Het Decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, artikel 9, § 1.
Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning, het zgn. 'Omgevingsvergunningsdecreet', werd goedgekeurd op 25 april 2014. Het bijhorende uitvoeringsbesluit volgde op 27 november 2015. Beide zijn intussen al meermaals gewijzigd. De inwerkingtreding is voorzien op 23 februari 2017. Huidige besluitvorming voorziet in een onmiddellijke tegemoetkoming aan voormelde regelgeving.
Het Omgevingsvergunningsdecreet is een proceduredecreet dat tot doel heeft de stedenbouwkundige vergunning en de milieuvergunning samen te voegen tot de omgevingsvergunning. De huidige afzonderlijke procedures, zoals verankerd in de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en het Decreet Algemeen MilieuBeleid, worden daarmee opgeheven.
Vandaag gebeurt de administratieve behandeling van de milieuvergunningen en milieumeldingen door de Dienst Milieu en Klimaat.
De stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de stedenbouwkundige meldingen worden behandeld binnen de Dienst Stedenbouw en Ruimtelijke Planning.
Binnen een intensief proces werden de nodige afspraken gemaakt om de werking binnen beide diensten af te stemmen op de vereisten van dit nieuwe decreet.
Binnen de nieuwe procedure die in het 'Omgevingsvergunningsdecreet' is vastgelegd, is een belangrijke rol weggelegd voor de gemeentelijke omgevingsambtenaar. Deze rol is geïnspireerd op de in de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening voorziene rol van de gemeentelijke stedenbouwkundige ambtenaar binnen de procedure voor een stedenbouwkundige vergunningsaanvraag en een verkavelingsvergunningsaanvraag.
Het 'Omgevingsvergunningsdecreet' bepaalt dat iedere gemeente bij gemeenteraadsbeslissing één of meerdere gemeentelijke omgevingsambtenaar/-ambtenaren aanstelt. Zij zorgt ervoor dat zij gezamenlijk voldoende kennis van zowel de ruimtelijke ordening als het milieu in zich verenigen.
Het uitvoeringsbesluit bepaalt de verdere voorwaarden en kwaliteitseisen om te kunnen worden aangesteld. Dit is een combinatie van diplomavereisten en relevante beroepservaring.
Vanuit de in het 'Omgevingsvergunningsdecreet' voorziene overgangsbepaling worden alle als gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar aangestelde personen, geacht te zijn aangesteld als omgevingsambtenaar.
Aanvullend wordt voorgesteld om alle collega's binnen de afdeling stedenbouwkundige vergunningen, die aan de vereisten om als omgevingsambtenaar te worden aangesteld, voldoen, ook aan te wijzen in deze rol. Deze groep van omgevingsambtenaren zal in de toekomst instaan voor de verwerking van alle omgevingsvergunningen voor stedenbouwkundige handelingen, de bijhorende meldingen, de omgevingsvergunningen voor het verkavelen van gronden en alle bijhorende decretaal voorziene opdrachten. Ook het stedenbouwkundige luik van de samengevoegde aanvragen nemen zij op zich.
Voor de behandeling van omgevingsvergunningsaanvragen voor de exploitatie van ingedeelde inrichtingen of activiteiten wordt voorgesteld om alle collega's van de Dienst Milieu en Klimaat, die voldoen aan de vereisten om als omgevingsambtenaar te worden aangesteld, aan te wijzen in die rol. Deze groep van omgevingsambtenaren zal in de toekomst instaan voor de verwerking van alle omgevingsvergunningen voor de exploitatie van ingedeelde inrichtingen of activiteiten, de bijhorende meldingen en alle bijhorende decretaal voorziene opdrachten. Ook het milieuluik van de samengevoegde aanvragen nemen zij op zich.
Een aantal van de collega's die vandaag reeds instaan voor de advisering van stedenbouwkundige of milieuvergunningsaanvragen en waarbij dit één van hun hoofdtaken is, voldoet vandaag nog niet aan de vereiste opgenomen in artikel 143 § 1 van het 'Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van het Decreet betreffende de omgevingsvergunning' wat de relevante beroepservaring betreft, noch aan de afwijkingsbepaling opgenomen in § 2 en § 3 van hetzelfde artikel. Zij hebben wel een diploma dat toegang geeft tot niveau A of B in de relevante opleidingen ruimtelijke ordening of milieu. Hun aanstelling wordt pas effectief op het moment dat zij over de vooropgestelde 2 jaar praktijkervaring zullen beschikken. Dit is zo opgenomen op de bijgaande lijst.
De als gemeentelijk omgevingsambtenaar aan te wijzen personeelsleden worden vermeld op de bijgevoegde lijst; de lijst bestaat uit 2 delen, nl. één met omgevingsambtenaren die beschikken over de nodige kennis op vlak van ruimtelijke ordening en één met omgevingsambtenaren die beschikken over de nodige kennis op vlak van milieu.
Wijst de personeelsleden, die worden vermeld op de bijgevoegde en integraal van de beslissing deel uitmakende lijst, aan als gemeentelijk omgevingsambtenaar.