Terug
Gepubliceerd op 19/12/2019

2019_GRMW_01210 - Belasting op de inname van het openbaar domein voor de aanslagjaren 2020-2025 - Goedkeuring

gemeenteraad / raad voor maatschappelijk welzijn
ma 16/12/2019 - 19:00 gemeenteraadszaal
Datum beslissing: wo 18/12/2019 - 20:33
Goedgekeurd

Samenstelling

Bevoegde schepen

Rudy Coddens

Aanwezig

Zeneb Bensafia, Mathias De Clercq, Filip Watteeuw, Sofie Bracke, Elke Decruynaere, Astrid De Bruycker, Sami Souguir, Tine Heyse, Mieke Van Hecke, Annelies Storms, Bram Van Braeckevelt, Rudy Coddens, Christophe Peeters, Karin Temmerman, Elke Sleurs, Sara Matthieu, Stephanie D'Hose, Veli Yüksel, Sven Taeldeman, Jef Van Pee, Mehmet Sadik Karanfil, Gert Robert, Karlijn Deene, Carl De Decker, Mieke Bouve, Cengiz Cetinkaya, Karla Persyn, Anneleen Van Bossuyt, Hafsa El -Bazioui, Bert Misplon, Tine De Moor, Anita De Winter, Joris Vandenbroucke, Patricia De Beule, Stijn De Roo, Steve Stevens, Ronny Rysermans, Danny Van Campenhout

Afwezig

Johan Deckmyn, Gabi De Boever, Guy Verhofstadt, Anne Schiettekatte, Sandra Van Renterghem, Evita Willaert, Tom De Meester, Manuel Mugica Gonzalez, Yeliz Güner, Mattias De Vuyst, Yüksel Kalaz, Sonja Welvaert, Christiaan Van Bignoot, Adeline Blancquaert, Caroline Persyn, Fourat Ben Chikha, Mieke Hullebroeck, Luc Kupers

Secretaris

Danny Van Campenhout

Voorzitter

Zeneb Bensafia

Stemming op het agendapunt

2019_GRMW_01210 - Belasting op de inname van het openbaar domein voor de aanslagjaren 2020-2025 - Goedkeuring
Goedgekeurd

Aanwezig

Zeneb Bensafia, Mathias De Clercq, Filip Watteeuw, Sofie Bracke, Elke Decruynaere, Astrid De Bruycker, Sami Souguir, Tine Heyse, Mieke Van Hecke, Annelies Storms, Bram Van Braeckevelt, Rudy Coddens, Christophe Peeters, Karin Temmerman, Elke Sleurs, Sara Matthieu, Stephanie D'Hose, Veli Yüksel, Sven Taeldeman, Jef Van Pee, Mehmet Sadik Karanfil, Gert Robert, Karlijn Deene, Carl De Decker, Mieke Bouve, Cengiz Cetinkaya, Karla Persyn, Anneleen Van Bossuyt, Hafsa El -Bazioui, Bert Misplon, Tine De Moor, Anita De Winter, Joris Vandenbroucke, Patricia De Beule, Stijn De Roo, Steve Stevens, Ronny Rysermans, Danny Van Campenhout
Stemmen voor 32
Christophe Peeters, Mathias De Clercq, Sami Souguir, Tine Heyse, Filip Watteeuw, Annelies Storms, Elke Decruynaere, Karin Temmerman, Sofie Bracke, Bram Van Braeckevelt, Rudy Coddens, Sven Taeldeman, Mehmet Sadik Karanfil, Stephanie D'Hose, Sara Matthieu, Jef Van Pee, Veli Yüksel, Astrid De Bruycker, Mieke Bouve, Cengiz Cetinkaya, Carl De Decker, Karla Persyn, Mieke Van Hecke, Patricia De Beule, Stijn De Roo, Anita De Winter, Bert Misplon, Steve Stevens, Joris Vandenbroucke, Tine De Moor, Hafsa El -Bazioui, Zeneb Bensafia
Stemmen tegen 5
Elke Sleurs, Karlijn Deene, Gert Robert, Ronny Rysermans, Anneleen Van Bossuyt
Onthoudingen 0
Blanco stemmen 0
Ongeldige stemmen 0
2019_GRMW_01210 - Belasting op de inname van het openbaar domein voor de aanslagjaren 2020-2025 - Goedkeuring 2019_GRMW_01210 - Belasting op de inname van het openbaar domein voor de aanslagjaren 2020-2025 - Goedkeuring

Motivering

Op basis van welke regels (rechtsgronden) wordt deze beslissing genomen?

  • De Grondwet, artikel 170;

     

  • Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, artikel 2.
 

Niet digitale bijlagen

 

 

Voorgestelde uitgaven

€ 0,00

Regelgeving waaruit blijkt dat het orgaan bevoegd is

Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, artikel 40 §3 en artikel 41, 9° en 14°

 

Wat gaat aan deze beslissing vooraf?

De belasting op het privaat gebruik van de openbare weg werd voor het laatst door de gemeenteraad goedgekeurd tot en met aanslagjaar 2019.

 

Waarom wordt deze beslissing genomen?

Gelet op de financiële nota van het meerjarenplan van de Stad Gent en de wettelijke verplichting om een financieel evenwicht te handhaven, is het gerechtvaardigd een billijke financiële tussenkomst te vragen aan alle belanghebbenden op het grondgebied van de Stad Gent. In die zin komt de continuïteit van de werking van de stadsdiensten en de dienstverlening - ook op lange termijn - niet in het gedrang.

Het belastingreglement voorziet in een aanslag voor de inname van het openbaar domein. Daarbij worden uitgesloten, de innames die al in andere reglementen aan een belasting of retributie onderworpen worden: werven, markten, ambulante handel.

Het betreft hier een vergoeding die bijkomend gevraagd wordt van die personen die het openbaar domein, dat dient voor het gebruik van allen, wensen te gebruiken voor private doeleinden zoals terrassen, blikvangers, infostands, …

Het is verantwoord, gezien het persoonlijk voordeel dat deze personen verkrijgen uit het openbaar domein, om van hen een bijkomende bijdrage te vragen met oog op de financiering van de openbare dienstverlening.

Enkel de uitdrukkelijk van een tarief voorziene innames kunnen worden belast, overeenkomstig art 170, §4 Grondwet: Geen last of belasting kan door de agglomeratie, de federatie van gemeenten en de gemeente worden ingevoerd dan door een beslissing van hun raad. Wat niet uitdrukkelijk belast wordt, is niet belastbaar. Het reglement voorziet in enkele definities van begrippen die in de tarifering voorkomen.

Er wordt gekozen voor een belasting in plaats van een retributie voor deze vergoeding. De Stad wenst immers aan de hand van de tarifering en bepaalde vrijstellingen, een sturend effect te bekomen in lijn met haar beleidsdoelstellingen waardoor het belastingtarief niet altijd een billijke vergoeding in de zin van een retributie vormt.

 

 

De belastingplichtige is degene op wiens naam de stedelijke vergunning is uitgereikt of die het openbaar domein in gebruik neemt. Doorgaans is dat dezelfde natuurlijke of rechtspersoon. De vergunning is immers verplicht voor een private inname, overeenkomstig het politiereglement op de privatieve ingebruikneming van de openbare weg van 19 maart 1990. Toch moet het reglement uiteraard ook die gevallen dekken waarin zonder vergunning het openbaar domein wordt ingenomen.

Het is logisch deze persoon als belastingplichtige aan te duiden, gezien dit ook de persoon is die het voordeel heeft van het (al dan niet toegestaan) privatiseren van het openbaar domein.

De belasting wordt berekend naargelang de aard van de inname, de ligging, de oppervlakte en de duur van de inname. Wat de oppervlakte betreft, wordt in eerste instantie het aantal m² vermeld in de vergunning als basis genomen. Dit is de oppervlakte die aan de vergunninghouder voor privatisering is toegestaan en waarvan moet worden aangenomen dat zij wordt gebruikt. Indien bij controle een grotere gebruikte oppervlakte wordt vastgesteld, of een inname zonder vergunning, wordt de oppervlakte belast zoals zij in het proces-verbaal van de vaststelling staat vermeld.

Wat de duur van de inname betreft, wordt voor een stedelijke vergunning waarin geen beperking van duur is opgenomen, een weerlegbaar (bv. bij aangetoonde stopzetting/verhuis) vermoeden ingesteld dat de openbare weg daadwerkelijk in gebruik wordt genomen voor een onbeperkte periode. In dit geval wordt het maximumtarief toegepast, zoals hieronder omschreven. Het maximumtarief geldt per belastingjaar. Bij tijdelijke innames geldt opnieuw de duur zoals vermeld in de vergunning.

Voor de toepassing van deze belasting wordt elke begonnen m² en elke begonnen dag als een volle m² of dag gerekend.

Wat de ligging betreft, wordt voor de meeste tarieven een onderscheid gemaakt tussen 4 tariefzones, waarbij zone 1 de duurste en zone 4 de goedkoopste is.

Zone 1 wordt gevormd door de Gentse Feestenzone zoals in de betreffende politieverordening vastgelegd. Het is de kern van de stad, die ook het hoogste aantal voetgangers/voorbijgangers kent en waar de inname enerzijds aan meer passanten het openbaar domein onttrekt, anderzijds de belastingplichtige ook het meeste rendement van zijn inname heeft.

Zone 2 wordt gevormd door de sfeergebieden, buiten deze die al in zone 1 begrepen zijn. In deze sfeergebieden wordt actief ingezet op promotie door de Stad via de EVA ‘Business Improvement District Gent (BIG)’ vzw. Deze sfeergebieden kennen bovendien een bovenlokale aantrekking, waar de gebieden in bv. de deelgemeenten vooral lokale passanten kennen. De winkelleegstand in de sfeergebieden is ook bijzonder laag (6,5% zoals blijkt uit de Visienota Detailhandel en Horeca 2018-2023), lager dan de rest van Gent, zodat kan worden vermoed dat er meer bezoekers komen. Het hoge aantal passanten blijkt ook uit de passantentellingen van vzw BIG, zodat de keuze voor deze zone(s) correct en onderbouwd is.

Zone 3 wordt gevormd door de kernwinkelgebieden van de deelgemeenten, zoals omschreven in de bijlagen van de Visienota Detailhandel en Horeca zoals goedgekeurd in de gemeenteraad van 19 februari 2018 en latere wijzigingen, met uitsluiting van de straten begrepen in zones 1 en 2. 

Zone 4 tenslotte wordt gevormd door de resterende straten.

Voor de innames van terrassen, blikvangers, uitstallingen, zones voor verbruik van eten en drinken, ... geldt dat een bijkomende inname binnen de Gentse Feestenzone èn tijdens de Gentse Feestenperiode, belast wordt aan het betrokken tarief van categorie 1 vermeerderd met 50%. Onder bijkomend wordt verstaan, de oppervlakte die niet reeds belast wordt ingevolge een bestaande geldige vergunning. Het is verantwoord voor die innames een hogere bijdrage te vragen, gezien het aantal passanten – en dus zowel de hinder voor die passanten als het voordeel voor degene die de inname doet – ook sterk verhoogd is tijdens de Gentse Feesten. De andere innames die een apart tarief kennen, worden enkel tijdens de Gentse Feesten toegestaan. Het tarief is daar dan ook al op voorzien.

Daarnaast is ook een tariefverhoging van 50% voorzien voor de onvergunde innames. Met die innames kan geen rekening gehouden worden bij de planning van andere innames in de buurt, zij worden als hinderlijk ervaren. 

 

Er worden tarieven voorzien voor uitstallingen, verkoopstanden, infostanden, ... en daarmee gelijkgestelde innames. De categorie wordt ruim omschreven om vernieuwingen in de markt te kunnen opvangen. Het zijn hoofdzakelijk innames die aan handel gerelateerd zijn maar geen terras zijn of andere soort verder gedefinieerde inname. Hier is in een dagtarief voorzien, maar ook een maximumtarief: wanneer (na 10 dagen) dit tarief wordt bereikt stijgt de belasting niet langer.

Het tarief voor terrassen voorziet enkel in het maximumtarief (dat dus geen maximumtarief, maar gewoon het tarief is). De tarieven voor terrassen worden bovendien verder opgesplitst naargelang het terras over een terrasverwarmer beschikt. Het gebruik van een terrasverwarmer is immers een milieubelastende maatregel: de buitenlucht wordt verwarmd, wat altijd een energie-inefficiënte oefening is. Dit strookt niet met het klimaatbeleid dat de stad wil voeren, zodat het verantwoord is bij gebruik van deze toestellen – of zij nu vast of draagbaar, elektrisch of anders zijn – een extra bijdrage te vragen nu de stad extra inspanningen zal moeten leveren om milieu- en klimaatdoelstellingen te behalen. Dit verhoogd tarief is enkel geldig voor de basisoppervlakte (zijnde de oppervlakte die heel het jaar mag worden gebruik, in tegenstelling tot de zomeroppervlakte). De bijkomende oppervlakte in zomeropstelling, mag immers nooit uitgerust zijn met een terrasverwarmer overeenkomstig het terrasreglement.

Zones voor verkoop van eet- en drankwaren onderscheiden zich van terrassen omdat bij terrassen de eet-  of drankwaren zelf in de horecazaak bewaard worden. Rond dergelijke innames bevind zich vaak publiek, waardoor het niet evident is een exacte oppervlakte te bepalen. Er is dan ook een forfait voor kleine (tot 100m²) en één voor grote tenten (>100m²) voorzien. Gezien dit steeds tijdelijke innames zijn, is er enkel voorzien in een dagtarief.

Tap- en schenkinstallaties worden doorgaans enkel toegelaten tijdens de Gentse Feesten. Dit soort innames verhogen de verkoopscapaciteit per uur, door op het openbaar domein een bijkomende verkoopsinstallatie te voorzien. Dit tarief kan gecombineerd worden met het tarief voor een terras. Dit tarief betreft enkel de installatie zelf, en kent daarom een forfait per dag. Gezien opnieuw geen innames van onbepaalde duur van dit type toegelaten zijn, wordt enkel in een dagtarief voorzien.

De inname voor straatanimatie laat zich moeilijk in een aantal m² laten uitdrukken. De ingenomen ruimte zal afhangen van de passanten en valt ook niet op voorhand in te schatten. Toch is het verantwoord, gezien er duidelijk een persoonlijk voordeel voor de vergunninghouder is, een bijdrage te vragen. De bijdrage wordt gedifferentieerd naar het aantal personen in de artiestengroep. Ook dit soort inname wordt enkel toegelaten tijdens de Gentse Feesten. 

Voor grootschalige tijdelijke manifestaties zoals optredens, waarvoor grote oppervlaktes worden ingenomen is het raadzaam een forfait te voorzien voor een hele plein, een park of straat. Het Sint-Pietersplein is een plein met afmetingen buiten verhouding ten aanzien van de andere pleinen in Gent, en kent daardoor een hoger tarief waarbij ¼ van het plein overeenkomt met een ander Gents plein. Er wordt voorzien in een forfait per dag. Tijdens de Gentse Feesten organiseert de stad zelf op alle betrokken pleinen in de zone evenementen, zodat er geen apart Gentse Feesten-tarief voorzien is voor deze soort inname.

 

 

Gent zet in op jongeren en jeugdwerking. Daarom is het verantwoord innames door Gentse onderwijsinstellingen en de door hen erkende jeugd- en studentengroeperingen vrij te stellen van deze belasting voor de activiteiten die zij op het openbaar domein organiseren.

Door de Stad Gent erkende verenigingen, dragen op sociaal, cultureel of sportief vlak bij aan een gezonde maatschappij. Door hun erkenning stelt de stad hun initiatieven te ondersteunen. Het zou niet productief zijn de vaak beperkte en in vele gevallen zelfs door de stad gesubsidieerde werkingsmiddelen te beperken door hun werking op het openbaar domein te belasten. Daarom kan voor die verenigingen een vrijstelling ingesteld worden. Hetzelfde kan gesteld worden voor die verenigingen en instellingen waarvan de federale overheid heeft aangeduid ze te willen ondersteunen door giften aan deze instellingen fiscaal aftrekbaar te maken: door ze nominatief op te nemen in art 145/33, §1, 1° WIB92 of ze op te nemen op de lijst van erkende instellingen overeenkomstig art 145/33, §1, 3° WIB92.

Zowel voor de jongerenwerking als de andere erkende verenigingen, valt echter niet te verantwoorden dat het uitbaten van een terras kosteloos zou gebeuren, gezien dit een oneerlijk concurrentievoordeel biedt aan de 'gewone' horeca. De vrijstellingen beperken zich om die reden tot andere innames dan terrassen.

Openbare besturen en diensten vervullen per definitie een maatschappelijk verantwoord doel. In feite vervullen zij een overheidsfunctie. Wat de leden van de Groep Gent betreft, is dat overwegend met middelen die zij via de Stad Gent verkrijgen. Daarom is het verantwoord ten aanzien van hen in een vrijstelling te voorzien. Het betreft, volgens de nota bij het collegebesluit van 10 oktober 2016, volgende entiteiten (voor zover zij ook als openbaar bestuur of openbare dienst optreden):

  • AG sogent
  • AG Kunsten en Design
  • AG Erfgoed
  • Sociaal Verhuurkantoor OCMW
  • EVA’s in privaatrechtelijke vorm:
    • vzw Muziekcentrum Bijloke
    • vzw Ingent
    • vzw De Centrale
    • vzw BIG
    • vzw Sodigent
    • vzw Regent
    • vzw Startersfabriek
    • vzw De Fietsambassade Gent
  • Farys/TMVR/TMVS
  • IVAGO
  • Hulpverleningszone Centrum
  • Havenbedrijf Gent NV publiek rechtAZ Jan Palfijn AV

 

Innames die te maken hebben met officiële verkiezingen, volksraadplegingen of burgerinitiatieven vervullen een bijzonder maatschappelijk belang. Het gaat vaak over infostands. Deze innames belasten zou een ontmoediging van het democratisch proces inhouden. De vrijstelling wordt wel beperkt in tijd tot de sperperiode of analoge termijnen, zodat de band met de verkiezing, volksraadpleging of het burgerinitiatief behouden blijft.

Circussen zorgen voor een positief effect op de omgeving doordat zij mensen naar de stad lokken. Ter compensatie voor dit positief effect, is het verantwoord vrijstelling van de belasting te verlenen. 

Fietsrekken ondersteunen het mobiliteitsbeleid dat de Stad Gent wil voeren, door de stad aantrekkelijk te maken voor het 2e alternatief: Trappen (STOP-principe: stappen, trappen, openbaar vervoer, persoonlijk vervoer). Fietsrekken geplaatst door personen toch belasten, zou dat beleidsdoel net ontraden. Daarom is het verantwoord deze inname vrij te stellen.

Bepaalde activiteiten worden, hoewel zij niet door een erkende vereniging worden georganiseerd, toch specifiek betoelaagd door de Stad Gent. De innames van deze activiteiten dan toch nog belasten, zou op een vestzak-broekzak operatie neerkomen die de betoelaging uitholt. Daarom wordt voor deze activiteiten een vrijstelling voorzien. Activiteiten die er deels in bestaan een terras uit te baten, begeven zich in concurrentie met professionele horeca waardoor het niet verantwoord is de vrijstelling voor dit soort inname aan te houden.

Planten- en bloembakken, geplaatst als decoratief element (in tegenstelling tot deze geplaatst met oog op verkoop van de planten of bloemen) hebben een positief effect op het straatbeeld. Het betreffen initiatieven van de burger die zijn omgeving aantrekkelijker maken voor zichzelf en de anderen rond hem. Dit initiatief moet worden aangemoedigd, en kan dus worden vrijgesteld van deze belasting.

Bepaalde lokale burgerinitiatieven hebben duidelijk geen commercieel doel maar willen (vaak op zeer lokaal vlak) de sociale cohesie bevorderen, zoals het plaatsen van een piknickbankje. Door het kleinschalig maar positief effect van deze innames is het verantwoord deze innames vrij te stellen.

Dekenijfeesten en buurtfeesten zorgen voor lokale sociale samenhang, en dragen bij aan een gezonde maatschappij. Deze positieve effecten moeten ondersteund worden. Daarom is het verantwoord een vrijstelling van de belasting voor inname te voorzien.

Specifiek voor terrassen waarvan de vergunning pas wordt verleend in de laatste 2 maanden van het kalenderjaar, voor zover geen inname plaatsvond vóór het verlenen van de vergunning, kan een vrijstelling worden verleend. In feite gaat het om een vermoeden, dat de vergunning gedurende dat kalenderjaar/aanslagjaar niet meer kan worden gebruikt. Zelfs met terrasverwarmer is een terras in november/december eerder onrealistisch.

Specifiek voor de terrassen die ingevolge schorsingsbesluit van het college van burgemeester en schepenen minimum 1 maand niet kunnen worden geplaatst, voor zover de schorsing geen deel uitmaakt van het handhavingsbeleid, is ook een vrijstelling voorzien. Deze vrijstelling vormt een compensatie voor de overlast die door wegenwerken of andere oorzaak waarbij het bestuur zich geneigd ziet een eerder vergunde inname van onbepaalde duur te schorsen, veroorzaakt wordt. 

Tot slot kan het college van burgemeester en schepenen, mits bekrachtiging door de gemeenteraad, nog bijkomende gemotiveerde vrijstellingen toekennen. Het is immers niet mogelijk alle innames waarvoor een vrijstelling in lijn ligt met het doel van de belasting en de andere beleidsdoelen van de Stad Gent, vooraf te bepalen. Een bekrachtiging door de gemeenteraad verzekert conformiteit met art 41, 14° van het DLB.

De Dienst Belastingen is belast met toezicht op en uitvoering van het reglement.

 
 

Overzicht van de inkomsten

Dienst* Belastingen en Evenementen, Feesten, Markten & Foren Belastingen Evenementen, Feesten, Markten & Foren
Budgetplaats 7360800 7360300 7369900
Categorie*      
Subsidiecode      
2020 873.901 66.160 8.570
2021 888.723 67.166 8.715
2022 903.797 68.189 8.864
2023 919.128 69.229 9.014
2024 934.719 70.287 9.167
2025 950.575 71.363 9.323
Totaal 5.470.843 412.394 53.653

 

 

Verwachte ontvangsten

€ 5.936.890,00

Besluit

De gemeenteraad / raad voor maatschappelijk welzijn beslist:

Artikel 1

Keurt goed het reglement 'Belasting op de inname van het openbaar domein' zoals gevoegd in bijlage en met ingang van 1 januari 2020.
 

Bijlagen