Op 9 juni 2011 heeft de raad voor maatschappelijk welzijn de rechtspositieregeling ouderenzorg goedgekeurd. Omwille van gewijzigde regelgeving en beleidsbeslissingen zijn een aantal wijzigingen aan de Rechtspositieregeling Stad en OCMW Gent nodig. Deze wijzigingen moeten ook overgenomen worden voor de medewerkers die vallen onder het toepassingsgebied van de rechtspositieregeling ouderenzorg.
Het Vlaams Rechtspositiebesluit van 7 december 2007 voorziet in een 'opvangverlof' van maximum 6 weken voor statutaire medewerkers, dit zowel voor adoptie als pleegzorg.
Voor contractuele medewerkers stond tot voor kort in de arbeidsovereenkomstenwet enkel een gelijkaardig recht op verlof voorzien voor adoptie, met een maximum van 6 weken.
Bij de invoering van de rechtspositieregeling hebben de Stad en het OCMW Gent er voor gekozen om het ‘opvangverlof’, nl. 6 weken zowel voor adoptie als pleegzorg, toe te passen op zowel contractuelen als statutairen. Beide personeelscategorieën worden voor deze periode doorbetaald.
Op 26 september 2018 verscheen in het Belgisch Staatsblad de wet van 6 september 2018 tot wijziging van de regelgeving met het oog op de versterking van het adoptieverlof en tot invoering van het pleegouderverlof. Deze wet wijzigt de arbeidsovereenkomstenwet van 3 juli 1978 op de volgende punten:
De regels inzake adoptieverlof worden als volgt versoepeld/uitgebreid:
het huidige verschil tussen kinderen jonger of ouder dan 3 jaar verdwijnt. Hierdoor heeft een werknemer dat een minderjarig kind adopteert sowieso recht op 6 weken adoptieverlof;
sinds 1 januari 2019 werd het recht op adoptieverlof stelselmatig opgetrokken. Vanaf 1 januari 2027 zal een personeelslid hierdoor recht hebben op maximaal 11 weken adoptieverlof (tegen 2027 zal er een adoptieverlof van 17 weken zijn, waarvan twee keer 6 weken op te nemen door beide adoptieouders afzonderlijk en dan nog 5 weken die onderling te verdelen zijn);
er worden twee bijkomende weken adoptieverlof toegekend indien een werknemer tezelfdertijd meerdere kinderen adopteert.
Met de inwerkingtreding van de koninklijke besluiten van 1 maart 2019 hebben contractuele medewerkers voortaan op basis van de arbeidsovereenkomstenwet recht op zowel adoptie- als pleegouderverlof van 7 weken (vanaf 1 januari 2019), dewelke gradueel opgetrokken wordt tot 11 weken (in 2027). De eerste drie dagen van het adoptie- en pleegouderverlof zijn ten laste van de werkgever en de overige weken worden gedekt door een ziekte-uitkering ten laste van de mutualiteit. Door de invoering van deze wettelijke regeling kunnen contractuele medewerkers niet langer gebruik maken van het opvangverlof voorzien in artikel 231 van de rechtspositieregeling ouderenzorg. Dit wordt aangepast in de rechtspositieregeling ouderenzorg.
Voor de statutaire medewerkers wordt het opvangverlof op dezelfde manier opgetrokken als voor de contractuele medewerkers door middel van een dienstvrijstelling goedgekeurd door de algemeen directeur.
Statutaire en contractuele medewerkers kunnen in principe vanaf 1 oktober 2019 verlof nemen voor mantelzorg, met een maximum van zes maanden over de hele loopbaan. Het gaat om een federaal vastgelegd thematisch verlof, naast de gekende verloven van ouderschapsverlof, verlof voor medische bijstand en palliatief verlof.
Per zorgbehoevende persoon kan de voltijdse medewerker gedurende één maand volledig of twee maanden gedeeltelijk (met de helft of met een vijfde) stoppen met werken. Wie deeltijds werkt kan zijn prestaties enkel volledig schorsen (dus per zorgbehoevende persoon beperkt tot 1 maand).
De betrokkene krijgt intussen een uitkering van de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening.
Om op dit verlof recht te hebben moet de medewerker een erkende mantelzorger zijn, zoals nader bepaald in de Wet van 12 mei 2014 betreffende de erkenning van de mantelzorger.
De definitie van thematisch verlof wordt in de rechtspositieregeling ouderenzorg uitgebreid met het mantelzorgverlof.
De maaltijdcheques worden iedere maand, volgend op de refertemaand (= de vorige maand) aan de medewerker overhandigd, in functie van het berekend aantal dagen van die maand waarop hij effectief arbeidsprestaties heeft geleverd.
Wijkt het aantal toegekende cheques in een bepaalde maand af van het berekend aantal effectief gepresteerde arbeidsdagen, dan wordt uiterlijk de laatste dag van de eerste maand die volgt op het kwartaal waarin de prestaties worden geleverd, het aantal maaltijdcheques in overeenstemming gebracht met het aantal dagen waarop de medewerker tijdens het kwartaal effectief heeft gepresteerd.
Artikel 204 van de rechtspositieregeling ouderenzorg voorziet dat uiterlijk op 31 januari van het jaar volgend op het jaar waarin de arbeidsprestaties worden geleverd een globale jaarafrekening gebeurt om de laatste correcties mogelijk te maken.
De Inspectiedienst van de RSZ informeerde het bestuur erover dat correcties enkel op kwartaalbasis mogen gebeuren en niet op jaarbasis. Op vraag van de RSZ wordt dit gewijzigd in artikel 204 van de rechtspositieregeling ouderenzorg.
Elke afwezigheid wegens arbeidsongeschiktheid moet gestaafd worden door een attest van arbeidsongeschiktheid. Artikel 234/5 van de rechtspositieregeling ouderenzorg voorziet dat er geen recht is op salaris wanneer medewerkers hun attest laattijdig indienen. Omwille van de duidelijkheid wordt aan dit artikel toegvoegd dat dit ook geldt wanneer medewerkers geen attest van arbeidsongeschiktheid indienen.
Het Besluit van de Vlaamse Regering van 19 april 1995 tot uitvoering van het decreet van 5 april 1995 betreffende de profylaxe van besmettelijke ziekten, is opgeheven door het Besluit van de Vlaamse Regering van 19 juni 2009 betreffende initiatieven om uitbreiding van schadelijke effecten, die veroorzaakt zijn door biotische factoren, tegen te gaan.
Het nieuw besluit voorziet in een meldingsplicht naar het agentschap Zorg en Gezondheid van de Vlaamse Overheid. De arts en verpleegkundige van Zorg en Gezondheid kunnen dan maatregelen nemen om de verspreiding van de ziekte naar andere mensen te voorkomen. Welke maatregelen dat zijn, is afhankelijk van het soort infectieziekte.
De artikelen 301 en 302 van de rechtspositieregeling ouderenzorg in verband met het profylaxeverlof moeten dan ook worden opgeheven.
De hieronder vermelde redactionele wijzigingen zijn identiek aan deze die voorzien worden voor de rechtspositieregeling stad en OCMW Gent:
Daarnaast worden aan de rechtspositieregeling ouderenzorg een aantal redactionele wijzigingen aangebracht om de leesbaarheid te verhogen, tekstuele fouten recht te zetten of om de tekst aan te passen aan de huidige realiteit zoals onder meer "DIBISS" dat wordt vervangen door "RSZ" en "Jobpunt Vlaanderen" dat wordt vervangen door "het Vlaams selectiecentrum voor overheidspersoneel". Diezelfde redactionele wijzigingen werden ook doorgevoerd bij de opmaak van de gemeenschappelijke rechtspositieregeling stad en OCMW Gent.
De raad voor maatschappelijk welzijn wijzigt de Rechtspositieregeling Ouderenzorg met ingang van 1 november 2019 als volgt:
* In artikel 97 wordt in § 5 in het laatste lid geredigeerd als volgt: 'Geldt als datum waarop de kandidatuur is ingediend:
* In artikel 98 wordt 'Selectie' vervangen door 'Dienst Selectie en Mobiele Ploeg'.
* In artikel 107 wordt in § 1 en § 3 'Selectie' vervangen door 'Dienst Selectie en Mobiele Ploeg'.
* In artikel 204 wordt het laatste lid opgeheven.
* In artikel 215 wordt in § 2 'hij/zij' telkens vervangen door 'die'.
* In artikel 266 wordt 'vrouwelijke medewerker' vervangen door 'medewerker'.
* In artikel 231 wordt 'medewerker' telkens vervangen door 'statutaire medewerker'.
* In artikel 232 wordt de laatste zin opgeheven.
* Artikel 234/5 wordt gewijzigd als volgt: 'Wordt het getuigschrift niet of na de voorgeschreven termijn bezorgd, dan wordt de statutaire medewerker (m/v/x) ambtshalve in de stand non-activiteit gesteld met verlies van salaris voor de dagen van ongeschiktheid waarvoor geen attest van arbeidsongeschiktheid beschikbaar is. De contractuele medewerker (m/v/x) heeft voor deze periode geen recht op salaris.'
* In artikel 283 wordt 'profylaxeverlof' geschrapt uit de opsomming.
* De artikelen 301 en 302 worden opgeheven.
* In bijlage 1. Begrippen en definities wordt in de definitie van thematisch verlof het mantelzorgverlof toegevoegd.
* In bijlage 1. Begrippen en definities wordt in de definitie van vormingsverantwoordelijke 'Dienst Loopbaanbegeleiding en Vorming' wordt vervangen door 'Dienst Talent en Ontwikkeling'.
De raad voor maatschappelijk welzijn wijzigt de Rechtspositieregeling Ouderenzorg met onmiddellijke ingang als volgt:
* In de subtitel en de voettekst van de rechtspositieregeling ouderenzorg wordt ‘art. 104 § 6 OCMW-decreet’ vervangen door ‘artikel 186, § 2, 3° van het Decreet Lokaal Bestuur’.
* In artikel 6, 1° wordt in opsomming b) ‘en Az’ geschrapt.
* In artikel 6, 1° worden opsommingen c) en d) geschrapt.
* In artikel 6, 2°, c) wordt ‘dienstchef nursing - 2e klasse’ vervangen door ‘zorgcoördinator’.
* In artikel 7 wordt § 3 aangevuld als volgt: ‘rekening houdend met de bepalingen van artikel 8’.
* In artikel 7, § 4 wordt ‘Jobpunt Vlaanderen’ vervangen door ‘het Vlaams selectiecentrum voor overheidspersoneel’.
* In artikel 8, 1e lid wordt de laatste zin geschrapt.
* In artikel 8, 3e lid wordt in de eerste zin ‘of hogere graad’ geschrapt.
* In artikel 8, 3e lid wordt de laatste zin geschrapt.
* In artikel 8, 4e lid wordt ‘of hogere graad’ geschrapt.
* In artikel 10, § 3, 2° en het laatste streepje van de opsomming wordt ‘graad’ vervangen door ‘functie’.
* In artikel 14, § 3 wordt het laatste lid vervangen als volgt:
‘Geldt als datum waarop de kandidatuur is ingediend:
de datum van verzending van de sollicitatie in e-recruitment.
de datum van verzending van de sollicitatie per post of e-mail. De datum van de poststempel en/of de datum van de verzending van de e-mail geldt als bewijs van de verzending.
de datum van afgifte van de kandidatuur tegen ontvangstbewijs.’
* In artikel 15, § 2 wordt in de laatste zin ‘zijn’ vervangen door ‘haar’.
* In artikel 18, § 2, 4e lid wordt ‘examenprogramma’ vervangen door ‘selectieprogramma’.
* In artikel 24, § 3 wordt in de laatste zin ‘zijn’ vervangen door ‘haar’.
* In artikel 25, § 2 wordt ‘duurtijd’ telkens vervangen door ‘duur’.
* Op het einde van artikel 44 wordt een lid toegevoegd als volgt:
‘De tewerkstelling op een kabinet of een fractiesecretariaat van een statutair op proef aangestelde medewerker (m/v/x) schort de proeftijd niet op.’
* In artikel 47 wordt in de laatste zin ‘zijn’ vervangen door ‘haar’.
* In artikel 83, § 2 wordt ‘vormingsfaciliteiten’ vervangen door ‘vormingen’.
* In artikel 88, § 2, 1e lid wordt ‘directeur ouderenzorg’ vervangen door ‘directeur woonzorgcentrum’.
* In artikel 97 wordt in § 3 het tweede lid geschrapt.
* In artikel 102, § 3 wordt ‘duurtijd’ vervangen door ‘duur’.
* In artikel 103, 2e lid wordt in de 2e zin ‘zijn’ vervangen door ‘haar’.
* Aan artikel 103 wordt een nieuw lid toegevoegd: ‘Indien de evaluatie niet binnen 30 kalenderdagen na het einde van de proeftijd gebeurt, wordt de evaluatie geacht gunstig te zijn.’
* In artikel 111, § 1 wordt in de eerste zin ‘betrekkingen’ vervangen door ‘functies’.
* In artikel 111, § 1 wordt in de laatste zin ‘graad’ vervangen door ‘functie’.
* In artikel 135, 1e lid worden de woorden 'en artikel 134, § 2' geschrapt.
* In artikel 140, 3° wordt ‘werkpost’ vervangen door ‘werkplek’.
* In artikel 141, § 2, laatste lid wordt ‘DIBISS’ vervangen door ‘RSZ’.
* In artikel 143, 2e lid wordt ‘De overheid die de medewerker (m/v/x) heeft aangesteld’ vervangen door ‘De aanstellende overheid’.
* In artikel 144, § 2, 4e zin wordt ‘de eerste dag van de maand’ vervangen door ‘de eerste maandag’.
* In artikel 144, § 3 wordt ‘DIBISS’ vervangen door ‘RSZ’.
* In artikel 145 wordt ‘werkpost’ vervangen door ‘werkplek’.
* In Titel X: De toelagen, vergoedingen en sociale voordelen, wordt in Hoofdstuk III de Afdeling I: De haard- en standplaatsvergoeding opgeheven en de titel van Hoofdstuk III wordt aangepast naar 'Het vakantiegeld en de eindejaarstoelage'.
* In artikel 221, § 1, 1e lid wordt ‘vakantiejaar’ vervangen door ‘lopende jaar’.
* In artikel 221, § 1, 3e lid wordt ‘3. Verlof voor deeltijdse prestaties’ geschrapt.
* In artikel 223, 1e lid wordt ‘vast aangesteld’ geschrapt.
* In artikel 236, § 2, 3e lid wordt in de opsomming ‘verlof voor deeltijdse prestaties’ vervangen door ‘deeltijds onbetaald verlof’.
* In artikel 244, § 1 wordt ‘arbeidsgeneesheer’ telkens vervangen door ‘arbeidsarts’.
* Artikel 270 wordt geredigeerd als volgt: ‘De medewerker (m/v/x) krijgt dienstvrijstelling voor consultatie van of bezoek aan een preventieadviseur-arbeidsarts, de adviserend arts arbeidsongevallen, een arts van Medex of een arbeidspsycholoog verbonden of aangeduid door het bestuur.’
* Artikel 271 wordt geredigeerd als volgt: ‘De medewerker (m/v/x) krijgt dienstvrijstelling voor bezoek aan een stads- of OCMW-dienst of de sociale dienst voor het personeel van de Groep Gent met betrekking tot een werkgerelateerde aangelegenheid.’
* In artikel 277 wordt ‘buitengewone’ vervangen door ‘onregelmatige’.
* Artikel 287 wordt opgeheven.
* In artikel 294 wordt § 2 opgeheven.
* In artikel 300 wordt in de opsomming ‘het Comité voor Preventie en Bescherming op het Werk’ geschrapt.
* Artikel 313, § 2 wordt geredigeerd als volgt: ‘De medewerkers (m/v/x) dienen via MIA de nieuwsberichten uitgaand van het bestuur te consulteren. De dienstchefs brengen deze nieuwsberichten onder de aandacht van de medewerkers (m/v/x) die geen eigen pc hebben of moeilijk toegang tot MIA hebben.’
* In artikel 316 wordt de laatste zin geredigeerd als volgt: ‘In geval van twijfel beslist het hoofd van het personeel.’
* In artikel 317, 1e lid wordt ‘reglementen’ vervangen door ‘reglementering’.
* In artikel 334 wordt ‘hierarchische meerderen’ vervangen door ‘leidinggevende(n)’.
* In artikel 340, 2e lid wordt ‘hun’ geschrapt.
* Artikel 351, 1° wordt opgeheven.
* In artikel 351, 4e wordt het 2e lid opgeheven.
* Artikel 356 wordt opgeheven.
* Artikel 357 wordt opgeheven.
* Artikel 359 wordt opgeheven.
* In Bijlage 1: begrippen en definities wordt de definitie 7° contactpersoon personeel opgeheven.
* In Bijlage 1: begrippen en definities wordt de definitie 12° departement geredigeerd als volgt: ‘de overkoepeling van diensten zoals vermeld in het organogram’.