systemen te zien, ze werken al in onze stad. De nieuwe fietsparking AC Zuid zal ook uitgerust worden met een fietsdetectiesysteem. In samenwerking met de fietsambassade zijn we hiervoor een opdracht aan het uitschrijven.
En ook voor de (toekomstige) fietsparkings aan het station Gent-Sint-Pieters wordt er bekeken op welke manier hier een fietsdetectiesysteem kan worden uitgerold, en dat is natuurlijk in samenwerking met de nmbs.
do 11/02/2021 - 11:07Naast het positief veiligheidsaspect is uit onderzoek gebleken dat schoolstraten ook een positief effect hebben op de gezondheid van scholieren. Een schoolstraat kan bijdragen tot de goede gezondheid van schoolkinderen, vooral van hun luchtwegen. Dat blijkt uit een grootschalige studie van de Partnerorganisatie Milieugezondheidszorg. Het is dus een hele goede zaak dat Gent deze (al dan niet tijdelijke) schoolstraten kent. Tegelijk begrijpen we dat de inrichting en de ondersteuning ervan om extra inspanningen vraagt en willen we het schoolpersoneel in deze hectische tijden uiteraard niet extra belasten.
Op dit moment zijn er 12 definitieve schoolstraten en 7 tijdelijke, als coronamaatregel. Twee nieuwe schoolstraten starten binnenkort met een proefperiode.
De definitieve schoolstraten zijn de Vinkeslagstraat, de Onderstraat, de Krekelberg, de Wispelbergstraat, de Theresianenstraat, de Joseph Gérardstraat, de Zandloperstraat, de Sint-Sebastiaanstraat, de Wasstraat, de Sint-Baafskouterstraat, de Hazenakker, de Nieuwkolegemlaan en de Ernest Vanhaevermaetestraat.
De straten waar momenteel tijdelijke schoolstraten zijn als coronaruimtemaatregel zijn de Acaciastraat, de Bommelstraat, Coupure, Begijnhofdries, Lisbloemstraat, Meidoornhof en Onze-Lieve-Vrouwstraat.
In de Alfons Biebuycklaan en de Van Monckhovenlaan worden momenteel proefperiodes voor nieuwe, mogelijk definitieve schoolstraten voorbereid.
De school start met een proefperiode van 14 weken; na positieve evaluatie kan deze een definitieve schoolstraat worden.
De schoolstraten als coronamaatregel worden gestart op burgemeestersbesluit en zijn tijdelijk; deze kunnen echter ook het traject opstarten om definitief te worden, als de school dat wenst.
De schoolstraten worden momenteel afgezet met een verplaatsbare nadar met bebording. Deze nadar wordt geplaatst en weggehaald door een vrijwilliger, die ook tijdens het afsluiten bij de nadar blijft staan.
Het Mobiliteitsbedrijf ondersteunt de inrichting en organisatie van de schoolstraten, en doet dit in nauw overleg met de betrokken schooldirecties.
Het mobiliteitsbedrijf onderzoekt ook mogelijke verbeteringen. Vooral het vinden en houden van vrijwilligers om de nadarhekken te plaatsen en erbij te blijven staan blijkt een rem op de invoering van schoolstraten. Voor de school is het een zwaar engagement om voldoende vrijwilligers te vinden en te houden. Het is ook soms zwaar door de minder leuke ervaringen met chauffeurs die toch voorbij de afsluiting proberen te rijden.
Mogelijk kan een meer geschikte afsluiting ook een oplossing bieden, zoals bv een slagboom (zoals oa in Brugge) of een ander vast element.
Het Mobiliteitsbedrijf vroeg totnutoe ook dat de vrijwilligers een opleiding tot gemachtigd opzichter volgen; momenteel zijn er echter geen opleidingen mogelijk omdat er geen buitenstaanders in een school worden toegelaten. Aangezien de opleiding ook een deel praktijk inhoudt, kan die nu niet digitaal. Er wordt dus tijdelijk toegestaan dat ook vrijwilligers zonder attest gemachtigd opzichter aan de afsluiting staan. Of dit attest met eenzelfde opleiding nodig blijft voor al deze vrijwilligers is ook iets wat te bekijken valt.
Een opleiding communicatie om beter te kunnen omgaan met de reacties van chauffeurs kan misschien ook helpen voor de vrijwilligers. Ook onderzoeken we andere manieren om de straat af te zetten zoals bv. de slagbomen waar u naar verwijst, maar onze eigenste brandweer is daar geen voorstander van. Ik denk echter dat er zo wel iets mogelijk moet zijn, dus ik hoop dat we samen met de brandweer hier wel een oplossing op vinden.
do 11/02/2021 - 11:09Ik stelde aan bevoegd minister Lydia Peeters een vraag over de oversteekplaatsen voor fietsers en voetgangers over de tramsporen in Wondelgem.
Deze oversteekplaatsen worden dagelijks gebruikt door de schoolgaande jeugd (te voet of met de fiets) en door ouders die hun jongere kinderen begeleiden naar school (te voet, met de fiets of met de buitenmaatse fiets). Het kruisende verkeer verloopt heel moeizaam aan de oversteekplaatsen, zeker voor kinderwagens, buitenmaatse fietsen en rolstoelen die moeilijker te hanteren zijn. Bovendien hebben de buitenmaatse fietsen een grotere draaicirkel waardoor de bochten een stuk groter gemaakt moeten worden dan met een gewone fiets en waardoor zowel de fiets als de afsluiting regelmatig beschadigd wordt.
In haar antwoord op mijn vraag of de minister plannen heeft om deze belangrijke wandel- en fietsoversteekplaatsen aan te passen aan de hedendaagse noden door ze breder en daardoor ook veiliger te maken, geeft de minister mij aan dat “De Lijn in overleg is met de stad Gent om een gepaste oplossing te voorzien. Het onderzoek hierover is lopende. Bedoeling is om per locatie te kijken wat er kan (omgevingsanalyse, technische oplossing, financieel haalbaar…). De stad Gent en De Lijn hebben de ambitie om na grondige analyse een plan op te maken om de oversteekplaatsen waar het wenselijk en haalbaar is, aan te passen. Omdat de analyse nu volop loopt, is het in deze fase niet mogelijk om een uitspraak te doen over de financiering of de timing.”
1/ Hoe verloopt het overleg tussen stad Gent en De Lijn?
2/ Wat zijn de belangrijkste uitgangspunten die door de diensten in dit overleg naar voren worden geschoven bij de onderhandelingen met De Lijn? Wat is de visie van het college op de oversteekplaatsen in Wondelgem?
3/ Betreft dit overleg enkel de twee oversteekplaatsen in Wondelgem of zijn er meerdere gevat? En wat is de visie van het college op de oversteekplaatsen in onze stad in het algemeen?
Het klopt dat De Lijn en de Stad Gent overleg hadden over de overweg aan de Zwembadstraat, waar de afgesloten trambedding wordt gekruist. De overweg wordt op deze plaats beveiligd door een zogenaamde bayonet, waartussen de voetgangers en fietsers zich moeten begeven en veilig kunnen opstellen om de bedding over te steken. Het is zo dat deze nauw is en dat dit de beweging kan bemoeilijken voor o.a. buitenmaatse fietsen.
Anderzijds is het ook zo dat op deze locatie een bijzonder veiligheidsaspect mee in rekening moet worden gebracht. Aangezien de tram hier in een volledig eigen en afgeschermde bedding rijdt, kan de chauffeur een hogere snelheid aanhouden (dan wanneer de bedding zich in gemengd verkeer of in stedelijk weefsel bevindt). Dit komt de doorstroming, commerciële snelheid -en dus aantrekkelijkheid- van het openbaar vervoer ten goede. De oversteekbeweging mag daarom ook niet doorgaand of volledig gefaciliteerd worden in het belang van de veiligheid van de zachte weggebruikers in combinatie met het tramverkeer.
Daarom werd overeen gekomen dat de bayonet behouden blijft, maar breder wordt gemaakt om de doorgang voor buitenmaatse fietsen en andere bredere tuigen te faciliteren. Voor hen moet dat zeker de beweging makkelijker maken. Dit maakt de beweging makkelijker.
Er is geen algemeen overleg met De Lijn met het oog op het uitrollen van een brede visie omtrent oversteekplaatsen aan trambeddingen.
We zijn momenteel, in het kader van het voetgangersplan, bezig met de opmaak van een visie algemeen met betrekking tot oversteekplaatsen in de stad Gent. Het is de bedoeling om die visie af te ronden in de eerste helft van dit jaar.
do 11/02/2021 - 11:10De knip aan de Kortedagsteeg is voor verschillende weggebruikers niet duidelijk aangegeven. Deze knip zou beter aangekondigd kunnen worden vooraleer men de Kortedagsteeg inrijdt. Momenteel is de knip pas duidelijk eens men al in de eenrichtingsstraat is.
Kan er een betere signalisatie komen aan de Vogelmarkt om de knip bij de Kortedagsteeg aan te kondigen?
Eerst een disclaimer: alles wat we hier zeggen kan geen invloed hebben op de afhandeling van die boete. GAS-ambtenaren zijn autonoom, wij kunnen vanuit de politiek niet zeggen hier gaan we beboeten en hier niet.
Eén: voor mij is iedere boete die wordt uitgeschreven op de knips en AVG er één te veel. Ik zou liever hebben dat niemand overtredingen doet en niemand dit bedrag moet betalen. De realiteit is anders maar je ziet daar wel een evolutie. Iemand die de evolutie van de boetes goed volgt zoals mevrouw van Renterghem die weet dat die evolutie wel bezig is. Als april 2017 100% was dan zie je dat we nu nog in december 20 op 6% zaten. Dat is een zeer grote evolutie. Als je zou zeggen dat heeft te maken met corona: in februari 20 zaten we op 16%. Als ik kijk naar autovrij gebied dan zie ik zelfde evolutie, van 100 naar 14. Die overtredingen zijn aan het weggaan, en dat is goed, ik ben daar blij om.
Dat zie je ook aan het autovrij gebied aan de Kortedagsteeg. Het is nooit de meest moeilijke plaats geweest in autovrij gebied, we gaan van 20 boetes naar 13 boete per dag. Het is natuurlijk zo mevrouw Welvaert, u haalt grote cijfers aan maar u spreekt over een periode van 1400 dagen. Met camera’s die 24u/24u werken dan is dat 1 overtreding elke 2 uur.
IS die signalisatie in orde? Ik heb dat laten controleren door het Mobiliteitsbedrijf, en ik ben het zelf ook gaan controleren met de wagen. Als je met auto aankomt dan zie je dat bord. Er zijn de rode lijnen, en er is ook ene doorlopend voetpad. En collega Taeldeman die thuis is in mobiliteitsbeleid weet dat dat niet veel voorkomt. Dit kruispunt daar is op gewerkt om het duidelijker te maken. Op het moment dat je daar binnenrijdt en je ziet dat daar en C3 staat dan is het geen goed idee om verder te rijden. Zou kunnen zijn dat men dan manoeuvre moet doen maar als je dat zeer voorzichtig doet zou dat geen probleem mogen zijn.
Met het doortrekken van het voetpad is er echt een duidelijke visuele scheiding tussen AVG en rijweg. We zijn algemeen bezig met kijken hoe we alle poorten kunne herinrichten, dat zal met ander materiaal zijn dan verkeersborden maar het zal mogelijk helpen.
Misschien ook nog eens herhalen wat we bij begin circulatieplan hebben gedaan: GPS’en zijn niet altijd aangepast. Dat is zeer onhandig, er zijn mensen die toch doorrijden omdat hun GPS dat zegt. Ik denk dat we daar misschien nog eens voor moeten waarschuwen.
di 16/02/2021 - 13:48TMaaS is een project gefinancierd met Europese subsidies. Het startte begin 2018 en had een looptijd van drie jaar.
Het Gentse luik van TMaaS verliep in twee fases
- Fase 1: De ontwikkeling van een platform (dashboard) voor gebruik door de stadsdiensten. Hierop kan men mobiliteitsdata zien in realtime (wegverkeer, parkeerbezetting, congestie…)
- Fase 2: Het publiek krijgt de mogelijkheid om zicht te registreren en informatieberichten te ontvangen relevant voor hun reisroute
Op de recente themacommissie zei u dat beide fases afgewerkt zijn en dat een verderzetting wordt bekeken.
-
Wat zijn de resultaten van het TMaaS project?
Werd de Dashboard al opgeleverd? Wordt het TMaaS platform (dashboard) door medewerkers van Stad Gent gebruikt? Kunnen burgers zich erop registreren?
Graag wat toelichting over mogelijkheden die het aan de verschillende gebruikers biedt.
Indien de resultaten nog niet bereikt zijn, hoe komt dat?
Wordt er verder gebouwd aan wat tot nu toe is ontwikkeld?
Waarvan hangt de beslissing af, over een mogelijk vervolg?
Het TMaas-project liep op 31 januari 2021 officieel af.
Binnen de projectduur werden alle vooropgestelde doelstellingen en resultaten bereikt. Zo zijn er een verschillende technische prototypes ontwikkeld door de technische partners (privé bedrijven zoals TomTom). Deze modules mogen nu door hen verder ontwikkeld en gecommercialiseerd worden.
Weinig andere projecten eindigen in een prototype. De meeste blijven steken in een theoretische denkfase. TMaaS wordt dan ook beschouwd als een van de succesvollere UIA (Urban Innovative Action) projecten door de Europese Commissie.
Een van deze prototypes is het gekende dashboard. Dit prototype werd opgeleverd in april 2020 en uitvoerig getest. Het dashboard was vooral een product voor de burger, en minder voor de medewerkers van de stad zelf. Iedereen kon hierop heel wat beschikbare real-time informatie over de verschillende vervoersmodi terugvinden.
Een ander resultaat van het project, en ook het belangrijkste resultaat voor de Stad Gent, is de opzet van een systeem ter opslag en verwerking van real-time data. Dit systeem maakte het mogelijk om heel wat data op te slaan zodat deze beschikbaar wordt voor analyse of verdere verwerking. Concreet wil dat zeggen dat al deze real-time data niet meer verloren gaat, maar effectief opgeslagen en geanalyseerd wordt wat op termijn ook de mogelijkheid voorziet om analyses te gaan uitvoeren op de data om bijvoorbeeld beleidskeuzes te gaan ondersteunen. Intussen wordt dit innovatieve systeem ook door andere diensten gebruikt, denk maar aan de Proximus data die aangekocht werden in het kader van de coronabarometer.
Het Dashboard Link.Gent zal nog even online blijven, maar wordt niet meer geactualiseerd. De reden hiervoor is de significante jaarlijkse kost van het dashboard voor een zeer beperkt aantal geregistreerde gebruikers. Het Mobiliteitsbedrijf kiest ervoor eerst verder te investeren in data en het ‘Mobiliteit Big Data Platform’. Dat moet meer mogelijkheden openen voor historische analyses en het nuttig inzetten van deze informatie in functie van de stadsdiensten en iedereen die zich verplaatst in Gent.
Daarnaast worden ook de subsidiekanalen in de gaten gehouden zodat een eventueel vervolgproject uitgerold kan worden.
vr 12/02/2021 - 07:47
Aalst beperkt zware vrachtwagens in het stadscentrum. Vrachtwagens zwaarder dan 7,5 ton mogen de binnenstad niet meer in tijdens de ‘school spitsuren’.
In Gent loopt een proefproject met tonnagebeperking. Voertuigen van meer dan 3,5 ton mogen de omgeving van de Bagattenstraat en Savaanstraat niet inrijden bij het begin en het einde van de schooluren.
In Aalst had men ook eerst een beperking voor + 3.5 ton voorzien. Dit bleek ongewenste neveneffecten te hebben en moeilijk te handhaven vandaar dat ze besloten een verbod op +7.5 ton in te voeren.
Wat zijn de eerste ervaringen met het Gentse proefproject tonnagebeperking?
Waarop is de keuze voor +3.5 ton gebaseerd?
- Wat zijn de eerste ervaringen met het Gentse proefproject tonnagebeperking?
De Bagattenstraat en omgeving wordt momenteel opnieuw aangelegd. In de omgeving zijn er ook nog verschillende andere werven, waaronder de belangrijke restauratiewerken aan de Sint-Barbarakerk en de misschien nog belangrijkere werken aan het Wintercircus.
Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, afdeling Innames Publieke Ruimte heeft al een uitgebreid samenwerkingstraject achter de rug met de verschillende bouwheren en werfverantwoordelijken, met het Charter Werftransport als leidraad. U weet dat wij een aantal jaren terug een charter werftransport hebben afgesloten. We gebruikten dat maar toch kwamen er nog zeer vaak klachten over werftransporten tijdens de start- en einduren van de verschillende scholen in de omgeving.
Door de tijdelijke signalisatie in de buurt van de scholen aan te passen naar een tonnageverbod tijdens de uren van het charter, want het gaat over dezelfde uren als in het charter, kan de politie daar nu ook op handhaven wanneer dat nodig is. De straten in de directe omgeving van het heraanlegproject werden afgesloten voor alle vrachtverkeer (+3,5t) tijdens de start- en einduren van de scholen. Politie, Mobiliteitsbedrijf en dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen houden in dit project korte lijnen met elkaar en werken zeer knap samen.
Gezien de tijdelijke maatregel maar ingevoerd is op 22 januari is het nu nog te vroeg om tussentijdse conclusies te trekken.
Voor de maatregel volgen we de aanbevelingen binnen de Vlaamse Leidraad voor het sturen van verkeersstromen.
Ook de algemene problematiek van de handhaafbaarheid van tonnagebeperkingen wordt grondig beschreven.
- Waarop is de keuze voor +3.5 ton gebaseerd?
De keuze om het verbod te beperken voor voertuigen +3,5t is tussen de politie en de diensten besproken. Daarbij werden een aantal belangrijke afwegingen gemaakt.
De eerste is de handhaving van de politie: er is gekozen voor de tonnage die overeenkomt met de internationale categorie N1, waarbinnen de bestelwagen (BB) en de vrachtwagen (BA) horen. Deze classificatie is terug te vinden in de code van het koetswerk. Gezien hierbij de toegestane massa bepaald is op maximaal 3,5t, kan hierop makkelijk onderscheiden worden zonder te moeten wegen. Daarover gaat het. Als je handhaaft moet je makkelijk kunnen handhaven. Als je voor de handhaving telkens een weegbrug nodig hebt, dan is dat moeilijk. Daarom heeft men gewerkt met de categorieën van voertuigen.
Een tweede is de duidelijkheid naar communicatie, zowel naar de bestuurders als de bewoners en de handelaars.
Gezien hierbij een duidelijke en wettelijk bepaald onderscheid gehanteerd wordt, kunnen de lokale handelaren ook makkelijker naar hun leveranciers communiceren, over welke voertuigen zijn toegelaten en welke niet. Bijvoorbeeld voor beleveringen die toch op dat uur moeten gebeuren te laten doorgaan met bestelwagens.
Deze afwegingen verschillen naar mijn weten van de maatregel in Aalst, gezien zij ook een vergunningenbeleid met uitzonderingen en automatische handhaving door ANPR-camera’s. Dat is een ander systeem.
In de omgeving Waasland kiezen verschillende gemeentes, waaronder Sint-Niklaas ook voor een tonnagebeperking van +3,5t.
We streven ernaar om op middellange termijn zwaar verkeer tijdens de (school)spits niet te mengen met fietsers en voetgangers, om zo de verkeersveiligheid te vergroten. Het Mobiliteitsbedrijf start hiervoor dit jaar het onderzoek op. De bepaling van een eventuele tonnagebeperking zal onderzocht worden, samen met de juridische, verkeerstechnische, financiële en praktische gevolgen. Het overleg hierover met de sector staat al binnenkort in mijn agenda. De resultaten van dit proefproject zullen natuurlijk ook onderwerp van discussie uitmaken.
do 11/02/2021 - 11:12De situatie in de Wittewalle is hallucinant. Er ligt overal modder. De putten naast de rijbaan worden steeds dieper en gevaarlijker. Voetgangers kunnen vaak niet anders dan op de rijweg wandelen.
De buurt vraagt om daar dringend iets aan te doen voordat er ongelukken gebeuren.
Ook de werken in de Langerbruggestraat zorgen voor problemen.
Bewoners melden dat zij geregeld betonspatten van hun gevels en ramen moeten afkuisen.
Zij vragen om het opspattend beton tenminste met water af te spuiten, voordat het verhard. Zij vragen ook naar meer controle bij het uitvoeren van bepaalde werken.
Welke stappen neemt u om naar de bewoners te luisteren en de problemen zo snel mogelijk op te lossen?
De Langerbruggestraat ligt er inderdaad modderig bij, maar gezien de neerslag van de voorbije weken is dat geen abnormale toestand. Het is en blijft dan ook een werf waar heel wat ingrijpende werken aan de infrastructuur worden uitgevoerd en waarvoor werfverkeer noodzakelijk is.
De projectleider zal wel extra aandacht vragen bij de aannemer voor het proper houden van de gevels. Specifiek voor de Langerbruggestraat is een extra werfleider van Aclagro aangesteld. Dus controle lijkt hier voldoende aanwezig, al is het moeilijk in te schatten voor welke “bepaalde werken” men nog extra controle zou willen. Sowieso zijn op de website van de Stad Gent alle contactpersonen voor deze werf terug te vinden (https://stad.gent/nl/plannen-en-projecten/project-oostakkerdorp-en-omgeving). Specifieke vragen kunnen buurtbewoners ook steeds aan de projectleider of werfleider stellen, waarna naar een oplossing kan gezocht worden. Ik zou er voor pleiten dat ze dat doen. Ik weet dat sociale media zeer makkelijk zijn. Het is ook wel belangrijk dat signalen op een deftige manier tot bij die projectleider geraken. Ik heb gezien dat er ook mensen zijn die er zeer veel tijd insteken om heel mooi door te geven wat er daar allemaal gebeurt, maar maak toch ook gebruik van die contactpersoon.
Wat betreft de situatie in de Wittewalle. Zoals al eerder gesteld worden de bermen in Wittewalle stukgereden door kruisend verkeer. Deze bermen zijn natuurlijk niet bedoeld om op te rijden. Hoe komt dat? Sommige automobilisten wil snel kruisen zonder de snelheid aan te passen en men kiest daarvoor graag de berm.
Momenteel is er ook veel meer verkeer in Wittewalle dan normaal ten gevolge van de werken in Oostakkerdorp. Vooral de kruising met de bussen die nu nog een omleiding volgen, blijkt moeilijk. Eenmaal de werken volledig afgewerkt zijn, laten we de situatie normaliseren. Pas daarna volgt een evaluatie en eventueel aanpassingswerken. Ondertussen blijft de sectorverantwoordelijke van de Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen de toestand verder monitoren en bij droger weer kan de grond nogmaals aangevuld worden. Maar nu al structureel ingrijpen gaan we niet kunnen doen, al is het juist dat het niet te lang moet duren. En het gaat verder gemonitord worden.
do 11/02/2021 - 11:13Begin deze maand was er de aanrijding ter hoogte van het kruispunt van de Groenstraat met de Smalle Heerweg te Oostakker.
De Groenstraat is een drukke verbindingsstraat tussen de N70 en Oostakker-Lourdes. Vele zijstraten sluiten hierop aan met telkens een voorrangsregel voor het oprijdende verkeer.
Niet voor elke straat is deze voorrang aangeduid, met name in de Emilie Schattemanstraat, en dat zorgt voor verwarring en gevaarlijke toestanden. Het is een locatie met een school en enkele handelszaken, kortom er is veel verkeer.
Vanuit onze fractie hebben collega De Beule en De Decker de situatie in het verleden reeds aangekaart.
1. Momenteel zijn onze diensten bezig met de operationele voorbereidingen voor de toekomstige zone 30 “Wooncluster St-Amandsberg Noord”. Het aanvullend reglement zal rond de zomer ter goedkeuring voorgelegd worden aan het college. We hopen op een uitvoering in het najaar van 2021. Dit gaat gepaard met een communicatie- en sensibiliseringscampagne.
In de Groenstraat zijn nu reeds snelheidsremmers aanwezig, nl rijbaankussens, tussen Emilie Schattemanstraat en Edmond Helderweirdtstraat. Na de uitrol van de nieuwe zone 30 evalueren we of er nood is aan bijkomende snelheidsremmers.
2. Er is reeds een dossier lopende om op deze as fietssuggestiestroken te voorzien. Dat zorgt er vooral voor dat fietsers zichtbaar worden, dat er op de weg zichtbaar wordt dat er daar wel wat gefietst wordt. Er dient eerst werk gemaakt te worden van plaatselijke herstelling van het wegdek (vernieuwen plastische voegvulling). Zowel het aanbrengen van de voegvulling als de aanleg van fietssuggestiestroken door een coating zijn afhankelijk van goede weersomstandigheden en voldoende hoge temperaturen. Daarnaast is er in de omgeving ook een goede afstemming nodig met de diverse omleidingsroutes voor de talrijke werken elders in Oostakker. Zo zijn er werken aan het nabijgelegen kruispunt van de N70 met de Orchideestraat (werken van de Vlaamse overheid waar we ten andere al heel lang op wachten), met de geplande werken in de Lourdesstraat en Eksaarderijweg, en met de lopende werken in Oostakkerdorp en aan de brug van de Smalleheerweg. Er is met heel wat rekening te houden als we dat willen uitvoeren. De uitvoering wordt epaald in functie van die andere werken.
3. De voorrangsregeling is over de hele as Groenstraat een voorrang van rechts. De Emilie Schattemanstraat heeft dus enkel voorrang op het verkeer van de Groenstraat komende van Gentstraat.
Deze voorrangsregeling wordt conform de reglementen enkel met een bord gesignaleerd als deze verschilt van de voorrangsregeling op het kruispunt ervoor. Dat is klassiek in de toepassing van de wegcode.
Ik kan niet onmiddellijk antwoorden wat verder de mogelijkheden zijn, daar moet verder naar gekeken worden door de dienst, we gaan kijken of we daar met ontharding of iets dergelijks iets kunnen doen voor de veiligheid.
do 11/02/2021 - 11:16Dat de horecasector het moeilijk heeft, dat hoef ik u niet te vertellen. Ik weet dat de situatie u nauw aan het hart ligt.
U heeft zich als schepen van middenstand het laatste jaar al enorm ingespannen om, naast de handelaars, ook onze Gentse horecauitbaters te ondersteunen. En dat is nodig: onze vele schitterende (en bijzonder diverse) horecazaken bepalen mee de sfeer in onze stad.
De horecafederatie heeft al meermaals op Vlaams niveau aan de alarmbel getrokken. Voor vele ondernemers staat het water meer dan aan de lippen. Recent hebben ook de uitbaters van de cafés in de Overpoortstraat van zich laten horen. Ze kampen met een specifieke problematiek, in die zin dat zelfs bij heropening de problemen nog niet van de baan zullen zijn. Het doelpubliek zijn de studenten en die zijn er in de zomer niet. Uit een bevraging blijkt dat de helft van de uitbaters uit de Overpoortstraat zich momenteel niet goed in hun vel voelt. De crisis heeft gevolgen op vele vlakken. De huidige situatie en onzekerheid wegen zwaar.
Ze geven ook aan dat diverse steunmaatregelen vanuit de stad, alle geleverde inspanningen ten spijt, nog niet genoeg bekend zijn.
Wat kunt u doen om gevolg te geven aan de noodkreet en de oproep van de uitbaters van de cafés in de Overpoortstraat? Zult u, in navolging van de stille protestactie, verder in overleg gaan met de uitbaters en UNIZO?
Bedankt voor uw vraag.
De horeca heeft het inderdaad heel moeilijk, zo bleek ook mijn toelichting rond het Dashboard Impactmeting Corona-crisis van Graydon daarnet. Het dashboard maakt op sectorniveau een inschatting van de overlevingsgraad en schokbestendigheid van bedrijven. Volgens deze inschatting heeft bijna 1 op 3 cafés en restaurants (29,4%) nog maximaal enkele maanden reserves om te overleven (na toekenning van Federale en Vlaamse premies). Nadien moet ze extra kapitaal vinden (eigen vermogen, leningen, … ). De reeds aangehaalde kwijtschelding van de terrasbelasting en verlenging van de terrasuitbreidingen tot midden april volgend jaar is dus broodnodig om deze sector zuurstof te geven.
De uitbaters van de Overpoortbuurt hebben het misschien nog moeilijker dan de rest van hun collega’s. Hun business model is vooral gericht op indoor feestende studenten tijdens een beperkt aantal maanden. Iets wat momenteel, en waarschijnlijk voor nog geruime tijd, uit den boze is.
Na de eerste lockdown heb ik, samen met de burgemeester en schepen Watteeuw, gekeken hoe we de ondernemers (en zo ook de studenten) toch perspectief konden bieden. Toen het studentenjaar begon in september hebben we een terras inplantingsplan voorbereid. Hiervoor werden de straat verkeersvrij gemaakt en voorzag de stad in coronabegeleiders naast de inzet van andere veiligheidsdiensten. 17 ondernemers stapten mee in dit verhaal. Na enkele succesvolle weken, zowel voor de ondernemers als de studenten, gooide de tweede lockdown echter roet in het eten. Eenmaal de horeca weer open mag zullen we opnieuw samen met de ondernemers kijken op welke manier ze maximaal en veilig kunnen ondernemen.
De uitbaters konden en kunnen uiteraard ook aanspraak maken op alle bestaande ondersteuningsmaatregelen van de federale en Vlaamse overheid. Vanuit Stad Gent zijn er verschillende extra steunmaatregelen voorzien (bv het doorzetterscontract en artiestencheques) en een verhoging van de percentages en bedragen van bestaande subsidies (bv gevelrenovatie en ondersteuning handelsinitiatieven).
Uit de enquête van Unizo vernamen we dat de bestaande stedelijke steunmaatregelen, in het bijzonder het doorzetterscontract, nog niet genoeg bekend zijn. We hebben uiteraard al stevig ingezet op communicatie, maar zullen nog een tandje bijzetten. Zo zijn er eind januari nog 750 fysieke brieven verstuurd naar Gentse boekhouders (9000 en deelgemeenten) en 250 fysieke brieven naar ondernemingen in het rode segment van het Graydon model.
En ook onze nightlife coach, horecacoaches en infosteward heb ik gevraagd om onze subsidies zoveel mogelijk mee te nemen in hun gesprekken met ondernemers.
En natuurlijk zullen wij blijven samenzitten met Unizo en de uitbaters van de Overpoort. Die laatste zullen we de komende maanden sowieso meer zien en horen aangezien volgende week de kick off sessie is van een aantal workshops waarin alle stakeholders hun zegje kunnen doen over de tijdelijke herinrichting van de Overpoort. Hier is 150.000 EUR budget voor beschikbaar. Uit deze testfase, die loopt gedurende het volgende academiejaar, zullen lessen getrokken worden die ons zullen helpen bij de volledige heraanleg en de bouw van een toekomstbestendige Overpoort.
Het moet een aangename, leefbare en veilige plek worden. Waar nu vooral de nadruk ligt op het bruisende nachtleven, moet er ook ruimte zijn voor een complementaire daytime economy bv via permanente terrassen. Door de sfeer en netheid te verbeteren zal ook de overlast afnemen. Zo creëren we een sterk verhaal voor zowel de ondernemers, de studenten als de buurtbewoners.
wo 10/02/2021 - 08:33