Aan de Bovenschelde, de R4 en de E40 binnen het project bedrijventerrein Eiland Zwijnaarde dienen 5 straten een naam te krijgen, zoals met cijfers 1 tot en met 5 aangeduid op bijgevoegd plaatsnaamgevingsplan.
Het Stadsarchief bezorgde een selectie van toponiemen die aanleunen bij deze locatie. Na toetsing op gelijkluidendheid kon geen enkel voorgesteld toponiem weerhouden worden. Op betreffende locatie zal een innovatief bedrijventerrein worden ontwikkeld (Tech Lane Ghent Logistics en Tech Lane Ghent Science Park). Binnen dit kader werd UGent betrokken bij de plaatsnaamgevingsprocedure en stelde 3 mogelijke persoonsnamen voor: 'Jozef Schellstraat', 'Marthe Versichelenstraat' en 'Bertha De Vriesestraat', dewelke binnen de categorieën van verdienstelijk onderzoeker met internationale faam en van vrouwelijke professoren vallen. De cel plaatsnaamgeving stelt de vierde en vijfde persoonsnaam voor: 'Suzanne Tassierstraat' en 'Frieda Saeysstraat', dewelke uit de opgestelde vrouwennamenlijst komen en binnen de categorie onderwijs en pedagogie vallen. De voorgestelde straatnamen kunnen zo gekoppeld worden aan het innovatief bedrijventerrein dat op betreffende locatie zal komen. Bovendien is er een duidelijke link tussen 'Jozef Schell', 'Marthe Versichelen', 'Bertha De Vriese' en 'Frieda Saeys' en Gent aangezien zij allen actief waren binnen UGent. Voorgestelde namen vormen zo een samenhangend thema.
Voor de weg met cijfer 1 aangeduid op het plaatsnaamgevingsplan wordt de naam 'Jozef Schellstraat' voorgesteld. Jozef Schell werd geboren in 1935 en studeerde microbiologie in Gent. Van 1967 tot 1995 was hij professor aan de Gentse universiteit en richtte hij het Labo voor Algemene Genetica op. Hij was een pionier van de moderne biotechnologie. Hij overleed in 2003. Jozef Schell, voormalig directeur aan het Max-Planck-Instituut (Keulen) was internationaal erkend als een van de grondleggers van de technieken voor het genetisch manipuleren van planten. In de jaren '70 en '80 onderzochten Schell en Marc Van Montagu in hun lab aan de Gentse universiteit hoe de bacterie "Agrobacterium tumefaciens" erin slaagt haar genen in de cellen van planten binnen te sluizen. Samen ontwikkelden de vorsers een techniek om erfelijk materiaal in een plantengenoom in te brengen, door deze bacterie als "taxi" te gebruiken. Dankzij deze nieuwe techniek, is men erin geslaagd het genoom van een hele reeks planten kunstmatig te wijzigen. Professor Schell, genoot internationale waardering voor zijn baanbrekend onderzoek en viel meermaals in de prijzen. In 1998 kreeg hij samen met Montagu de "International Japan Prize" van de Japanse Stichting voor Wetenschap en Technologie, voor hun onderzoek op het domein van plantenbiotechnologie: een prestigieuze onderscheiding die ook wel eens de "Japanse Nobelprijs" wordt genoemd. Bron: www.communicatie.ugent.be/prof/fiche/shell.htm
Voor de weg met cijfer 2 aangeduid op het plaatsnaamgevingsplan wordt de naam ‘Marthe Versichelenstraat' voorgesteld. Marthe Versichelen (meisjesnaam Marthe Terryn) werd geboren in 1917 en overleed in 2015. Het was in die jaren gebruikelijk dat een vrouw bij haar huwelijk de familienaam van haar echtgenoot gebruikte, vandaar dat ze bekend werd als Marthe Versichelen. Marthe Versichelen was de eerste vrouw aan de universiteit van Gent die erin slaagde om door te stoten tot het gewoon hoogleraarschap. Dit in 1965, het jaar dat België ook zijn eerste vrouwelijke minister had. Als professor speelde Marthe Versichelen een rol bij de introductie en uitbouw van het vakgebied sociologie aan de Rijksuniversiteit Gent. Na haar middelbare studies aan het Stedelijke Meisjesatheneum te Gent, trekt Marthe Terryn naar de Gentse universiteit, waar ze in 1939 het diploma van licentiaat in de Economische Wetenschappen behaalt. Haar academische carrière krijgt meteen een vervolg als leerling-assistent van het Seminarie voor Sociologie, onder leiding van professor Jean Haesaert. Marthe Terryn vervangt hierbij Frans Versichelen. Frans Versichelen zal niet veel later Marthe Terryns echtgenoot worden. In 1958 behaalt ze haar doctoraat in de Economische Wetenschappen, dat dan nog onder de rechtenfaculteit valt. Twee jaar later, in 1960, slaagt Marthe Versichelen erin om benoemd te worden tot deeltijds docente voor de cursus Demografie en Volksbeschrijving. Ze volgt daarmee professor André De Ridder op. Wanneer professor Haesaert op emeritaat gaat in 1961, krijgt ze een voltijdse benoeming als docente sociologie. Eén van verdiensten van Marthe Versichelen is de introductie van de sociologie aan de Gentse universiteit. In 1965 wordt Marthe Versichelen uiteindelijk bevorderd tot gewoon hoogleraar sociologie. Ze is daarmee de eerste vrouw aan de Gentse universiteit die weet op te klimmen tot het gewoon hoogleraarschap. Als vrouw werkte ze zich dus op in een toen nog volledig door mannen gedomineerde universitaire biotoop. Marthe Versichelen gaat op emeritaat in 1984. In 1997 wordt het Marthe Versichelenfonds opgericht, dat steun biedt aan activiteiten op het gebied van de sociale wetenschappen. Het fonds wordt bestuurd door vier professoren uit de faculteiten Politieke en Sociale Wetenschappen, Rechtsgeleerdheid, Economie en Bedrijfskunde en Pedagogische Wetenschappen. Bron: http://www.ugentmemorie.be/personen/terryn-versichelen-marthe-1917-2015
Voor de weg met cijfer 3 aangeduid op het plaatsnaamgevingsplan wordt de naam ‘Bertha De Vriesestraat' voorgesteld. Bertha De Vriese werd geboren in 1877 en is de eerste vrouw die afstudeert aan de Gentse universiteit als doctor in de geneeskunde en de eerste vrouwelijke onderzoekster aan de UGent. Haar afgietsels van de bloedvaten van de hersenstam behoren bij de topstukken uit de anatomische collectie van de universiteit. Ze dateren uit haar tijd aan het Anatomisch Instituut en vormden de basis van haar baanbrekend onderzoek dat tot op vandaag wordt geciteerd als standaardwerk. Ze overleed in 1958. Bertha De Vriese groeit op aan de Coupure in het cultureel en intellectueel milieu van haar vader, schrijver Lodewijk. Het huis ligt op een steenworp van het stedelijk hospitaal en de gebouwen van de faculteit Geneeskunde en de jonge vrouw koestert de ambitie geneeskunde te studeren. Op zestienjarige leeftijd is ze de eerste vrouw die aan de Gentse universiteit inschrijft voor studies geneeskunde. Bertha De Vriese geeft haar medestudenten het nakijken en in 1900 behaalt ze met grootste onderscheiding het diploma van doctor in de genees-, heel- en verloskunde. Een jaar later huldigen burgemeester Braun en rector Van der Mensbrugge haar als laureate van de Universitaire Wedstrijd. Ze spreekt er als eerste vrouw een gevulde Aula toe en wint de gouden medaille van de stad Gent. Met het geld trekt ze naar het buitenland om er zich in ziekenhuizen en laboratoria verder te specialiseren. In 1905 behaalt ze het wetenschappelijk doctoraat in de anatomie met een proefschrift Recherches sur la morphologie de l'artère basilaire. Het Anatomisch Instituut aan de Bijloke waar Bertha De Vriese werkt is rond de eeuwwisseling het epicentrum van de eerste en internationaal erg succesvolle onderzoeksgroep van de Gents universiteit: de morfologische school. Er gebeurt anatomisch, histologisch (microscopische anatomie of weefselleer) en embryologisch onderzoek naar mensen en dieren door zowel artsen als biologen. Bertha De Vriese draagt met haar onderzoek naar de bloedtoevoer van de hersenen en de deelname aan internationale congressen bij tot de internationale uitstraling van de Morfologische School. In 1914 huwt zij met de huidarts Jozef Vercouillie en start een privépraktijk. Ze wordt dienstoverste van de kinderafdeling van het Bijlokeziekenhuis en geneeskundig inspectrice van het stedelijk onderwijs. De preparaten van Bertha De Vriese die de tand des tijds overleefden zijn opgenomen in de anatomische collectie van de vakgroep Medische basiswetenschappen in het UZ. Bron: http://www.ugentmemorie.be/personen/de-vriese-bertha-1877-1958
Voor de weg met cijfer 4 aangeduid op het plaatsnaamgevingsplan wordt de naam ‘Suzanne Tassierstraat' voorgesteld. Suzanne Tassier werd geboren in 1898 en was historica en een van de eerste vrouwelijke hoogleraren in België. Suzanne Tassier schreef ondermeer “Les démocrates belges de 1789” wat nog steeds beschouwd wordt als een standaardwerk. Ze is overleden in 1956. In 1919 begon Suzanne Tassier haar studies aan de Vrije Universiteit Brussel (ULB) waar ze geschiedenis studeerde. Haar thesis “L’origine et l’évolution du Vonckisme” zorgde ervoor dat ze haar doktoraatstitel behaalde in 1923. In 1948 werd ze officieel aangesteld als hoogleraar aan de ULB. Suzanne Tassier stimuleerde actief het wetenschappelijk onderzoek van vrouwen. Bron: https://fr.wikipedia.org/wiki/Suzanne_Tassier
Voor de weg met cijfer 5 aangeduid op het plaatsnaamgevingsplan wordt de naam ‘Frieda Saeysstraat' voorgesteld. Frieda Saeys werd geboren in 1948 en was een Belgische hoogleraar in de communicatiewetenschappen aan de faculteit Sociale en Politieke Wetenschappen aan de Universiteit Gent. Ze profileerde zich onder meer op het gebied van genderstudies en diversiteitsstudies. In 1985 werd zij benoemd tot voltijds docent in de faculteit Rechtsgeleerdheid. Vanaf 1 oktober 1992 was zij overgeplaatst naar de faculteit Politieke en Sociale Wetenschappen en toegevoegd aan de vakgroep Communicatiewetenschappen. Aan de laatstgenoemde faculteit werd zij in 2000 benoemd tot hoogleraar. In 2002 volgde haar benoeming tot gewoon hoogleraar. Ze is overleden in 2007. Bron: http://www.ugentmemorialis.be/catalog/000005073
Over deze plaatsnaamgevingen zal het advies van Cultuurplatform Zwijnaarde worden ingewonnen.
De plaatsnaamgeving binnen dit project gebeurt in verschillende fases. Aangezien er een bedrijf is dat reeds begin mei 2018 naar de vestiging op betreffend bedrijventerrein verhuist, dienen deze 5 wegen nu al hun naamgeving te krijgen. Gezien de hoogdringendheid zijn de geboorte- en overlijdensaktes van de voorgestelde personen nog niet ontvangen en kunnen deze nu nog niet worden toegevoegd bij dit besluit. Bijgevolg zullen betreffende gegevens in de loop van deze procedure gecheckt en aangevuld worden aan de hand van de nog te ontvangen aktes.
Nadien zal in een later stadium de procedure plaatsnaamgeving worden gestart voor de 2 nieuwe paden en voor de andere wegenis op bijgevoegd plan waarover momenteel nog geen voldoende duidelijkheid bestaat.
Het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd een openbaar onderzoek te organiseren.
Stelt de naam 'Jozef Schellstraat' principieel vast voor de nieuwe straat aan de Bovenschelde, de R4 en de E40 binnen het project bedrijventerrein Eiland Zwijnaarde, zoals aangeduid met cijfer 1 op het bij het besluit gevoegde plan.
Stelt de naam 'Marthe Versichelenstraat' principieel vast voor de nieuwe straat aan de Bovenschelde, de R4 en de E40 binnen het project bedrijventerrein Eiland Zwijnaarde, zoals aangeduid met cijfer 2 op het bij het besluit gevoegde plan.
Stelt de naam 'Bertha De Vriesestraat' principieel vast voor de nieuwe straat aan de Bovenschelde, de R4 en de E40 binnen het project bedrijventerrein Eiland Zwijnaarde, zoals aangeduid met cijfer 3 op het bij het besluit gevoegde plan.
Stelt de naam 'Suzanne Tassierstraat' principieel vast voor de nieuwe straat aan de Bovenschelde, de R4 en de E40 binnen het project bedrijventerrein Eiland Zwijnaarde, zoals aangeduid met cijfer 4 op het bij het besluit gevoegde plan.
Stelt de naam 'Frieda Saeysstraat' principieel vast voor de nieuwe straat aan de Bovenschelde, de R4 en de E40 binnen het project bedrijventerrein Eiland Zwijnaarde, zoals aangeduid met cijfer 5 op het bij het besluit gevoegde plan.
Geeft opdracht aan het college van burgemeester en schepenen om het openbaar onderzoek te organiseren.