De Grondwet, artikel 170;
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, artikel 2.
Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, artikel 40 §3 en artikel 41, 9° en 14°
Deze belasting werd voor het laatst door de gemeenteraad goedgekeurd tot en met aanslagjaar 2019.
Op 8 november keurde het college van burgemeester en schepenen het voortel goed tot nieuw belastingreglement voor de periode 2020-2025.
Ook op 8 november werd het ministerieel besluit bekendgemaakt dat nieuwe tarieven inhoudt voor de kost die de steden en gemeenten aan de federale overheidsdienst dienen te betalen voor de identiteitsbewijzen, waardoor de tarieven en zelfs tariefstructuur niet meer de werkelijke kost vertegenwoordigen.
Gelet op de financiële nota van het meerjarenplan van de Stad Gent en de wettelijke verplichting om een financieel evenwicht te handhaven, is het gerechtvaardigd een billijke financiële tussenkomst te vragen aan alle belanghebbenden op het grondgebied van de Stad Gent. In die zin komt de continuïteit van de werking van de stadsdiensten en de dienstverlening - ook op lange termijn - niet in het gedrang.
Het belastingreglement lijst de verschillende documenten op die worden afgeleverd, en waarvan de afgifte aanleiding geeft tot betaling van een contantbelasting. Het betreft de verschillende identiteitsbewijzen, rijbewijzen, trouwboekjes en dit in verschillende tarieven naar gelang de spoedeisendheid van de procedure.
De belastingplichtige is de aanvrager van het administratief document. Voor reispassen voor minderjarigen heeft het bestuur het opportuun geacht geen verdere belasting dan deze verschuldigd aan de federale overheid op te leggen.
Voor de andere tarieven is voorzien in een hogere bijdrage naar gelang de spoedeisendheid van de procedure. De dringende en zeer dringende of superdringende procedure, noopt immers tot extra inspanningen om de aanvragen tijdig en met voorrang te verwerken.
Sinds 2014 worden de tarieven jaarlijks verhoogd ter compensatie van de inflatie.
Vanaf 2020 wordt er ook een tarief vastgesteld voor het aanvragen van nieuwe PIN/PUK codes. Het betreft een nieuwe aanvraag na verlies, en niet de PIN/PUK codes die standaard worden toegestuurd naar aanleiding van een nieuwe elektronische identiteitskaart. Daarvoor heeft de burger ook andere opties dan deze bij de dienst Burgerzaken aan het loket aan te vragen. Wanneer de burger er toch voor kiest nieuwe codes fysiek aan de balie aan te vragen, is het verantwoord hiervoor een kleine tussenkomst te vragen.
Enkel de administratieve stukken die krachtens een Wet, een Koninklijk Besluit of een andere overheidsbeslissing kosteloos dienen te worden gegeven zijn van de belasting vrijgesteld.
Gezien de nieuwe tarieven voorzien door de FOD Binnenlandse Zaken geen onderscheid meer maken tussen verschillende spoedprocedures, blijft voor de identiteitsbewijzen nog slechts het gewone tarief en 1 spoedtarief over. Gezien de tarieven bovendien nagenoeg gelijkgesteld zijn voor de elektronische vreemdelingenkaart met biometrie, de gewone elektronische vreemdelingenkaart en de elektronische identiteitskaart wordt nog slechts 1 tarief voor deze producten voorzien.
Gezien de FOD Binnelandse Zaken geen voordeliger tarief meer hanteert vanaf de 2e aanvraag voor een kind uit hetzelfde gezin bij spoedprocedures, dient dit tarief ook in het lokaal belastingreglement te stijgen om te vermijden dat de Stad hier een deel van de kost zelf zou dragen. We behouden wel een verlaagd tarief voor deze aanvragen.
De Dienst Burgerzaken is belast met toezicht op en uitvoering van het reglement.
| Dienst* | Burgerzaken |
| Budgetplaats | 6131000 |
| Categorie* | |
| Subsidiecode | |
| 2020 | 2.989.353,90 |
| 2021 | 2.989.353,90 |
| 2022 | 2.989.353,90 |
| 2023 | 2.989.353,90 |
| 2024 | 2.989.353,90 |
| 2025 | 2.989.353,90 |
| Totaal | 17.936.123,40 |
| Dienst* | Belastingen |
| Budgetplaats | 7315000 |
| Categorie* | |
| Subsidiecode | |
| 2020 | 3.779.576 |
| 2021 | 3.794.921 |
| 2022 | 3.798.099 |
| 2023 | 3.829.432 |
| 2024 | 3.874.240 |
| 2025 | 3.874.240 |
| Totaal | 22.950.508 |