x
Bedelarij is in Gent een probleem dat blijft toenemen.
Op vrijdag 12/04 kwam de burgemeester uitgebreid hierover in het nieuws met uitspraken als “ik weet ook niet meer hoe we het probleem moeten aanpakken” en “het is dweilen met de kraan open”.
Het stedelijk politiereglement, dat opdringerig bedelen verbied, dreigt te worden vernietigd door de Raad van State, na een klacht van de Liga voor Mensenrechten.
De burgemeester vraagt dat de federale overheid in dit verband een initiatief neemt.
Wat is de precieze aanleiding voor de uitspraken van de burgemeester?
wat zijn de problemen met het politiereglement tegen bedelarij? Wat zijn de mogelijke oplossingen? Wat verwacht de burgemeester van de federale overheid?
Het toepassen van het politiereglement blijkt moeilijk. Is het niet aangewezen ook op andere manieren het probleem aan te pakken bijvoorbeeld door het sensibiliseren van burgers dat zij door het geven van giften kans lopen het probleem eerder in stand te houden dan mensen echt te helpen?
Met betrekking tot uw vragen aangaande de problematiek van bedelarij in Gent kan ik u het volgende meedelen.
Tijdens de Commissie van februari heb ik u meegegeven dat uit de cijfers niet kan worden opgemaakt of de beteugeling van de bedelarij door middel van GAS-boetes invloed heeft gehad op het fenomeen.
De wijkpolitie meldde mij toen dat er minder bedelaars in het straatbeeld aanwezig waren.
De laatste weken steekt het fenomeen terug de kop op. De politie vermoedt dat bendes, die de bedelaars uitsturen, kennis hebben van het feit dat de GAS-boetes niet kunnen geïnd worden bij personen zonder wettige verblijfplaats in België. Bij niet-betaling van een GAS-boete, schakelt de GAS-ambtenaar een deurwaarder in. Maar wanneer er geen verblijfplaats van de overtreder gekend is, is invordering onmogelijk.
Met betrekking tot uw vraag inzake de in de pers verschenen cijfergegevens (Standaard 12 april 2013) wil ik onderlijnen dat de door de politie medegedeelde cijfers niet correct zijn. Ik heb onmiddellijk bij de politie om verduidelijking gevraagd.
Ik wil tevens uw aandacht vestigen op het politiejaarrapport, cijfers 2012, waarin op pag. 56 bij GAS-vaststellingen het cijfer 134 vermeld staat. Dit jaarrapport is terug te vinden op de website van de Politie.
De politie heeft mij volgende verklaring gegeven:
De cijfers, zoals verschenen in de pers betreffen politionele cijfers van de GAS-registraties zoals opgenomen in de bestanden van de Politiezone Gent. Ze werden verzameld door middel van opzoekingen in de registratie door middel van codes.
Blijkbaar werden niet alle codes correct opgevraagd zodat een verschil is ontstaan. De code voor het bedelen met gebruik maken van dieren werd in deze door de persofficier medegedeelde cijfers niet opgenomen.
De Politie en de Juridische Dienst komen tot volgende cijfers tot op heden (15/04/2013):
|
Bedelarij GAS |
2011 |
2012 |
Jan-feb-mrt2013 |
Totaal |
|
(art. 1) opdringerig aanklampen van voorbijgangers |
23 |
94 |
6 |
123 |
|
(art. 2) bij het bedelen gebruik maken van dieren |
8 |
14 |
0 |
21 |
|
(art. 3) op trottoirs waar doorgang van voetgangers/gebouwen bemoeilijkt kan worden |
0 |
10 |
1 |
11 |
|
(art. 4) bedelen op rijbaan – nabij kruispunt (t.a.v. bestuurders/passagiers van voertuigen) |
1 |
7 |
2 |
10 |
|
(art. 5) bedelen in de Gentse Feestenzone tijdens de Gentse Feestenperiode |
20 |
8 |
0 |
28 |
|
(art. 6) verboden aan de deuren te bellen of te kloppen met het doel een aalmoes te bekomen |
0 |
1 |
0 |
1 |
|
totaal |
52 |
134 |
9 |
194 |
Wat betreft het optreden van de Gentse politie verzorgt de Wijkdienst geregeld patrouilles inzake de leefbaarheid binnen de omschrijving van de wijk waarbij ook aandacht geschonken wordt aan deze problematiek.
Daarnaast is het item ook opgenomen in de patrouilleorders die verspreid worden aan de personeelsleden tijdens hun patrouilles.
Bij het aantreffen van bedelaars worden de identiteiten gecontroleerd en worden de gecontroleerde personen nagegaan op signaleringen, en bij het bekomen van identiteitsgegevens wordt een GAS opgesteld.
Zoals ik reeds in de media verklaarde gaat het vaak om georganiseerde bendes die zwakke mensen inzetten om geld te verdienen. Zij briefen de bedelaars om als zij door de politie worden aangesproken om te zeggen dat zij noch papieren, noch een adres hebben. Enige tijd geleden hebben wij eens zes tot acht bedelaars gevolgd die overdag verspreid over de stad aan het bedelen waren en ’s avonds in de Koestraat in hetzelfde busje stapten. Zij werkten duidelijk voor een bende. Toen wij hen vroegen om tegen hun ronselaar een klacht in te dienen, wilden zij dat niet en zeiden zij dat het om een vriend ging.
Zonder klacht kunnen wij niets doen. De bendes voorzien de bedelaars van wat kost en inwoon. Daar zijn zij tevreden mee. Zij willen zelfs niet naar het OCMW gaan.
U vraagt mij naar de precieze aanleiding van mijn uitspraken. Op 11 april werd ik gecontacteerd door een journalist die naar aanleiding van zijn eigen vaststellingen inzake de aanwezigheid van bedelaars in Gent een persartikel wou schrijven.
Op 12 april verscheen een artikel in De Standaard. Naar aanleiding van dit artikel werd ik door de media gecontacteerd (radio, televisiezenders, pers).
Inzake het Politiereglement tegen bedelarij kan ik u herhalen zoals ik u reeds meedeelde tijdens de commissie van februari dat er tot op heden enkel een auditoraatsverslag met een advies ter beschikking is.
Er is tot op heden geen Arrest van de Raad van State. Het Stadsbestuur heeft inmiddels een memorie van antwoord ingediend. Volgende artikelen worden niet betwist door de Raad van State:
- Agressief bedelen (art. 1);
- bedelen op trottoirs waar de doorgang van voetgangers of de toegang naar gebouwen bemoeilijkt kan worden (art. 3);
- bedelen op de rijbaan of ten aanzien van de bestuurders of passagiers van voertuigen op de rijbaan, onder meer op of in de nabijheid van kruispunten (art. 4).
Uit de cijfergegevens blijkt dat het grootste aandeel van de vaststellingen betrekking heeft op agressief bedelen.
Verder beklemtoon ik dat ik vind dat de Federale overheid steden moet helpen om de georganiseerde bedelarij aan te pakken.
Zo wens ik rond tafel te zitten met de burgemeesters van de vijf grootsteden, alsook het Kabinet van de minister van Binnenlandse Zaken en Justitie.
Er bestaat inderdaad een wet die exploitatie van bedelarij verbiedt. Maar de opsporing van de netwerken is niet zo voor de hand liggend. Het is voor de politie quasi onmogelijk om de bendeleiders op te sporen als de bedelaars geen klacht willen indienen tegen de bendeleiders of geen enkele verklaring willen afleggen.
Ik heb nog geen reactie ontvangen van de Federale overheid. Deze week richt ik een schrijven naar de minister van Binnenlandse Zaken.
De bevolking sensibiliseren opdat zij geen giften meer zouden geven, behoort niet tot de opdracht van het Stadsbestuur.
Het probleem van de georganiseerde bedelarij dient door de hogere overheid aangepakt te worden.
wo 17/04/2013 - 09:12