Het prijzenbeleid in hoofdzakelijk de lokale dienstencentra is opgenomen in een aantal verschillende besluiten van de raad voor maatschappelijk welzijn.
Het is aan te raden de tarieven die worden aangerekend voor de verschillende dienstverlening in de lokale dienstencentra, woonzorgcentra en assistentiewoningen te bundelen in een globaal tariefreglement, met het oog op uniforme toepassing en duidelijke communicatie. Waar nuttig wordt duidelijk voorzien in de mogelijkheid voor plaatselijke afwijkingen.
Gezien een groot deel van de dienstverlening bestaat uit activiteiten die min of meer het schooljaar volgen, worden de tarieven niet bepaald per kalenderjaar, maar per activiteitenjaar, hetzij van september van een jaar tot en met augustus van het daarop volgende jaar. Het tarief zoals geldig op het moment van de activiteit is van toepassing, ook als men bijvoorbeeld nog inschrijft in augustus voor reeksen vanaf september.
Met het oog op een duidelijke communicatie naar de doelgroep van deze dienstverlening, is het aangewezen het aantal tariefwijzigingen bovendien te beperken. Dat wijkt af van het stadsbrede principe dat de belastingen en retributies jaarlijks met 1,7% verhogen om gelijke tred te houden met de stijgende levensduurte. Het voorgestelde tariefreglement bevat een tariefstructuur die, met slechts 1 tariefsprong na de inwerkingtreding, toch voldoet aan de budgetdoelstellingen op lange termijn (autofinancieringsmarge 2025).
Behalve indien anders aangeduid, zijn de tarieven van toepassing in de LDC, de WZC en de assistentiewoningen. In de praktijk zullen bepaalde tarieven vooral in de LDC worden toegepast.
Er worden 5 types van activiteiten omschreven, die al dan niet als lessenreeks georganiseerd worden en via abonnement of beurtenkaart kunnen worden betaald. Voor abonnementen van activiteiten waarbij het mogelijk is later aan te sluiten, wordt waar nuttig een lager tarief voorzien bij later instappen: 65% bij instappen vanaf januari, en eventueel 33% bij instappen vanaf mei.
Wordt voor een activiteit een beroep gedaan op een externe partner (andere dan de vrijwilligers), dan kan van deze tarieven afgeweken worden door het vast bureau. Dat kan een nieuw tarief vastleggen, dat hoogstens de werkelijke kostprijs van de activiteit (afgerond op een euro) kan bedragen.
Bingo blijkt een bijzonder flexibel begrip te zijn, zodat het aangewezen is hiervoor een maximum te bepalen waarbinnen telkens een concreet tarief kan worden bepaald door het vast bureau.
Voor houders van een Uitpas met kansentarief wordt voorzien in een korting van 80% op de activiteiten, uitgenomen de vaste kleine bijdragen voor tapbiljart, carambole en bingo.
Betreft de wandel- en fietstochten die vanuit de LDC worden georganiseerd, en waarvoor een enkel tarief en een abonnement wordt voorzien.
Wordt voor een tocht een beroep gedaan op een externe partner (andere dan de vrijwilligers), dan kan van deze tarieven afgeweken worden door het vast bureau. Dat kan een nieuw tarief vastleggen, dat hoogstens de werkelijke kostprijs van de activiteit (afgerond op een euro) kan bedragen.
Voor houders van een Uitpas met kansentarief wordt voorzien in een korting van 80% op de activiteiten.
Gezien de prijs van deze activiteiten afhangt van de concrete uitstap of maaltijd, wordt hier een maximum opgelegd waarbinnen het vast bureau gemachtigd is het tarief per uitstap of maaltijd te bepalen.
Voor houders van een Uitpas met kansentarief wordt voorzien in een korting van 80% op de uitstappen, en 30% op de feestmaaltijden. UiTPAS zelf geeft geen korting of hanteert geen derdebetalerssysteem op maaltijden. Desalniettemin zal de Uitpas met kansentarief ook voor de feestmaaltijden gebruikt worden als grond om de korting toe te kennen, zonder dus dat het achterliggend betalingssysteem gebruikt wordt. Op de gewone maaltijden tijdens de uitstappen, wordt geen korting voorzien.
Er worden tarieven bepaald voor bepaalde kleine dienstverleningen die vanuit de LDC worden georganiseerd, zoals vervoer voor boodschappen of andere verplaatsingen en kleine klusjes. Voor de boodschappenbus is een lager tarief voorzien voor personen met recht op een verhoogde tegemoetkoming.
Onder deze afdeling valt ook SURPLUS: een deelnameprijs voor bepaalde activiteiten waar een deelnemer enkel met begeleiding aan kan deelnemen. Onder deze categorie hoort ook de SURPLUS-uitstap: een uitstap zoals deze ook in deel 3 is voorzien, maar dan met extra begeleiding. Opnieuw wordt daarvoor een maximum opgelegd waarbinnen het vast bureau gemachtigd is het tarief per uitstap te bepalen.
De kilometervergoeding die wordt aangerekend, wordt automatisch aangepast; zij houdt gelijke tred met de forfaitaire kilometervergoeding voor gebruik van een persoonlijk voertuig door ambtenaren, op vandaag federaal vastgesteld op 0,3653 EUR, hetzij afgerond 0,37 EUR.
Wanneer de thuiszorg van beperkte, sporadische hulp zou evolueren in langdurige thuiszorg worden oorspronkelijk uurtarieven als overbrugging voorzien. Zodra mogelijk worden echter de decretaal vastgelegde tarieven voor "diensten van gezinszorg" gehanteerd. Hierop anticiperend, wordt voor personen met recht op een verhoogde tegemoetkoming een lager overbruggingstarief voorzien.
Wanneer via het LDC een beroep wordt gedaan op het Dienstenbedrijf Sociale Economie voor wassen, drogen en strijken worden de tarieven doorgerekend die bij het DBSE van toepassing zijn.
Wat betreft de verkoopsartikelen wordt vastgesteld dat ook hier veel variatie is, zodat de noodzaak bestaat een beroep te doen op maxima. Vooral bij cursusmateriaal en creaties van activiteiten, is de prijs zeer afhankelijk van de cursus of activiteit in kwestie en is het aangeraden hier zeer individueel te kunnen werken. Het vast bureau is daarom gemachtigd het tarief telkens te bepalen binnen de vooropgestelde maxima.
Wat betreft de maaltijden die worden aangeboden, wordt verwezen naar de tarieven gehanteerd door de sociale restaurants uitgebaat door OCMW Gent. Op die manier wordt een uniformiteit in de prijzen gegarandeerd, tussen de verschillende sociale maaltijdinitiatieven van Stad en OCMW.
Wat betreft de dranken en versnaperingen, noodzaakt de verscheidenheid en variatie in het aanbod tot vaststellen van maxima per categorie van dranken en versnaperingen, waarbinnen de prijs snel kan worden aangepast ingevolge aanpassing van de prijs van de leverancier, of een product snel aan de lijst kan worden toegevoegd.
In de LDC, WZC en assistentiewoningen worden bepaalde zogenaamde "hygiënische diensten" aangeboden: kappersdiensten, manicure/pedicure en gelaats- en lichaamsverzorging. Onder deze categorieën gaat een veelvoud aan individuele behandelingen in wisselend aanbod schuil. Ook hier wordt daarom gewerkt met een maximum per individuele behandeling, waarbinnen de concrete tarieven vlot kunnen worden vastgesteld en aangepast bij wisselend aanbod.
Bij annulatie van een activiteit vanuit de organisatie uit, wordt in een getrapt systeem voorzien:
Er wordt voorzien in enkele gerichte vrijstellingen:
Er wordt voorzien dat het vast bureau bepaalde tarieven geheel of gedeeltelijk met spaarpunten van de Uitpas laat betalen volgens een vooraf bepaald omruiltarief. Zo kan bijvoorbeeld toegestaan worden dat de Uitpas gebruikt wordt voor korting op een uitstap, of voor een koffie. Het Uitpas-systeem wordt zo volledig geïntegreerd, naast de korting van het bezit van de Uitpas met kansentarief.
De bevoegdheden toevertrouwd aan het vast bureau, kunnen door het vast bureau verder worden gelegeerd.
Het nieuwe tarief is van toepassing vanaf 1 juni 2020 en vervangt vanaf het activiteitenjaar 2020-2021 alle vorige tarieven wat betreft de activiteiten die erin zijn opgenomen.
Het Departement Ouderenzorg is belast met de toepassing van de uitvoering van dit reglement.
UiTPAS zelf geeft geen korting of hanteert geen derdebetalerssysteem op maaltijden. Desalniettemin zal de Uitpas met kansentarief ook voor de feestmaaltijden gebruikt worden als grond om de korting toe te kennen, zonder dus dat het achterliggend betalingssysteem gebruikt wordt.