Situering
De ruilverkaveling Schelde-Leie situeert zich op delen van het grondgebied van de gemeenten Nazareth, De Pinte en Sint-Martens-Latem en de steden Gent en Deinze. Het gebied van 2.700 ha groot wordt in het noorden bij benadering begrensd door de gewestweg N43 (Kortrijksesteenweg) en in het oosten door een aantal parallelle zijbeken van de Schelde (de Zwartekobensbeek, de Moerbeek en de Coupure). In het zuidwesten valt de grens grofweg samen met de N35 (Gaversesteenweg). Het zijn hoofdzakelijk gronden met een agrarische bestemming op het gewestplan of een ruimtelijk uitvoeringsplan die binnen de projectgrens liggen.
Op het grondgebied van de Stad Gent is de ruilverkaveling Schelde-Leie lopende in die delen van Zwijnaarde en Sint-Denijs-Westrem die zijn aangeduid als agrarisch gebied in de van toepassing zijn de ruimtelijke bestemmingsplannen, met name het gewestplan en het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan “Afbakening grootstedelijk gebied Gent. Deelproject 6C. Parkbos”. Concreet betreft het de volgende 4 gebieden:
Gelegen binnen het GRUP – deelgebied Parkbos:
Deelgebied 1: het landbouwgebied tussen de Kortrijksesteenweg (N43), Rosdamstraat, Keistraat en de stadsgrens Duivebeek-Rosdambeek (Sint-Denijs-Westrem)
Deelgebied 2: het landbouwgebied tussen de Putstraat, de Rijvisschestraat, de Grotesteenweg-Zuid (N60) en de Klossestraat (Sint-Denijs-Westrem / Zwijnaarde)
Deelgebied 3: het landbouwgebied tussen de Grotesteenweg-Zuid (N60), Gebuurtestraat, Mijlgrachtstraat-Krekelstraat en de E17 (Zwijnaarde)
Gelegen binnen het Gewestplan:
Deelgebied 4: het landbouwgebied tussen de E17, Scheldehout, Zwartekobensbeek en –straat en Hondelee
Voorgeschiedenis
Door de uitbouw van het Parkbos (Gent – De Pinte – Sint-Martens-Latem), het Stadsbos Deinze (Deinze) en de Hospicebossen (Nazareth) verloor de land- en tuinbouwsector de voorbije twee decennia heel wat gronden tussen Schelde en Leie, van Gent tot in Deinze. De landbouwsector was daarom vragende partij voor een flankerend beleid bij deze overheidsprojecten, met name de opstart van een lokale grondenbank voor het Parkbos Gent in combinatie met een ruilverkaveling.
De grondenbank Parkbos werd in 2004 in het leven geroepen. Iets later, in 2006, gaf de toen bevoegde minister de Vlaamse Landmaatschappij de opdracht het nut van een ruilverkaveling te onderzoeken in de regio Schelde-Leie. Dit onderzoek omvatte het voorstellen van een ruilverkavelingsblok (dit is de grens van het projectgebied tot op niveau van het kadastraal perceel) en het opstellen van een ontwerp-ruilverkavelingsplan. Dit ontwerp van ruilverkavelingsplan werd van 5 februari 2014 tot en met 6 maart 2014 in openbaar onderzoek gelegd. Conform de vigerende regelgeving werd voor dit plan een plan-MER opgemaakt, dat tussen 6 januari 2014 en 6 maart 2014 in openbaar onderzoek lag. Iedereen kon opmerkingen, suggesties en bezwaren indienen over de gegevens op de kavellijsten, de blokgrens, het ontwerp van ruilverkavelingsplan en/of het milieueffectrapport. Er werden ruim 300 adviezen, opmerkingen of bezwaren ingediend. Ook de Stad Gent formuleerde naar aanleiding van de openbare onderzoeken twee adviezen, die aan de Vlaamse Landmaatschappij werden overgemaakt.
Alle bezwaren en opmerkingen werden behandeld door een coördinatiecommissie, die een eindadvies formuleerde aan de Vlaamse minister bevoegd voor ruilverkaveling, minister Joke Schauvliege. Op basis van dit advies besliste de minister een aantal aanpassingen aan het ontwerp-ruilverkavelingsplan door te voeren. Nadien, op 19 mei 2014, verklaarde de minister het ruilverkavelingsproject nuttig en werd de blokgrens definitief vastgelegd.
Op 3 juli 2015 nam de Vlaamse Regering het besluit tot uitvoering van het ruilverkavelingsproject Schelde-Leie. Met dit besluit werd het ruilverkavelingscomité Schelde-Leie opgericht. Het comité voert de ruilverkaveling uit. Het neemt de beslissingen, maar vraagt daarvoor eerst het advies van de zogeheten “commissie van advies” die werd opgericht door de bevoegde minister op 18 augustus 2015.
Projectstructuur
In het ruilverkavelingscomité zetelen 11 leden, waaronder 7 ambtenaren van Vlaamse overheidsdiensten waarmee de ruilverkaveling raakpunten heeft (met name landbouw, ruimtelijke ordening, landschapszorg, natuurbehoud, het kadaster) en 4 personen die voorgedragen zijn door de Provinciale Landbouwkamer. De commissie van advies telt 10 leden en bestaat uit 4 vertegenwoordigers van eigenaars en gebruikers, 5 afgevaardigden van de gemeentebesturen en 1 vertegenwoordiger van de natuurverenigingen. De leden zijn aangesteld vanwege hun kennis van het gebied. De voorzitter van commissie en comité behoort tot de Afdeling Land en Bodembescherming, Ondergrond, Natuurlijke rijkdommen (ALBON) van de Vlaamse overheid. De secretaris is een personeelslid van de Vlaamse Landmaatschappij, waar ook het secretariaat gehuisvest is. Ook de leden van het projectteam werken bij de Vlaamse Landmaatschappij.
Voor de Stad Gent werd Joke Charles, groenpolencoördinator, aangesteld als lid van de commissie van advies. De Stad Gent is niet vertegenwoordigd in het ruilverkavelingscomité.
Aanleiding voor dit besluit
In het najaar van 2017 stelde het ruilverkavelingscomité Schelde-Leie, met als secretariaat de Vlaamse Landmaatschappij, aan de gemeenten De Pinte, Sint-Martens-Latem, Nazareth en de steden Deinze en Gent de vraag om als onderdeel van de uitvoering van de ruilverkaveling Schelde-Leie, een openbaar onderzoek de commodo et incommodo te organiseren over het zogeheten plan artikel 70 van de ruilverkaveling Schelde-Leie.
Dit plan artikel 70 is een plan dat verdere uitvoering geeft aan het ruilverkavelingsproject Schelde-Leie. Het omvat alle nieuwe wegen en afwateringen met de daarbij behorende kunstwerken. De bestaande wegen en afwateringen en de daarbij behorende kunstwerken die moeten verdwijnen, worden eveneens op dit plan aangegeven. Dit plan zal, samen met de andere nog op te maken plannen artikel 70, aanleiding geven tot het wijzigen van de Atlas van de Buurtwegen en de Atlas van de Waterlopen.
Betekenis van het voorliggend plan artikel 70
Voorliggend plan artikel 70, dat van 15 tot en met 29 januari 2018 in openbaar onderzoek lag, geeft verder uitvoering aan het ruilverkavelingsproject Schelde-Leie, en omvat de “nieuwe” wegen en afwateringen met de daarbij behorende kunstwerken. De bestaande wegen en afwateringen en de daarbij behorende kunstwerken die moeten verdwijnen, worden eveneens op dit plan aangegeven. De basis van het plan artikel 70 is te vinden in artikel 70 van de Wet van 22 juli 1970 op de ruilverkaveling van landeigendommen uit kracht van de wet. De volledige tekst van het artikel is gevoegd in bijlage 1 bij dit besluit.
Dit is het eerste plan dat wordt opgemaakt. Nog niet alle gewenste nieuwe wegen zijn hierop aangeduid. Het goedgekeurde ruilverkavelingsplan voorziet nog meer nieuwe wegen dan nu te zien zijn op dit eerste plan van de nieuwe, te wijzigen of af te schaffen wegen. Er zullen onder andere meer nieuwe landbouwontsluitingswegen en recreatieve verbindingen aangelegd worden dan nu te zien zijn op dit eerste plan van de nieuwe, te wijzigen of af te schaffen wegen. Zo zullen er in de toekomst 13 km grazige bufferstroken worden aangelegd langs verschillende waterlopen in het ruilverkavelingsgebied. In een aantal van die bufferstroken zal het ook toegelaten worden om te wandelen. Daarnaast zullen er ook recreatieve verbindingen komen die tussen de landbouwpercelen gelegen zijn. Hiervan moet de exacte ligging nog bepaald worden. In totaal komen er ruim 15 km nieuwe recreatieve verbindingen in het gebied.
Deze bijkomende ontsluitingswegen en recreatieve verbindingen zullen opgenomen worden in het tweede plan van de nieuwe, te wijzigen of af te schaffen wegen. Zo zullen na het afwerken van de ruilverkaveling alle wegen gelegen in de ruilverkaveling behoren tot het openbaar domein van de gemeenten.
Rechtsgevolgen van het plan artikel 70
Volgens artikel 70 van de wet van 22 juli 1970 op de ruilverkaveling van landeigendommen uit kracht van de wet dienen de betrokken gemeenteraden binnen de drie maanden na verzending van het dossier kennis te geven van hun advies aan het comité. Dit advies dient te worden gegeven na een onderzoek de commodo et incommodo, aangekondigd door aanplakking.
Het ruilverkavelingscomité vraagt eveneens het advies van de bestendige deputatie. Wanneer de gemeenteraad of de bestendige deputatie niet binnen deze termijn een advies voorlegt, wordt het advies geacht gunstig te zijn.
Vervolgens wordt het plan goedgekeurd door de minister bevoegd voor ruilverkaveling, hiertoe gemachtigd door de Koning. Het ministerieel besluit tot goedkeuring of een afzonderlijk ministerieel besluit bepaalt tot welke groep van wegen de nieuwe wegen zullen behoren en rangschikt eventueel de nieuwe afwateringen in één van de categorieën bepaald in artikel 2 van de wet van 28 december 1967, betreffende de onbevaarbare waterlopen.
Het ministerieel besluit tot goedkeuring of een afzonderlijk ministerieel besluit bepaalt aan het domein van welk openbaar bestuur de nieuwe werken worden toegewezen. Deze besturen zijn verplicht de werken te beheren overeenkomstig de bestemming ervan en met inachtneming van de ter zake geldende wetten en reglementen.
Het ministerieel besluit tot goedkeuring of een afzonderlijk besluit schaft eveneens de buiten gebruik gestelde wegen en afwateringen en de daarbij behorende kunstwerken af en bepaalt dat zij in het geheel van de tot de ruilverkaveling behorende gronden worden opgenomen.
Advies van de Stad Gent
Gelet op de plannen van de nieuwe en af te schaffen wegen, afwateringen en de daarbij behorende kunstwerken, opgemaakt door het Ruilverkavelingscomité Schelde-Leie overeenkomstig de voorschriften van artikel 70 van de wet van 22 juli 1970 op de ruilverkaveling van landeigendommen uit kracht van de wet, zoals aangevuld door de wet van 11 augustus 1978, houdende bijzondere bepalingen eigen aan het Vlaamse gewest;
Gelet op het proces-verbaal dd. 15 januari 2018 waarbij akte wordt genomen van de neerlegging van de stukken ten zetel van het gemeentebestuur;
Gelet op het proces-verbaal van opening en sluiting van het onderzoek, opgemaakt respectievelijk op 15 januari 2018 en 30 januari 2018 door het College van Burgemeester en Schepenen;
Gelet op het attest van het College van Burgemeester en Schepenen dd. 5 februari 2018 waaruit blijkt dat de door het gemeen recht voorgeschreven formaliteiten inzake onderzoek "de commodo et incommodo" werden vervuld;
Gelet op de bezwaren die tijdens het onderzoek door belanghebbenden werden ingediend;
Neemt akte van het voorstel van 'plan artikel 70' inzake de nieuwe en af te schaffen wegen, afwateringen en de daarbij behorende kunstwerken in het ruilverkavelingsproject Schelde-Leie.
Keurt het gecoördineerde advies over het plan artikel 70 goed en maakt dit, samen met de bezwaarschriften en de vereiste documenten inzake het openbaar onderzoek de commodo et incommodo, over aan het ruilverkavelingscomité Schelde-Leie.
Verleent een gunstig advies voor het creëren van twee nieuwe buurtwegen tussen de Putstraat en de Oude Spoorweg, en het bestendigen van de bestaande doorgang tussen Hondelee en Zwartekobenstraat als trage weg.
Verleent een ongunstig advies voor het opheffen van een deel van buurtweg 36 te Sint-Denijs-Westrem en (delen van) de buurtwegen 31, 35 en 36 te Zwijnaarde, gelet op het feit dat deze wegen nog steeds (deels) in gebruik zijn en een functioneel nut hebben.
Vraagt om ook de nieuw aangelegde weg tussen de Rosdamstraat en de vallei van de Rosdambeek in een volgend plan artikel 70 op te nemen als nieuwe weg, zoals het ruilverkavelingsplan voorziet.
Verleent een gunstig advies voor het aanduiden van de openbare wegen als nieuwe weg, en vraagt voor de betreffende wegen het plantrecht aan de Stad Gent te laten overdragen.