Terug
Gepubliceerd op 28/01/2021

2017_MV_00168 - Mondelinge vraag van raadslid Bram Van Braeckevelt: Jeugdwerkloosheid

Commissie Welzijn, Werk en Milieu
di 18/04/2017 - 19:00 Gemeenteraadszaal
Datum beslissing: wo 19/04/2017 - 08:48
Behandeld
2017_MV_00168 - Mondelinge vraag van raadslid Bram Van Braeckevelt: Jeugdwerkloosheid 2017_MV_00168 - Mondelinge vraag van raadslid Bram Van Braeckevelt: Jeugdwerkloosheid

Motivering

Toelichting/Motivering/Aanleiding

De cijfers van jeugdwerkloosheid,  zowel onder de 25 jaar als onder de 30 jaar, dalen. In eerste opzicht is dit vanzelfsprekend positief.

Ondertussen zijn er in de regelgeving wel een aantal regels aangepast, waardoor jongeren uitgesloten worden uit de cijfers. Ik verwijs dan ook specifiek naar jongeren die geen recht/niet langer recht hebben op de 'inschakelingsuitkering'. Daarnaast is het ook de vraag of deze positieve tendens voor alle jongeren opgaat, bv. diegene die kortgeschoold zijn.

Het is belangrijk om goed te weten wat de concrete situatie is voor jongeren in Gent. Zodat het bestuur daarnaar kan handelen. Vanzelfsprekend is de aanpak van de jeugdwerkloosheid voornamelijk een verantwoordelijkheid van de Vlaamse overheid. Dit neemt niet weg dat Gent, zo maximaal mogelijk aanvullend inspanningen kan leveren.

Indiener(s)

Bram Van Braeckevelt

Gericht aan

Rudy Coddens

Tijdstip van indienen

wo 05/04/2017 - 10:04

Toelichting

Wat is de concrete situatie op vlak van jeugdwerkloosheid in Gent?

In welke mate moeten we, en kunnen we onze aanpak versterken?

Bespreking

Antwoord

Ik vermoed dat u met deze vraag refereert aan het artikel in De Standaard van 17 maart 2017. Daar is sprake van ‘mooie tijden voor de werkloze jeugd’.

Sinds de jaarwisseling is de jongerenwerkloosheid ook in Gent inderdaad vrij fors aan het dalen. Dat heeft te maken met de groei van de economie, en de vacaturegroei die daarvan het resultaat is. Inderdaad goed nieuws dus.

Toch moeten we opletten met té rooskleurige boodschappen als die in De Standaard van 17 maart. Want die ‘mooie tijden voor de werkloze jeugd’ dienen zich niet in gelijke mate voor alle jongeren aan.

Zo merken we dat het aandeel van de laaggeschoolde jongeren momenteel in de globale cijfers toeneemt. Het zijn dus vooral de hoger opgeleiden die van de vacaturegroei profiteren.

Tegelijk valt veel vangnet voor kwetsbare jongeren weg. Denken we aan de Vlaamse uitdoof van de startbanen, of de inperking van het beroep inschakelingsaanbod.

Dat zorgt ervoor dat heel wat kwetsbare jonge werkzoekenden ofwel niet meer opduiken in de cijfers, omdat ze van de radar verdwijnen en ‘NEET’ worden – not in employment, education or training.

Ofwel dat ze in de cijfers blijven ‘hangen’, omdat ze in een begeleidingscarroussel terecht komen, zonder echt uitzicht op werk.

We willen dat het vangnet rond deze jongeren meer dan ooit versterkt wordt. Want alleen zo gaan ook zij van de economische opleving kunnen profiteren.

Daarom zijn we in overleg gegaan met Vlaanderen en het ESF, en zijn we erin geslaagd een specifieke ESF-oproep ‘Kwetsbare Groepen’ te onderhandelen, waarvan we als Stad coregisseur en co-financier zijn.

Concreet kunnen we dankzij die oproep een bijkomende impuls geven van 1 miljoen euro over 18 maanden, van juli 2017 tot en met december 2018.

De nadruk ligt op het versterken van het zogenaamde ‘vindplaatsgericht werken’ – het BEREIKEN en OP MAAT BEGELEIDEN van zeer kwetsbare jongeren meer bepaald.

Daarnaast willen we drempels wegwerken, opdat kwetsbare werkzoekenden de stap naar het reguliere begeleidingsaanbod makkelijker zouden zetten.

We vinden het warm water dus niet uit. Maar versterken bestaand aanbod, en stemmen dat beter af op de kwetsbare doelgroepen.

Over concrete projecten kan ik nog geen details geven. Die worden momenteel beoordeeld door het ESF, in samenspraak met de Stad als ‘coregisseur’.

Dat die bijkomende impuls echter meer dan ooit nodig is, bewijst de recente studie van Ides Niçaise en Wouter Schepers, die ik sterk kan aanbevelen (HIVA).
Hij stelt vast dat heel wat kwetsbare ‘werklozen tussen wal en schip’ terecht komen, omdat het activeringsaanbod te weinig op hun specifieke noden is afgestemd, en te weinig van hun specifieke leefwereld uitgaat.
Het is een analyse die ook wij terugvinden in onze werkloosheidscijfers, en die de komende jaren een rode draad zal moeten blijven in ons lokale beleid, ondanks de afname van de werkloosheid.

do 20/04/2017 - 14:12