De economie trekt aan. Voor de tewerkstelling is het een goede zaak. Maand na maand lanceert de VDAB resultaten over het aantal vacatures dat in stijgende lijn gaat en het aantal werkzoekenden dat daalt.
Het aantal werkzoekenden in Gent zit voor 2018 ver onder de cijfers van de vorige jaren. Dat is natuurlijk positief. De laatste cijfers van april 2018 klokten af op een kleine 13.500.
De sociaal economische raad van Vlaanderen lanceerde een studie, waaruit blijkt dat kortgeschoolde vrouwen met migratieachtergrond moeilijker aan de bak geraken. Slechts 35% van de vrouwen, geboren buiten de EU 15, zou aan de slag zijn. Meer dan de helft zou bij de VDAB niet ingeschreven zijn.
1. Wat betreft de studie van de SERV over de vrouwen met migratieachtergrond, kennen we die cijfers, specifiek voor Gent?
2. In welke mate zijn de voorstellen van de commissie diversiteit van de SERV van toepassing voor Gent?
3. Zijn specifieke Gentse drempels bekend?
4. In maart werd Jobroad gelanceerd, mogelijk al een antwoord om stappen te zetten naar deze doelgroep. Wordt aan bijkomende stappen gedacht?
5. Wordt gedacht aan bijzondere Gentse partners om hier extra werk van te maken?
De cijfers van de SERV zijn niet onderverdeeld naar gemeente. voor Gent kan ik u dus geen precieze cijfers geven.
Wel weten we dat de werkzaamheid bij de groep laaggeschoolde vrouwen met migratie-achtergrond laag is.Dat blijkt uit cijders van onze eigen inburgerings- en integratiemonitor, en uit gegevens van de VDAB.
De werkzaamheid van vrouwen, geboren buiten de EU, ligt in Gent op 43,7%, in Vlaanderen op 46,8%.
De cijfers van de SERV liggen lager, omdat het daar over vrouwen gaat met migratie-achtergrond, die bovendien laaggeschoold zijn.
Ter vergelijking: de werkzaamheidsgraad bij vrouwen ZONDER migratie-achtergrond ligt in Gent op 73,1%.
Let wel, het gaat hier over vrouwen die actief zijn op de arbeidsmarkt, en dus gekend zijn bij de VDAB.
Over de 'inactieve vrouwen' heb ik geen cijfers, behalve de LWI - Low Work Intensity monitor - een Europese armoede-indicator.
Deze geeft het aandeel mensen, dat leeft in een gezin waar de volwassenen samen minder dan één dag per week werken.
Voor Gent ligt dat aandeel voor de intra-Europese migranten op 44%. Bij de Turken en de Maghrebijnen op 27%. Bij de Belgen slechts op 9%.
Duidelijke cijfers.
Lage scholing bepaalt in het algemeen niet alleen een lage kans op de arbeidsmarkt, maar ook een verminderde kans op een goed leven.
Bij vrouwen met migratie-achtergrond is dat nog meer zo: want er is niet alleen de lage scholing, vaak is er ook een taalbarrière, nog meer dan bij de mannen.
Bovendien zijn er tal van socio-culturele patronen die hen afhankelijk maken van andere gezinsleden of familie om in hun levensonderhoud te voorzien.
Het is dus goed dat de SERV aanbevelingen doet, om deze groep te bereiken, en initiatieven te nemen die deze vrouwen kunnen ontvoogden, onder meer door werk.
Terecht wordt aangegeven dat er lokaal moet worden gewerkt - dicht bij de doelgroep - en dat je moet vertrekken vanuit een 'holistische' bril: neen, niet alleen stappen naar werk, maar ook aanpakken van welzijnsproblemen, sociale problemen, taal- en culturele barrières.
In Gent zetten we die ‘holistische bril’ al even op.
Ik denk aan het project Werkplek Vluchtelingen Gent – waarvan we afgelopen woensdag tussentijdse resultaten voorstelden[1].
([1] 114 van 340 mensen die begeleid zijn aan het werk, de anderen stappen gezet via o.m. vrijwilligerswerk en opleiding; een deel van de 340 is nog in begeleiding; tegen 2019 zullen we 500 mensen bereikt hebben)
Ik denk ook aan ons project A-Tiem, voor intra-Europese migranten.
Het leren van Nederlands op de werkvloer, en het aanbieden van diverse vormen van werkervaring en werkplekken - twee aanbevelingen van de SERV - zitten als het ware in het DNA van deze projecten.
Weliswaar zijn ze niet specifiek opgezet voor laaggeschoolde vrouwen met migratie-achtergrond.
Maar door het outreachend, vindplaats-gericht werken én door samenwerking met diverse partners, bereiken we hen in zekere mate.
Neem nu A-Tiem, dat outreachend werkt, en in de gezinnen dus niet alleen de manne, maar alle gezinsleden bereikt: ook de vrouwen, die vaak niet actief zijn op de arbeidsmarkt, en zich in een zwakke positie bevinen.
op die informele, laagdrempelige manier werken we ook aan hun empowerment, door bijvoorbeeld gericht te zoeken naar oplossingen betreffende kinderopvang, of de combinatie gezin-opleiding, of gezin-werk.
Bij de verlenging van het project Werkplek Vluchtelingen Gent - tot eind 2019 - hadden we bijkomende aandacht voor deze groep vrouwen met migratie-achtergrond. Want hun aantal zal door gezinshereniging nog verder stijgen.
We willen momenteel vooral goed blijven doen, wat we al goed doen, en verder inzetten op onze expertise betreffende begeleiding van kwetsbare groepen.
We hopen dus dat het ESF en Vlaanderen ons zullen blijven ondersteunen om maatschappellijk essentiële projecten als Werkplek Vluchtellingen Gent en A-TIEM waar mogelijk en nodig voort te zetten en nog uit te breiden.
En om daarbinnen niet alleen ruimte te hebben voor 'stappen naar werk', maar ook voor 'randvoorwaarden' als taal, sociale positie, kinderopvang of welzijn.
Want het zijn die 'randvoorwaarden' die die stappen vaak verhinderen.
En dat is niet goed voor de samenleving.
Maar in de eerste plaats ook niet voor deze kwetsbare mensen zelf, voor wie we het uiteindelijk doen.