In zitting van 28 juni 2017 heeft de gemeenteraad het nieuw reglement met betrekking tot de gemeentelijke parkeervergunning, goedgekeurd.
Daarna werd dit reglement op verschillende momenten gewijzigd.
Tot op heden voorzag het reglement met betrekking tot de gemeentelijke parkeervergunning dat voertuigen, dewelke voorzien zijn van een gemeentelijke parkeervergunning voor anonieme politievoertugien, hiermee konden parkeren binnen alle parkeerzones zoals bepaald in bijlage 2 bij het betrokken reglement.
In de praktijk stelde men echter vast dat het parkeren van deze voertuigen op een aantal voorbehouden plaatsen als hinderlijk werd ervaren gezien het kleine aantal van deze parkeerplaatsen zodat een oneigenlijk gebruik hiervan te allen tijde dient vermeden te worden.
Hieruit bleek derhalve de noodzaak om een uitzondering te voorzien opdat voertuigen voorzien van een gemeentelijke parkeervergunning "anonieme politievoertuigen", overal kunnen parkeren op uitzondering van de voorbehouden plaatsen voor ultrakortparkeren, autodelen, marktkramers en autocars zoals vastgesteld in de respectievelijke aanvullende reglementen van de straten waar deze voorbehouden plaatsen zijn voorzien.
Concreet dienen deze uitzonderingen in artikel 15, §3 van het reglement met betrekking tot de gemeentelijke parkeervergunning te worden toegevoegd.
Een tweede wijziging van het reglement heeft betrekking op de mogelijkheid om een bewonersvergunning tijdelijk aan de nummerplaat van een vervangvoertuig te koppelen. In artikel 8, §5 van het reglement met betrekking tot de gemeentelijke parkeervergunning is voorzien dat een vervangvoertuig in dit geval ook tijdelijk kan voorzien zijn van een commerciële kentekenplaat.
In deze bepaling was echter voorzien dat een dergelijke koppeling toegelaten is voor een termijn van 1 maand hetgeen niet strookt met de bepalingen van het Koninklijk Besluit van 8 januari 1996 tot regeling van de inschrijving van de commerciële platen voor motorvoertuigen en aanhangwagens. In artikel 15.3 van dit K.B. wordt immers vastgelegd dat het uitlenen of verhuren van een voeruig voorzien van een commerciële kentekenplaat, in het geval van een vervangvoertuig, beperkt is tot een termijn van 7 dagen.
De laatste zin van de laatste alinea van artikel 8, §5 wordt dan ook in die zin aangepast.
Wijzigt de tekst van artikel 15, § 3 van het reglement met betrekking tot de gemeentelijke parkeervergunning door volgende tekst:
" §3. De gemeentelijke parkeervergunning “anonieme politievoertuigen” is gedurende één jaar geldig binnen alle parkeerzones zoals bepaald in bijlage 2, uitgezonderd op de voorbehouden plaatsen voor ultrakortparkeren, autodelen, marktkramers en autocars, zoals vastgesteld in de respectievelijke aanvullende reglementen van de straten waar deze voorbehouden plaatsen zijn voorzien."
Wijzigt artikel 8, § 5 van het reglement met betrekking tot de gemeentelijke parkeervergunning als volgt:
In de laatste alinea wordt de woorden 'een maand' vervangen door 'zeven dagen'.
Keurt goed de inwerkingtreding van de wijzigingen op 7 januari 2019.