Onze stad heeft tal van cultuurhistorische troeven. Een eminent voorbeeld daarvan is het stadhuis. Het is belangrijk om zorgzaam om te springen met dit erfgoed. In dit verband is het jammer dat er – bij mijn weten – bij de vele kunstwerken die zich in het stadhuis bevinden geen enkele vorm van informatie of duiding voorzien is voor de toch talrijke bezoekers.
Graag wil ik hier dan ook vragen of de schepen bereid is om het nodige te doen zodat bij elk schilderij, beeldhouwerk, enz. wat uitleg verschaft wordt: wie of wat wordt er afgebeeld, wat is de eventuele link met Gent, wie heeft het kunstwerk gemaakt, wanneer is het gemaakt, enz.
Vandaag is het al zo dat bezoekers van het stadhuis in groep steeds een gids toegewezen krijgen die uitleg geeft bij de kunstwerken. Dat neemt niet weg dat bijkomende duiding bij de werken welkom is voor mensen die niet in het kader van een geleid bezoek naar het stadhuis komen.
Vooraleer een concreet antwoord te kunnen geven op uw vraag naar duiding bij de kunstwerken hier in het stadhuis, moet ik eerst wat uitleg geven bij de manier waarop de cultuurtoeristische ontsluiting van onze ‘historische huizen’ geregeld is.
In 2010 werd de cluster ‘Kunsthal Sint-Pietersabdij en Historische Monumenten’ opgericht. Hiermee werd de cultuurtoeristische ontsluiting en exploitatie van het Gravensteen, het Belfort en de Sint-Pietersabdij voortaan vanuit 1 entiteit georganiseerd. In 2012 kreeg deze cluster een nieuwe naam: ‘Historische Huizen Gent’.
Het is de bedoeling vanaf 2014 de groep nog uit te breiden met het Museum Arnold Vander Haeghen en het Hotel d’Hane Steenhuyse, twee stadspaleizen in de Veldstraat, en ook met de cultuur-toeristische ontsluiting van het Stadhuis. Behalve de Sint-Pietersabdij en het Museum Arnold Vander Haeghen werden deze gebouwen voorheen beheerd door de Dienst Monumentenzorg en Architectuur.
In 2014 zal de cultuurtoeristische exploitatie van het stadhuis dus opgenomen worden door Historische Huizen Gent. Daarbij verdienen ook de kunstwerken in het Stadhuis de aandacht van de individuele en occasionele bezoekers. Een toelichting of op zijn minst een identificatie, op een verzorgde en hedendaagse manier vormgegeven, is daarvoor nodig. De Historische Huizen hebben me verzekerd dat van zodra het cultuur-toeristisch bezoek van het Stadhuis aan hen is overgedragen, actief werk zal worden gemaakt van deze ontsluitingsvorm.
Ik heb zelf gezien dat de clustering van de cultuurtoeristische exploitatie van onze monumenten in wat binnenkort het intern verzelfstandigd agentschap Historische Huizen Gent zal zijn, zeker vruchten afwerpt. Het leverde prachtige resultaten op in het Belfort en het Gravensteen. Ik ben er van overtuigd dat dit op termijn ook voor de vele bezoekers van ons stadshuis een meerwaarde zal bieden en dat de kunstwerken en het gebouw zelf meer en betere aandacht zullen krijgen.
di 19/02/2013 - 08:35