Artikel 1 van de OCMW wet van 1976.
Artikel 1 van de OCMW wet van 1976.
In 2015 keurde de Gentse Raad voor Maatschappelijk Welzijn van het OCMW unaniem het Gentse systeem van Aanvullende Financiële Hulpverlening (AFH) goed.
De doelstelling van de AFH is de volgende:
Via aanvullende financiële hulpverlening willen we de hulpvrager een inkomen verlenen dat hem toelaat een menswaardig leven te leiden. Maar het verhogen van het inkomen via AFH mag niet demotiveren tot het leveren van activeringsinspanningen.
De AFH heeft een herverdelend effect door extra tussenkomst te voorzien in die situaties waar het gezinsinkomen het laagst is en aldus de nood het hoogst is. Op deze manier is de AFH een rechtvaardige berekenswijze die rekening houdt met de concrete situaties waarin mensen leven.
1. Huidig systeem van AFH
Het Gentse systeem zet heel sterk in op in het in kaart brengen van het volledige gezinsinkomen van een huishouden. Dit betekent dat alle inkomsten van de inwonende leden in kaart worden gebracht: uitkering, onderhoudsgeld, huurpremie of huursubsidie,… Dit geeft ons het beeld van het gezinsinkomen. Niet elke uitkering komt vandaag in aanmerking om AFH te ontvangen. Enkel huishoudens met een: (equivalent) leefloon of wat als niet te activeren uitkering wordt aanschouwd (pensioen of inkomensgarantie voor ouderen, invaliditeitsvergoeding en inkomensvervangende tegemoetkoming) komen vandaag de dag in aanmerking.
Gezien personen met een vervangingsinkomen of bijstandsuitkering – afhankelijk van een aantal parameters – recht hebben op verschillende sociale voordelen rekent het systeem van AFH de meest voorkomende en zo goed als maximaal uitgeputte rechten mee. In concreto gaat dit over het sociaal voordeel De Lijn, de korting op de provinciebelasting en de huisvuilzakken én het sociaal tarief water, gas-en elektriciteit.
Dit gezinsinkomen komt in de weegschaal te liggen met 2 berekeningen:
De eerste berekening ‘het Gentse referentiebudget' brengt in kaart welk inkomen het gezin minimaal nodig heeft om menswaardig te kunnen participeren aan de samenleving. De referentiebudgetten zijn geprijsde korven van goederen en diensten die weerspiegelen wat minimaal noodzakelijk is voor Belgische gezinnen om adequaat te participeren aan de samenleving. Er wordt daarbij verondersteld dat de gezinsleden in goede gezondheid verkeren, goed geïnformeerd zijn en over alle noodzakelijke competenties beschikken om economisch hun budget te beheren.
De referentiebudgetten brengen de kosten in kaart op het vlak van gezonde voeding, adequate huisvesting, gezondheidszorg en persoonlijke verzorging, geschikte kleding, rust en ontspanning, veilige kindertijd, betekenisvolle relaties, mobiliteit en veiligheid. Bij deze referentiebudgetten houden we rekening met de huurprijs om de hoogte van het referentiebudget te bepalen.
Deze referentiebudgetten zijn ontwikkeld door het Centrum voor Sociaal Beleid van de Universiteit Antwerpen én het Centrum voor Budgetadvies-en Onderzoek (CEBUD) van de Thomas More Hogeschool. Deze worden up to date gehouden. De Gentse AFH maakt hiervoor de koppeling met de REMI tool die door de betreffende onderzoekers up to date wordt gehouden.
2. De tweede berekening, 'de kritische grens', is een spanningsveld met het Gewaarborgd Minimuminkomen. Het Gewaarborgd Minimuminkomen geeft weer welk inkomen er in het gezin aanwezig is indien een volwassene de overstap zet naar voltijdse tewerkstelling. De federale overheid legt dit minimuminkomen vast. De ‘kritische grens’ berekent een loonspanning met het inkomen dat zou verdiend worden indien 1 volwassene in het gezin de overstap zet naar bezoldigde arbeid aan het ‘Gewaarborgd Minimuminkomen’. Bedoeling is om werken lonend te houden. Mensen moeten meer verdienen indien ze gaan werken, dan wanneer ze een uitkering krijgen. Daarom geven we enkel aanvullende financiële hulp, indien het minimumloon nog hoger ligt dan de uitkering + AFH.
In Gent werd beslist om volgende loonspanning te hanteren:
35% voor alleenstaanden,
25% voor koppels en samenwonenden,
7% voor gezinnen met minderjarige kinderen
Dit wil zeggen dat bv we voor alleenstaanden maar AFH tot 35% onder het Gewaarborgd Minimuminkomen geven. Bij de berekening van de kritische grens houdt het systeem geen rekening met de effectieve kosten van de mensen (zoals bv hoge huurprijzen).
Zowel de referentiebudgetten als de kritische grens zijn up to date met de recentste info over de hoogte van de referentiebudgetten, als ook de recentste bedragen van de minimuminkomens.
In het Gentse systeem van AFH zit een activeringsvoorwaarde besloten. Dit gebeurt op verschillende manieren:
Zoals hierboven reeds besproken zorgt het spanningsveld met het minimuminkomen ervoor dat er een zekere loonspanning wordt behouden. Dit maakt de overstap naar werk lonender.
De blijvende toekenning van de AFH is afhankelijk van de medewerking aan het hulpverlenings -en/of activeringstraject.
2. Voorstel tot bijsturing
Dit besluit stelt 2 wijzigingen voor aan het Gentse systeem van Aanvullende Financiële Hulp:
1. Op 3 april keurde de Taskforce Relance in het kader van de coronacrisis goed dat de inkomenssoort wordt losgelaten als voorwaarde om AFH te ontvangen. Waar tot op heden enkel mensen met bepaalde soorten inkomen (equivalent leefloon, invaliditeitsvergoeding, inkomensvervangende tegemoetkoming, inkomensgarantie voor ouderen én pensioen) toegang hadden tot het Gentse systeem van AFH, zou vanaf nu niet langer het soort inkomen bepalend zijn voor de toegang tot het systeem.
Dit betekent dat de hoogte van het inkomen bepalend is voor de berekening van de AFH.Indien het inkomen valt onder de 2 berekende barema's dan is er recht op AFH.
Alle andere voorwaarden blijven van toepassing.
2. De wachttijd om toegang te krijgen tot het systeem wordt stop gezet. Tot op heden werd voor alleenstaanden en samenwonenden met een (equivalent) leefloon een wachttijd van 6 maanden gehanteerd. Door het loslaten van de voorwaarde van 'soort inkomen', zal er een nieuwe doelgroep instromen in de AFH. Gezien de huidige gezondheidscrisis (COVID-19) is het niet te verantwoorden om mensen in nood de boodschap te geven dat ze pas binnen 6 maanden extra financiële ondersteuning kunnen ontvangen.
Dit betekent dat iedereen die aan de voorwaarden voldoet en een inkomen onder de berekende barema's heeft, Aanvullende Financiële Hulp kan ontvangen.
Het wegvallen van de wachttijd voor alleenstaanden en samenwonenden is momenteel geldig tot eind 2020 en wordt eind 2020 geëvalueerd.
3. Implementatie
Er wordt een gefaseerde implementatie voorgesteld:
- Mei 2020: is de effectieve startdatum. De toegekende AFH wordt met terugwerkende kracht tot mei 2020 toegekend.
- Juni 2020:
a. Huidige cliënten bij het OCMW met een inkomen dat voldoet aan de nieuwe voorwaarden worden gecontacteerd en er gebeurt een berekening.
b. Nieuwe cliënten die bij het OCMW aankloppen krijgen AFH toegekend indien ze aan de voorwaarden voldoen.
Eenmaal andere beleidsmaatregelen verder uitgerold zijn, zoals een versterking van de outreachende werking van kinderen eerst, gebeurt actieve toeleiding van gezinnen en personen in armoede die recht hebben op AFH.
Vanuit een stijging in dossiers ontstaat een stijgende nood aan begeleiding, waarvoor bijkomende personeelsinzet noodzakelijk is.
| Dienst* | Staf Beleidsondersteuning |
| Budgetplaats | C99 |
| Categorie* | 6481905 |
| Subsidiecode | |
| 2020 | 214.257 € |
| 2021 | 303.355 € |
| 2022 | 369.307 € |
| 2023 | 426.364 € |
| 2024 | 484.562 € |
| 2025 | 543.924 € |
| Totaal | 2.341.769 € |
| Dienst* | |||
| Budgetplaats | |||
| Categorie* | |||
| Subsidiecode | |||
| 2020 | |||
| 2021 | |||
| 2022 | |||
| 2023 | |||
| 2024 | |||
| 2025 | |||
| Later | |||
| Totaal |
Keurt goed dat het soort inkomen losgelaten wordt als voorwaarde om toegang te krijgen tot het systeem van Aanvullende Financiële Hulpverlening.
Keurt goed dat de wachttijd van 6 maanden om toegang te krijgen tot het systeem van Aanvullende Financiële Hulpverlening wordt afgeschaft.