Terug
Gepubliceerd op 28/01/2021

2020_MV_00482 - Mondelinge vraag van raadslid Evita Willaert: Invloed van de corona-crisis op art. 60-tewerkstelling

commissie onderwijs, welzijn en participatie (OWP)
wo 02/12/2020 - 19:00 Digitale zitting
Datum beslissing: wo 02/12/2020 - 20:51
Behandeld

Samenstelling

Aanwezig

Gabi De Boever, Karin Temmerman, Elke Sleurs, Sven Taeldeman, Mehmet Sadik Karanfil, Zeneb Bensafia, Karlijn Deene, Sandra Van Renterghem, Jef Van Pee, Anne Schiettekatte, Mieke Bouve, Carl De Decker, Karla Persyn, Evita Willaert, Adeline Blancquaert, Patricia De Beule, Stijn De Roo, Mattias De Vuyst, Anita De Winter, Yeliz Güner, Yüksel Kalaz, Bert Misplon, Caroline Persyn, Joris Vandenbroucke, Sonja Welvaert, Tine De Moor, Fourat Ben Chikha, Ronny Rysermans, Elke Decruynaere, Rudy Coddens, Astrid De Bruycker, Alana Herman, Anneleen Van Bossuyt, Nicolas Vanden Eynden, Cengiz Cetinkaya, Johan Deckmyn, Stephanie D'Hose, Hafsa El -Bazioui, Manuel Mugica Gonzalez, Christophe Peeters, Gert Robert, Christiaan Van Bignoot, Veli Yüksel, Emmanuelle Mussche

Afwezig

Tom De Meester, Tom Van Dyck, Bart De Muynck, Anneleen Schelstraete, André Rubbens, Bart Tembuyser, Jeroen Paeleman

Secretaris

Emmanuelle Mussche
2020_MV_00482 - Mondelinge vraag van raadslid Evita Willaert: Invloed van de corona-crisis op art. 60-tewerkstelling 2020_MV_00482 - Mondelinge vraag van raadslid Evita Willaert: Invloed van de corona-crisis op art. 60-tewerkstelling

Motivering

Toelichting/Motivering/Aanleiding

De maatregelen om de corona-epidemie te kunnen indijken hebben grote gevolgen voor onze arbeidsmarkt. Er zijn sectoren die bij wet gesloten zijn, andere bedrijven die ten gevolge hiervan moeilijk kunnen functioneren, met heel wat werknemers op tijdelijke werkloosheid, en telewerk is verplicht. Dit heeft ongetwijfeld ook gevolgen voor OCMW-cliënten in onze stad die een art. 60-tewerkstelling hebben. 

Indiener(s)

Evita Willaert

Gericht aan

Rudy Coddens

Tijdstip van indienen

vr 27/11/2020 - 11:41

Toelichting

  • Wat zijn de gevolgen van de maatregelen op deze art. 60-tewerkstellingen? En hoe worden deze opgevangen?
  • Dienden er aanpassingen te gebeuren in de trajecten met cliënten? Zo ja, Over welke aanpassingen gaat het?
  • Zijn er cliënten wiens tewerkstelling werd opgeschort? 
  • Ik veronderstel dat ook de Vlaamse overheid rekening houdt met deze bijzondere situatie, wat betreft de termijn (en de daaraan vasthangende subsidie) om een art. 60-traject te vervolmaken?

Bespreking

Antwoord

Doordat verschillende sectoren (verkoop, horeca) hun werkzaamheden dienden te stoppen, heeft dit gevolgen gehad voor onze doelgroep van mensen in een art. 60-contract. 

Verschillenden onder hen werden op dienstvrijstelling geplaatst,  of konden aan de slag blijven met een verminderd uurrooster.

Er werd ook steeds nagegaan of mutatie naar een andere werkvloer mogelijk was. Helaas is dit niet voor iedereen haalbaar.

Bovendien zijn er door Corona bij een aantal werkvloeren ook minder vacatures ter beschikking. En kunnen er bij voorbeeld bij administratieve werkvloeren geen nieuwe tewerkstellingen opgestart worden doordat personeel aan het telewerken is. Voor een startende art. 60 werknemer is dit veelal niet mogelijk omdat er net in de opstartfase veel begeleiding noodzakelijk is. 

De trajectbegeleiders houden   op regelmatige basis contact met hun cliënten die niet aan het werk zijn. Ook bij de werkvloeren informeren ze herhaaldelijk over de stand van zaken naar  mogelijks nieuwe of heropstartende tewerkstellingen. 

 

Zijn er cliënten wiens tewerkstelling werd opgeschort? 

Contracten werden niet stop gezet maar mensen werden wel in dienstvrijstelling gezet met behoud van wedde. Zo waren  er op 15 november  69 cliënten in deze situatie. Dit cijfer verandert continu. Zo openen deze week  terug de winkels waardoor het cijfer zal dalen. 

Reeds bij de eerste lock down hebben we gekozen om de mensen dienstvrijstelling te geven en hun wedde verder uit te betalen. Dit was een weloverwogen keuze omdat  :

  • De procedure voor aanvraag tijdelijke werkloosheid  vrij omslachtig is Onze cliënten dienden  zelf de  formulieren, voor aanvraag tijdelijke werkloosheid, in te vullen en te bezorgen. Wat voor deze doelgroep vrij complex is.
  • We vreesden er ook voor dat betalingen mogelijks niet tijdig zouden gebeuren waardoor men voorschotten op werkloosheidsvergoeding zou moeten aanvragen. Dit betekent opnieuw  een hogere werklast  voor onze  wijkwerkers. Zij ervaren reeds een hogere werkdruk door de hogere instroom.
  • Het is ook voor de organisatie financieel voordeliger om aan de art 60 werknemer hun loon door te betalen, ongeacht of ze werken of niet. Waarom?
  • We kregen bevestigd dat de POD/VDAB de loonsubsidie ten bedrage van 1295 euro verder zal betalen wanneer we de tewerkstelling schorsen maar de lonen verder uitbetalen. Ook werd bevestigd dat we de subsidie TWE eveneens verder zouden ontvangen.
  • Dit is een hoger bedrag dan wanneer we de bijpassing bij tijdelijke werkloosheid zouden moeten compenseren. In dat geval moeten we immers het verschil tussen het minimumloon en het bedrag tijdelijke werkloosheid opleggen.
  • Of we verlonen of in werkloosheid wegens overmacht zetten, heeft geen impact op hun tewerkstellingsdagen in activering, noch op hun rechten 

 

Ik veronderstel dat ook de Vlaamse overheid rekening houdt met deze bijzondere situatie, wat betreft de termijn (en de daaraan vasthangende subsidie) om een art. 60-traject te vervolmaken?

Zoals reeds eerder vermeld behouden we de toegekende subsidies ook tijdens de periodes van tijdelijke werkloosheid. 

Onze cliënten hebben hierdoor echter wel een kortere periode van werkervaring. Vanuit het VVSG ging men bespreken of de lopende trajecten mogelijks kunnen verlengd worden. Dit gezien de huidige subsidie slechts wordt toegekend voor 24 maanden.

do 03/12/2020 - 09:27