1. Bij gemeenteraadsbesluit van de Stad Gent van 1 september 2008 heeft de Stad Gent het (personeel) gebruiksrecht in T.M.V.W. ingebracht van de gronden en daarop dan voorkomende sporthallen met betrekking tot de percelen aan de Wolfputstraat 92 te 9041 Gent (Oostakker), 17de afdeling, sectie B, nrs. 518C, 517K en 517H.
Bij gemeenteraadsbesluit van de Stad Gent van 29 juni 2016 heeft de Stad Gent bijkomend het (personeel) gebruiksrecht in T.M.V.W. ingebracht van de gronden en daarop dan voorkomende opstallen (voetbalinfrastructuur) met betrekking tot de percelen aan de Eikstraat, 85 te 9041 Gent (Oostakker), 17de afdeling, sectie B, nrs. 517f, 517e en 506b.
De Stad Gent werd voor deze inbrengen door T.M.V.W. vergoed overeenkomstig de statutaire bepalingen van T.M.V.W.
2. Sinds deze inbreng van gebruiksrechten werden door T.M.V.W., of in haar opdracht, op de bedoelde percelen infrastructuurwerken uitgevoerd. Daarnaast heeft de CVBA K.A.A. Gent een oefencomplex opgericht op deze terreinen. De stedenbouwkundige vergunning (dossier nummer 2016/001152) hiervoor werd afgeleverd op 22 december 2016 aan de CVBA K.A.A. Gent en de bouwwerken werden in gebruik genomen op 21 juni 2017.
3. Doordat de inbrengen van de personele gebruiksrechten specifieke inbrengen betreffen volgens de T.M.V.W.-statuten, alleen geldend tussen T.M.V.W en de Stad Gent optredende als toenmalig S-vennoot in T.M.V.W., is er ter gelegenheid van deze inbreng geen formele overdracht / vestiging van een zakelijk recht tot stand gekomen waardoor het eigendomsrecht van de grond met alle opstaande gebouwen (door het recht van natrekking) in principe eigendom is en wordt van de Stad Gent.
Het was tussen partijen evenwel nooit de bedoeling dat de hoger vermelde infrastructuurwerken het voorwerp van natrekking zouden zijn. Hiertoe werd ook een intentieverklaring geuit door de Stad bij collegebesluit van 22 december 2016 tot het sluiten van een erfpachtrecht op de bovengenoemde percelen met ingang van 1 september 2016 en in uitvoering daarvan werd een intentieovereenkomst gesloten tussen de Stad, T.M.V.W., de cvba so K.A.A. Gent en de bvba Horeca Foot. Partijen wensen het erfpachtrecht momenteel vast te leggen bij notariële akte.
A. Om deze reden wordt gevraagd aan de gemeenteraad goedkeuring te verlenen aan de akte tot het vestigen van een erfpachtrecht door de Stad ten voordele van de intercommunale T.M.V.W. voor de onroerende goederen gelegen te:
1. 9041 Oostakker, Eikstraat, gekadastreerd als Gent, zeventiende afdeling, sectie B, deel van perceel 0517 H P0000 voor een oppervlakte volgens meting van 4.694 m².
2. 9041 Oostakker, Eikstraat, gekadastreerd als Gent, zeventiende afdeling, sectie B, percelen 0517F P0000, 0517 E P0000 en 0506 B, P0000 met een totale kadastrale oppervlakte van 59.352 m².
Het erfpachtrecht loopt van 01/09/2016 tot en met 15 augustus 2063 en wordt gevestigd tegen een symbolische euro.
Het is de erfpachter toegelaten om zijn erfpachtrecht over te dragen aan de dienstverlenende vereniging 'Tussengemeentelijke Maatschappij voor Services' en mits goedkeuring van de Stad aan andere partijen.
Het is de erfpachter toegelaten een opstalrecht te vestigen ten aanzien van de CVBA met sociaal oogmerk 'K.A.A. Gent' (voor 99 %) en de BVBA 'Horeca Foot' (voor 1 %). Voor overige vestigingen van zakelijke rechten is bijzondere goedkeuring van de Stad nodig.
B. Dit bovengenoemde opstalrecht zal onmiddellijk toegekend worden per authentieke akte, na het verlijden van de akte met betrekking tot het erfpachtrecht. De Stad dient in deze opstalakte op te treden als tussenkomende partij, omdat de Stad zich er in dit ontwerp toe verbindt het door T.M.V.W. aan K.A.A.Gent toegekende opstalrecht, onder dezelfde modaliteiten, over te nemen indien het erfpachtrecht tussen de Stad en TMVW voortijdig ten einde zou komen.
Ook is het de Stad die goedkeuring moet verlenen aan de opstalhouder bij een eventuele overdracht van het opstalrecht aan een andere partij.
Om deze reden wordt ook de opstalovereenkomst ter goedkeuring van de gemeenteraad voorgelegd.
C. In het geval dat de schuld voortvloeiend uit het voorliggende erfpacht niet onmiddellijk (volledig) bij het verlijden van de akte voldaan wordt, is de hypotheekbewaarder - overeenkomstig artikel 35 van de Hypotheekwet - normaal gezien gebonden om van deze openstaande schuldvordering(en) ambtshalve een hypothecaire inschrijving te nemen in zijn registers. Deze inschrijving biedt de Stad een zekerheid omtrent de latere betaling ervan. Achteraf handlichting bekomen van deze inschrijving brengt evenwel kosten met zich mee.
Gelet op het symbolisch karakter van de vergoeding en het partnerschap met de erfpachthouder, wordt dan ook voorgesteld om de hypotheekbewaarder van deze specifieke plicht te ontslaan.
Keurt goed de bij dit besluit gevoegde en er integraal deel van uitmakende erfpachtakte tussen de Stad en T.M.V.W. met betrekking tot de onroerende goederen gelegen te 9041 Oostakker, Eikstraat, kadastraal gekend te Gent, 17e afdeling, sectie B, perceelnummers 517 F, 517 E, 506 B, en deel van perceel 0517 H.