De Nieuwe Gemeentewet, artikel 119.
Bij besluit van 18 maart 2020 vernietigde de waarnemend gouverneur van de provincie Oost-Vlaanderen, de heer Didier Detollenaere, gedeeltelijk het besluit van de gemeenteraad van de Stad Gent van 18 december 2019 tot goedkeuring van het retributiereglement op grafconcessies, met ingang van 1 januari 2020 en het besluit van de gemeenteraad van de Stad Gent van 20 januari 2020 tot wijziging van het retributiereglement op grafconcessies, goedgekeurd bij gemeenteraadsbesluit van 18 december 2019.
De gedeeltelijke vernietiging heeft betrekking op het feit dat het retributiereglement op grafconcessies voorzag in de aanrekening van een vergoeding voor extra prestaties geleverd voor overledenen die zijn ingeschreven in de bevolkingsregisters, het vreemdelingen- of wachregister van de Stad Gent. De waarnemend gouverneur oordeelde echter dat dit in strijd is met artikel 2, zesde lid van het Decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging. Dit behelst het algemeen principe van de kosteloosheid van de lijkverzorging waarvan enkel kan worden afgeweken in geval van grafkelders.
Bij gemeenteraadsbesluit d.d. 20 februari 2017 werden alle geldende politiereglementen samengevoegd in één codex, zijnde de Codex politiereglementen Stad Gent gesanctioneerd met een gemeentelijke administratieve sanctie. Deze codex bevat onder andere het politiereglement op de begraafplaatsen en de lijkbezorging. Artikel 3 van dit politiereglement handelt over de vergoeding van extra prestaties geleverd door het personeel voor begraven en opgraven vanaf 16 uur. Gelet op het voorgaande vernietigingsbesluit van de waarnemend gouverneur en om er voor te zorgen dat het retributiereglement en het politiereglement in overeenstemming zijn met elkaar dient deze bepaling dan ook te worden opgeheven.
Het is aangewezen de hierna vermelde opheffing aan de gemeenteraad voor te leggen.
De gemeenteraad keurde op 18 december 2019 het retributiereglement op de grafconcessies goed. Artikel 2, §1, j. van het retributiereglement bepaalt een tarief voor extra prestaties van personeelsleden. Het gaat om prestaties, geleverd binnen en buiten de normale diensturen op weekdagen en op zaterdagen. De gemeenteraad wijzigde dit artikel bij besluit van 20 januari 2020, meer bepaald in artikel 2, vijfde streepje. Hierdoor werd enkel nog een vergoeding voor extra prestaties van personeelsleden buiten de normale diensturen op weekdagen en voor pretaties op zaterdagen aangerekend. De vergoeding voor extra prestaties van personeelsleden binnen de normale diensturen op weekdagen viel hierbij weg.
Daarnaast maakte het gewijzigde artikel 2, §1, j. van het retributiereglement op grafconcessies geen onderscheid al naar gelang de overledene al dan niet ingeschreven is in de bevolkingsregisters, het vreemdelingen- of wachtregister van de stad.
Artikel 2, zesde lid van het decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging bepaalt nochtans dat, behoudens het verlenen van een concessie, de begraving van een stoffelijk overschot of een urne en de bijzetting ervan in een columbarium kosteloos moet gebeuren voor personen die ingeschreven zijn in de bevolkingsregisters, het vreemdelingen- of wachtregister van een gemeente. In afwijking hiervan kan overeenkomstig artikel 17 §1 van voormeld decreet enkel een vergoeding tegen kostprijs gevraagd worden voor een grafkelder indien de begraving plaatsvindt in een grafkelder. Van het algemeen principe van kosteloosheid van de lijkbezorging kan dus enkel worden afgeweken bij grafkelders.
Voormeld vernietigingsbesluit heeft eveneens implicaties op het politiereglement op de begraafplaatsen en de lijkbezorging, deel uitmakend van de Codex politiereglementen Stad Gent gesanctioneerd met een gemeentelijke administratieve sanctie, meer bepaald op artikel 3 van het politiereglement dat stelt dat:
‘Voor begraven en opgraven wordt vanaf 16 uur voor het vereiste personeel overwerk in rekening gebracht conform het retributiereglement voor grafconcessies, goedgekeurd in de zitting van de gemeenteraad van 18 december 2013.’
Zoals hierboven laat het decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en lijkbezorging niet toe dat voor de personen die zijn ingeschreven in de bevolkingsregisters, het vreemdelingen- of wachtregister van de stad een retributie wordt geheven voor prestaties die verband houden met het delven van graven op de stedelijke begraafplaatsen.
Gelet op het voorgaande dient artikel 3 van het Politiereglement op de begraafplaatsen en de lijkbezorging dan ook te worden opgeheven. Op deze manier zijn het politiereglement en het retributiereglement eveneens met elkaar in overeenstemming.
Voormelde wijzigingen werden voorgelegd aan de Jeugdraad. De Jeugdraad gaf aan pro forma positief advies te verlenen in deze aangezien de voorgestelde wijzigingen geen specifieke impact hebben op minderjarigen.
Heft op artikel 3 van het politiereglement op de begraafplaatsen en de lijkbezorging
"Voor begraven en opgraven wordt vanaf 16 uur voor het vereiste personeel overwerk in rekening gebracht conform het retributiereglement voor grafconcessies, goedgekeurd in de zitting van de gemeenteraad van 18 december 2013."
Neemt kennis van de gecoördineerde versie van het Politiereglement op de begraafplaatsen en de lijkbezorging.
Neemt kennis van de gecoördineerde versie van de Codex politiereglementen Stad Gent gesanctioneerd met een gemeentelijke administratieve sanctie.