Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 2.
Het Gemeentedecreet van 15 juli 2005, artikel 42, § 1.
In een slimme stad creëren stadsbesturen, bedrijven, onderzoeksinstellingen en burgerinitiatieven samen oplossingen voor stedelijke uitdagingen. Overal in Europa spannen steden en gemeenten zich al in om slimme en duurzame projecten uit te werken. Tegelijk zien we dat er meer ‘dingen’ dan mensen geconnecteerd zijn met het internet. Allerlei fysieke objecten (bv. straatverlichting, verkeersborden, auto’s…) zijn online verbonden. Dit is het 'Internet of Things'.
Als een gemeente iets wil ondernemen op het vlak van de ‘verslimming’ en het toepassen van Internet of Things om economische groei te ondersteunen of de dienstverlening te verbeteren, is overleg cruciaal. Dat kan gaan van overleg binnen de gemeente tot overleg met stakeholders, tussen overheidsniveaus, met naburige gemeenten en de regio, met de burgers en ondernemers in de gemeente,… Het is van belang dat dit soort projecten ook effectief geïmplementeerd raakt en daadwerkelijk op grote schaal uitgerold wordt om een impact te hebben op de levenskwaliteit van de burgers in de steden en gemeenten.
Met de oproep 'City of Things' wil Vlaanderen haar steden en gemeenten ondersteunen in het verwerven van de noodzakelijke inzichten om over te kunnen gaan tot een daadwerkelijke implementatie (een commerciële aanbesteding of een eigen ontwikkeling) van smart city-toepassingen met gebruik van Internet of Things-technologieën. Dit omvat onder andere het bepalen van het samenwerkingsmodel, technische studie, gebruikersonderzoek, bepalen van de noden, enz. Het doel is om onmiddellijk na (of al tijdens) het project over te kunnen gaan tot een commerciële aanbesteding of een eigen implementatie. De nodige onderzoeken om de kennis op te bouwen voor het opstellen van het bestek en de effectieve draft van de nodige aanbestedingsdocumenten zijn dus onderdeel van de gesteunde projecten. De kosten voor de daadwerkelijke implementatie of commerciële aanbesteding maken geen onderdeel uit van het gesteunde project in deze call. Projecten mogen max. 1 jaar duren, moeten voor minstens 20 % met eigen inbreng gefinancierd worden, en kunnen maximaal 200.000 euro Vlaamse steun ontvangen.
De oproep werd eind 2017 gelanceerd door het Agentschap Innoveren en Ondernemen. De indiening verliep in twee fasen. In een eerste fase - tot en met 31 januari 2018 - konden projectideeën aangemeld worden. De stadsdiensten dienden verschillende ideeën in, waaronder 'Databroker'. Dit project plaatst zich tussen de IOT-devices en bundelt sensordata van publieke en private bronnen om die nadien als open/shared/closed data weer vrij te geven aan bepaalde profielen. Doel is om te onderzoeken hoe een databroker er technisch dient uit te zien en welke potentiële databronnen reeds voorhanden zijn om dit databroker-project te voeden. Het project dient te eindigen met een modelbestek voor een databroker die door geïnteresseerde steden kan worden gebruikt .
Hiertoe werd een samenwerking voorgesteld waarbij de Stad Gent instaat voor de inhoudelijke coördinatie, projectmanagement, inhoudelijke input en open data standaarden, en publicatie, met:
- Digipolis Gent (business analyse, technisch onderzoek, aansturen technische piloten en het schrijven van een voorbeeldbestek);
- Kenniscentrum Vlaamse Steden (interne en externe communicatie, betrekken en informeren externe partners);
- Steden Roeselare, Antwerpen, Genk en Brugge (locale usecases, relevante ervaring, mogelijke technische embedding).
Het idee, project 'Databroker' werd op 30 mei 2018 geselecteerd voor verdere uitwerking (fase 2). Het projectvoorstel werd verder uitgewerkt, gedetailleerd, en opnieuw ingediend.
Na fase 2 werd het gunstig gerangschikt waardoor subsidie kon worden toegekend. Dit werd, samen met de uitvoeringsvoorwaarden, bekrachtigd via een ministerieel besluit op 27 augustus 2018.
Er werd voorgesteld een bedrag van 192.400 euro (of 80 % van het netto te financieren saldo, een private inbreng van 20 % is vereist onder de vorm van loonkosten en investeringen) toe te kennen aan het project (onder voorwaarden van artikel 2 van het MB).
De looptijd van het project is 12 maand, te starten 2 maand na de goedkeuring (indicatief).
Het project omvat volgende werkpaketten:
Keurt goed de samenwerkingsovereenkomst voor de uitvoering van het City of Things-project 'Databroker' van 1 oktober 2018 tot en met 30 september 2019, zoals gevoegd in bijlage die integraal deel uitmaakt van deze beslissing.