Het project vindt zijn oorsprong in een prioritaire praktijknood die binnen verschillende diensten van Stad Gent wordt ervaren, zoals de Jeugddienst en het interstedelijk Centrum voor Leerlingenbegeleiding. Er is een groep jongeren die zich op het kruispunt van jeugdwelzijnswerk en jeugdhulp bevinden. Zij vinden de instap naar het jeugdwelzijnswerk via het vrijetijdsaanbod. De jeugdwelzijnswerker is vaak een vertrouwensfiguur waar zij ook met hun zorgen terecht kunnen. De jeugdwelzijnswerker luistert, vangt op en probeert waar nodig de jongeren toe te leiden naar jeugdhulp. Zowel jeugdwelzijnswerk als jeugdhulp merken dat deze transitie moeizaam verloopt. Een aantal eerste vragen duiken op. Wat is nodig om jongeren de stap naar jeugdhulp te laten zetten? Hoe kan jeugdhulp aansluiting vinden bij deze groep jongeren? Wat kan jeugdwelzijnswerk hierin betekenen? Kortom, wat is nodig om jeugdwelzijnswerk en jeugdhulp te laten samenwerken en afstemmen zodat het aanbod meer is afgestemd op de hulpnood van deze jongeren.
Om een antwoord te kunnen bieden op deze vragen, is er nood aan verder praktijkonderzoek. Het doel van het praktijkonderzoek is vooral om via intervisie en vorming te komen tot input voor een gedragen jeugdbeleid en een sterkere ondersteuning van praktijkwerkers. In een driejarig onderzoeksproject zullen onderzoekers van de Arteveldehogeschool deze problematiek onder de loep nemen (deze overeenkomst betreft enkel fase 1 en 2 van de in totaal 5 fasen). Kinderrechten en sociale grondrechten zullen het kompas zijn. Het onderzoek zal vertrekken vanuit het leefwereldperspectief van de jongeren. Dit betekent dat de stem van de jongeren in het onderzoeksproces een centrale plaats zal krijgen. Er zal gewerkt worden met een combinatie van actieonderzoek en experimentele case-studies. Contextuele diepte-interviews en participerende observaties zullen de nodige data opleveren. Centraal hierbij staan de reconstructie van het netwerk, de relaties en belevingen van de jongeren, alsook van de professionals en organisaties waarmee ze wel en niet in aanraking komen.
Voor de experimentele case-studies zal een selectie worden gemaakt van labo's en vrijplaatsen vanuit verschillende ingangen zoals jeugdwelzijnswerk, CLB, brugfiguren, jeugdstraathoekwerkers, tutoringprojecten,… Er zullen hierbij samen met de veldwerkers praktijken worden ontwikkeld.
Accent zal liggen op het reflecteren over de eigen praktijk en de samenwerking met andere diensten. Doelstelling is om vanuit deze reflectie te komen tot een concept voor een afsprakenkader, een training en ondersteunend materiaal voor professionals die werken met de doelgroep.
De onderzoeksvragen zijn:
en dit telkens op micro-, meso- en macroniveau.
Voorliggende subsidieovereenkomst betreft de eerste twee fasen van dit onderzoek: de literatuurstudie en het afnemen van interviews met praktijkwerkers en beleidsmakers.
| Dienst | Jeugddienst |
| Budgetplaats | 3500900NB |
| Categorie | werkingsubsidies |
| Subsidiecode | NIET_RELEVANT |
| 2020 | 36.000 euro |
| 2022 | 4.000 euro |
| Totaal | 40.000 euro |
NVT