Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en later gewijzigd.
De Grondwet, de artikelen 41 en 170;
Het Gemeentedecreet van 15 juli 2005, de artikelen 42, § 3 eerste lid, en 43, § 2, 15°.
De gemeenteraad heeft laatst in zitting van 14 december 2015 het belastingreglement op film- en erotische voorstellingen gewijzigd dat integraal van toepassing blijft tot 2019.
Rekening houdend met de steeds groter wordende administratieve last die deze verplichting (opmaak registers, controle) met zich meebrengt voor zowel de belastingplichtige als de controlerende ambtenaren wordt voorgesteld de registerplicht te beperken. Belastingplichtigen met lopende betwistingen en administratieve boetes vallen buiten deze bepaling. Bijkomend wordt een tussentijdse controle ingeschakeld om bij een sterke daling van de ticketverkoop, het register terug in te voeren.
Het is dan ook nodig het reglement als volgt te wijzigen met ingang van 1 januari 2018 :
- opheffing van de registerplicht onder bepaalde voorwaarden (zie artikel 7)
Wijzigt het "belastingreglement op film- en erotische voorstellingen" dat laatst werd goedgekeurd door de gemeenteraad op 14 december 2015 als volgt en dit met ingang van 1 januari 2018 :
artikel 7 - A. registerplicht vervangen door volgende bepaling
"7.1. De organisator van de in art. 3A bedoelde filmvoorstellingen houdt een door het college van burgemeester en schepenen voorgeschreven register bij waarin o.a. het aantal, per soort en per dag van de verkochte toegangsbewijzen wordt bijgehouden. Bij aanvang van een nieuwe genummerde reeks aan toegangsbewijzen dient het beginnummer ervan vermeld te worden in het register. In voorkomend geval dient het eindnummer van het laatste verkochte ticket van die reeks eveneens vermeld te worden.
Hoe dan ook wordt telkens bij aanvang van een nieuwe maand het beginnummer en op de laatste dag van die maand het eindnummer per soort van de toegangsbewijzen vermeld.
7.2. Ingeval de ticketverwerking en rapportering volledig gedigitaliseerd verloopt kan na voorafgaande vraag en nà goedkeuring door het college van burgemeester en schepenen van het voorgeschreven register afgeweken worden en vervangen worden door een eigen rapportering.
Dit rapport moet in voormeld geval minimaal de volgende gegevens bevatten:
- naam en adres van de belastingplichtige, ondernemingsnummer en handelsbenaming en e-mailadres
- het totaal aantal per dag van de verkochte toegangsbewijzen, getotaliseerd per maand
- bij aanvang van een nieuwe maand het beginnummer en op de laatste dag van die maand het eindnummer van de verkochte toegangsbewijzen
- in voorkomend geval het begin- en het eindnummer van elke nieuwe reeks genummerde toegangsbewijzen
- aantal geannuleerde en/of vernietigde tickets
- handtekening, hoedanigheid van de ondertekenaar en datum
Bij controle op het terrein kan een dagrapport worden gevraagd met recentste stand van verkoop per zaal.
Vóór elk aanslagjaar of in voorkomend geval bij aanvang van de exploitatie ontvangt de belastingplichtige van de exploitatie bedoeld in artikel 3 punt A, een register. De belastingplichtige die dergelijk register niet ontvangt moet dit document spontaan vragen aan de bevoegde administratie. (Dienst Belastingen - bedrijfsvoering, Botermarkt 1 te Gent).
Het register en het dagrapport, ligt steeds ter inzage in de exploitatie en wordt spontaan voorgelegd aan de daartoe aangeduide controleambtenaren.
7.3. Met ingang van 1 januari 2018 wordt de registerplicht opgeheven bedoeld in artikel 7.1 voor die exploitaties die aansluitend minimaal twee jaar werden belast in het kader van dit reglement voor zover geen fiscale betwistingen lopende zijn of in deze geviseerde periode geen administratieve boetes van toepassing zijn.
7.4. De registerplicht zoals bepaald in punt 7.1. en 7.2. wordt echter terug van kracht ingeval
-het aantal belaste toegangsbewijzen daalt met 30% en meer t.o.v. het corresponderende kwartaal van het vorig aanslagjaar
-of het aantal belaste toegangsbewijzen daalt met 20% en meer te berekenen op de afgelopen vier kwartalen met jaarlijks meetpunt nà het derde kwartaal. "