De Nieuwe Gemeentewet, artikel 234.
De Nieuwe Gemeentewet, artikel 234.
Artikel 234 van de Nieuwe Gemeentewet stelt dat de gemeenteraad de bevoegdheden voor overheidsopdrachten die betrekking hebben op het dagelijks beheer van de gemeente kan overdragen aan het college van burgemeester en schepenen, binnen de perken van de daartoe op de gewone begroting ingeschreven kredieten.
Bij gemeenteraadsbesluit van 18 december 2001 werd aan het college delegatie verleend voor opdrachten van de Politiezone Gent waarvan de waarde niet hoger lag dan 67.000 euro, exclusief btw, en dit binnen de perken van de daartoe op de gewone begroting ingeschreven kredieten.
Dit bedrag verwijst naar het drempelbedrag voor het voeren van een onderhandelingsprocedure zonder bekendmaking zoals bepaald in art. 120 K.B. 8 januari 1996 betreffende de overheidsopdrachten.
Met de inwerkingtreding van artikel 105, §1, 2° van het KB van 15 juli 2011 plaatsing overheidsopdrachten is het grensbedrag voor het voeren van een onderhandelingsprocedure zonder bekendmaking opgetrokken van 67.000 euro naar 85.000 euro, exclusief btw.
Bij gemeenteraadsbesluit van 22 september 2014 werd aan het college delegatie verleend voor opdrachten waarvan de waarde niet hoger lag dan 85.000 euro, exclusief btw, en dit binnen de perken van de daartoe op de gewone begroting ingeschreven kredieten.
In het Belgisch Staatsblad van 14 juli 2016 is de wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten gepubliceerd. Deze overheidsopdrachtenwet 2016 vervangt de wet van 15 juni 2006. Op 9 mei 2017 is het Koninklijk Besluit plaatsing van 18 april 2017 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. Dit KB heeft voor de inwerkingtreding van de nieuwe wet overheidsopdrachten gezorgd op datum van 30 juni 2017. Op 27 juni 2017 is ook het nieuwe KB uitvoering in het Belgisch Staatsblad verschenen.
De nieuwe regelgeving omvat onder meer volgende nieuwe bepalingen :
1) Het drempelbedrag om beroep te doen op een onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking wordt verhoogd van 85.000 euro, zonder belasting over de toegevoegde waarde naar 144.000 euro, zonder belasting over de toegevoegde waarde. Voorgaande maar ook het soepeler kunnen werken, maakt het wenselijk de grens voor de bevoegheid van het college eveneens op te trekken naar 144.000 euro (exclusief btw), zoals op heden bepaald in het ministerieel besluit van 21 december 2017 tot wijziging van de Europese bekendmakingsdrempels.
Voormeld drempelbedrag geldt voor de jaren 2018 en 2019 en zal 2-jaarlijks worden herzien. Het is aangewezen om, gelet op deze 2-jaarlijkse herziening, om niet langer te verwijzen naar een concreet bedrag maar naar de bepaling in de regelgeving (art. 42, § 1, 1°,a) wet overheidsopdrachten) om gebruik te maken van de onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking wanneer de goed te keuren uitgave lager ligt dan het bedoelde drempelbedrag.
2) In het nieuwe KB uitvoering overheidsopdrachten is er in artikel 37 en 38 een nieuw regelgevend kader met een lijst van toepassingsgevallen waarbinnen er sprake kan zijn van een aanvaardbare wijziging tijdens de uitvoering van de opdracht. Enerzijds vermijdt dit kader vroegere juridische discussies met betrekking tot de hoedanigheid van wijzigingen, anderzijds biedt dit een duidelijk en uniformer rechtskader waarbinnen wijzigingen mogelijk zijn zonder een nieuwe plaatsingsprocedure.
Nieuw is onder meer dat een opdracht mag gewijzigd worden met aanvullende werken, leveringen en diensten die noodzakelijk zijn geworden met 50 procent, en dit zelfs meerdere malen. Ook de vroegere 15% regel zit in voormeld artikel 38 weliswaar voor leveringen en diensten nu beperkt tot 10%. Hoger kader maakt komaf met de visie dat wijzigingen in werkelijkheid altijd neerkomen op een nieuwe vaststelling van de voorwaarden van de opdracht waarbij de bevoegdheid om tot dergelijke wijzigingen te besluiten toekomt aan het orgaan welke de voorwaarden heeft vastgesteld.
Nieuw is dat in overeenstemming met voormelde artikelen het toegestaan is de opdracht te wijzigen in de gevallen voorzien in deze artikelen.
Het college van burgemeester en schepenen is bevoegd om deze wijzigingen goed te keuren in het kader van haar uitvoeringsbevoegdheid op grond van artikel 123, 2° van de Nieuwe Gemeentewet. Het college staat immers in voor de uitvoering van de gemeenteraadsbesluiten en kan, als dat nodig is voor de uitvoering, de overeenkomst wijzigen.
Het college is dus ondermeer bevoegd om alle wijzigingen in het kader van de 10 % of 15 % regel goed te keuren, ook als het drempelbedrag van 144.000 euro wordt overschreden en het bestek slechts door het college zou vastgesteld zijn.
Voormelde regeling geldt voor opdrachten waarvan het geraamde bedrag hoger is dan 30.000 euro (exclusief btw), en dus niet voor de zogenaamde opdrachten op basis van aanvaarde factuur.
Bijkomend wordt voorgesteld om het dagelijks beheer uit te breiden met de bevoegdheid voor het college om, ongeacht de waarde van de opdracht, elke herhalingsopdracht voor werken of diensten goed te keuren.
Op grond van artikel 42 § 1,2° Wet Overheidsopdrachten is het mogelijk een herhaling van de opdracht te gunnen op voorwaarde dat deze mogelijkheid van herhaling in het oorspronkelijk bestek wordt opgenomen en de gunning van de herhalingsopdrachten gebeuren binnen drie jaar na de sluiting van de oorspronkelijke opdracht. Het college is bevoegd voor deze herhaling(en) vermits de basisopdracht in de meeste gevallen reeds is goedgekeurd door de gemeenteraad en de gemeenteraad ook de mogelijkheid van herhaling heeft goedgekeurd. Bijkomende argumentatie is dat op die manier gelijkaardig wordt gewerkt met de aanvullende werken, leveringen of diensten welke ook worden goedgekeurd door het college van burgemeester en schepenen vermits deze nu opgenomen zijn in artikel 38 KB uitvoering.
Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om, in toepassing van artikel 234 van de Nieuwe Gemeentewet, delegatie te verlenen aan het college van burgemeester en schepenen van zijn bevoegdheden die betrekking hebben op het dagelijks beheer en waarvan de kredieten ingeschreven zijn op de gewone dienst van de politiebegroting.
Volgende bevoegdheden worden gedelegeerd:
- De vaststelling van de wijze van gunnen en de voorwaarden van overheidsopdrachten waarvan de waarde minder is dan de drempel voorzien in artikel 42, § 1, 1°, a) van de wet overheidsopdrachten.
- Elke herhaling van een overheidsopdracht op grond van artikel 42, § 1, 2° van de wet overheidsopdrachten, ongeacht de waarde van de herhalingsopdracht op voorwaarde dat de basisopdracht door de gemeenteraad is vastgesteld. De oorspronkelijke opdracht dient door de gemeenteraad te worden vastgesteld als de raming van het opdrachtbedrag, dit is de waarde van de oorspronkelijke opdracht, inclusief alle herhalingen, het drempelbedrag van het dagelijks beheer zou overschrijden.
Delegeert, in toepassing van artikel 234 van de Nieuwe Gemeentewet, aan het college van burgemeester en schepenen volgende bevoegdheden die betrekking hebben op het dagelijks beheer en waarvan de kredieten ingeschreven zijn op de gewone dienst van de politiebegroting:
- De vaststelling van de wijze van gunnen en de voorwaarden van overheidsopdrachten waarvan de waarde minder is dan de drempel voorzien in artikel 42, § 1, 1°, a) van de wet overheidsopdrachten.
- Elke herhaling van een overheidsopdracht op grond van artikel 42, § 1, 2° van de wet overheidsopdrachten, ongeacht de waarde van de herhalingsopdracht op voorwaarde dat de basisopdracht door de gemeenteraad is vastgesteld. De oorspronkelijke opdracht dient door de gemeenteraad te worden vastgesteld als de raming van het opdrachtbedrag, dit is de waarde van de oorspronkelijke opdracht, inclusief alle herhalingen, het drempelbedrag van het dagelijks beheer zou overschrijden.
Deze regeling treedt in werking op 1 mei 2018.
Dit besluit vervangt het gemeenteraadsbesluit van 22 september 2014, met ingang van 1 mei 2018.