Naar aanleiding van een opiniestuk van moraalfilosoof Patrick Lobuyck in de Standaard over de aanpak en het aanbod van levensbeschouwelijke vakken in het onderwijs, verscheen er in diezelfde krant een interessant voorstel. Dat werd uitgewerkt door 2 leerkrachten uit een Gentse stadsschool. Het voorstel vertrekt vanuit een andere organisatie van het aanbod LBV. Daarbij worden de leerlingen voor LBV niet meer uit elkaar gehaald. Het aanbod wordt georganiseerd als een soort carrousel. Daarin zou er gewerkt worden met een verdeelsleutel waarin elke levensbeschouwing een representatief aantal uren krijgt in een pakket dat voor de klassen als geheel geldt zonder dat leerlingen hun vrije levensbeschouwelijke keuze moeten opgeven.
In een reactie op Twitter gaf u als schepen van onderwijs aan dat u met de betrokken school verder wil bekijken welke de mogelijkheden zijn om dergelijk gemeenschappelijk aanbod te realiseren. Als liberale partij juichen wij dergelijk initiatief uiteraard toe en zijn we benieuwd naar uw intenties terzake.
Vandaar mijn concrete vraag:
Wat zijn uw intenties inzake dit dossier en hoe wil u deze bereiken?
Het voorstel dat wij toejuichen, want wij staan daar op dezelfde lijn en ik zou dat ook veel beter vinden. Mensen zeggen mij: er moet nog een generatie over gaan, ik wil mij daar niet bij neerleggen. Ik weet dat er misschien anderen zijn die daar anders over nadenken, maar wij staan daar dus op dezelfde lijn. Alleen hebben we iets tegen, namelijk de Grondwet. Een klein probleem.
‘ de scholen ingericht door openbare besturen, bieden, tot het einde van de leerplicht, de keuze aan tussen onderricht in één der erkende godsdiensten en de niet –confessionele zedenleer.’
Dit is de zogenaamde neutraliteitseis
Nu, we hebben dit debat hier ook al eens gevoerd. Ik kan proberen om dat te veranderen, ik ga verwoedde pogingen blijven doen en met hoe meer dat we zijn, hoe beter.
Wat kunnen we wel doen?
Blijvend bepleiten bij de hogere overheid om een herziening van de grondwet.
Hoe meer leerkrachten die daar ook hun stem laten horen, hoe meer kans dat we maken. Zij staan tenminste ook in de praktijk.
Verschillende stedelijke scholen zijn aan het bekijken hoe dat we een vak BURGERSCHAP of LEF - of wat dan de invulling kan zijn, maar daar is al veel over nagedacht want het zijn concreet uitgewerkte voorstellen- eventueel zouden kunnen inrichten in de vrije uren. Dus eigenlijk bovenop. De levensbeschouwing, we gaan dat niet meer doen want we zijn daar aan gebonden. Niet alleen wij maar ook het gemeenschapsonderwijs, en dat was het grote nieuws op 1 september: ‘Gemeenschapsonderwijs start met BURGERSCHAP en LEF. Zij zijn ook aan de Grondwet gebonden, ze staan er niet boven, dus hoe lossen zij dat op? Door het aantal uur, want elke school heeft een aantal uur in de week waar dat hij zelf kan beslissen voor wat hij het gaat gebruiken. Om extra Grieks of Latijn in te richten, stemonderwijs, remediering, Nederlands, etc. Het is belangrijk dat er daar draagvlak voor is, ook bij de leerkrachten en bij de school. Dat is dus aan het groeien. Je zou kunnen gaan zeggen: bij de eerste graad zet je vooral in op oriëntatie, op brede eerstegraads kennis wat te maken heeft met heel veel uiteenlopende dingen. In de tweede graad gaan we een stukje remediëren en gaan kijken waar er extra nood is, of specialisatie. Voor de Derde graad zijn we nu aan het bekijken of we daar op een aantal scholen BURGERSCHAP/LEF kunnen gaan invullen.
vr 23/03/2018 - 15:06