Terug
Gepubliceerd op 15/07/2021

2013_MC_00236 - Problematiek landbouwbedrijven in de Pontstraat - Gabi De Boever

Commissie Welzijn, Gelijke Kansen, Volksgezondheid, Armoedebestrijding, Werk, OCMW, Milieu, Klimaat, Noord-Zuid
di 16/04/2013 - 19:00 Gemeenteraadszaal
Datum beslissing: do 18/04/2013 - 09:33
Behandeld

Samenstelling

Aanwezig

Greet Riebbels, Voorzitter; Jef Van Pee, Ondervoorzitter; Gabi De Boever; Guy Reynebeau; Fatma Pehlivan; Ilknur Cengiz; Helga Stevens; Sami Souguir; Zeneb Bensafia; Elke Sleurs; Siegfried Bracke; Steven Vromman; Bram Van Braeckevelt; Sven Taeldeman; Sara Matthieu; Guido Meersschaut; Camille Daman; Mehmet Sadik Karanfil; Astrid De Bruycker; Filip Van Laecke, raadslid

Afwezig

Johan Deckmyn; Wis Versyp; Dirk Holemans; Caroline Van Peteghem; Karin Temmerman; Bruno Matthys; Karlijn Deene; Isabelle De Clercq; Paul Goossens; Geert Versnick; Stephanie D'Hose

Voorzitter

Jef Van Pee, Ondervoorzitter
2013_MC_00236 - Problematiek landbouwbedrijven in de Pontstraat - Gabi De Boever 2013_MC_00236 - Problematiek landbouwbedrijven in de Pontstraat - Gabi De Boever

Motivering

Toelichting/Motivering/Aanleiding

Eén van de 2 landbouwbedrijven in de Pontstraat is gestopt met haar activiteiten. Het landbouw- en veebedrijf ligt er nu verlaten bij. Op de weilanden rond de boerderij is geen koe meer te bespeuren. Het akkerland waar de boer zijn mais plantte en de weiden waar hij zijn hooi oogstte, worden blijkbaar niet langer bewerkt.


Tijdens de vorige commissie kwam het probleem van de tweede boer reeds ter sprake. In de pers stond te lezen dat de boer met zijn rug tegen de muur staat omdat het bedrijf dat de melk ophaalt grotere vrachtwagens wil gebruiken. De huidige wegeninfrastructuur met o.a. de afrit van de R4 is een probleem vanwege het grote niveauverschil tussen de R4 en de Pontstraat (ik vermeldde dit al bij een eerdere vraag).

Indiener(s)

Gabi De Boever

Gericht aan

Tine Heyse

Tijdstip van indienen

wo 27/03/2013 - 13:30

Toelichting

Waarom stopte het eerstgenoemde landbouwbedrijf met zijn activiteiten? Was er geen opvolging of geen overname (meer) mogelijk?

Wat gebeurt er met het akkerland en de weilanden die de boer bezat en/of in gebruik had?

Welke toekomst heeft het tweede bedrijf nog indien de problemen van het ophalen van de melk niet kunnen opgelost worden?

Welke visie heeft het stadsbestuur over dit particuliere probleem?

Heeft de stad Gent een specifiek beleid m.b.t. grote landbouwbedrijven?

Wat zal er gebeuren met het braakliggende akkerland en de niet langer begraasde weilanden?

Bespreking

Antwoord

 

Ik kan u alleszins mededelen dat wat u in het begin van uw vraag stelt – over het landbouwbedrijf waarvan u zei dat het gestopt was - het alles behalve zo is zoals u het stelt. Het is wel zo dat Dhr Marc Beelaert zijn activiteit heeft stopgezet wegens pensioenleeftijd. Wat er met het huis in de Pontstraat gaat gebeuren is nog niet gekend. De gronden zouden verkocht zijn aan een paardenfokker, die zelf ook in de Pontstraat woont. Ze worden deels verpacht aan landbouwer Raf Van Leirberghe en zijn schoonzoon Franky Broché. (Raf Van Leirberghe is trouwens de landbouwer die problemen had met Campina). Die gronden hebben wel degelijk een bestemming en zullen als landbouwgrond benut worden.

 

Wat de tweede problematiek betreft – de moeilijkheden betreffende de landbouwer Raf Van Leirberghe en Campina - is het zo dat de problematiek in zijn globaliteit besproken is geweest op een overleg, dat ik met de landbouwsector in maart heb georganiseerd.

Ik heb de goede traditie van de vorige schepen van landbouw, Schepen De Clercq, overgenomen en er zal twee maal per jaar een overleg plaatsvinden met de landbouwsector waarvoor verschillende organisaties en individuele boeren zullen worden uitgenodigd. De individuele boer in deze kwestie was ook aanwezig op dit laatste overleg  - het Campina-punt stond trouwens geagendeerd. De bedoeling van dit overleg is enerzijds dat ik een aantal beleidsaspecten kan toetsen met de sector en anderzijds dat de vertegenwoordigers van de landbouwsector zelf punten kunnen aanbrengen en bekommernissen uiten op die vergadering.

Op het overleg in maart bleek dat wat er in de pers stond over de problematiek rond Campina op zijn minst nuances behoefde. Maar het is niet omdat we vinden dat Campina daar toch een eigenaardige houding in aanneemt, dat wij niet hoeven te zoeken naar hoe die problematiek kan opgelost worden.

Nadat op het overleg met de landbouwsector duidelijk werd wat het probleem met Campina precies inhoudt, hebben wij ook in opvolging voorzien. Zowel de ambtenaar van de Dienst Economie die het dossier opvolgt als een medewerker van mijn kabinet en een medewerker van het kabinet van schepen Watteeuw zijn ter plaatse de situatie gaan bekijken. Zoals u weet is het eigenlijk in de eerste plaats een mobiliteitsprobleem en moet in die zin een oplossing gezocht worden samen met de schepen voor mobiliteit. Het bezoek diende om te kijken: wat zijn nu de exacte knelpunten en wat kan er aan gebeuren? Ik kan alleszins ook meegeven dat het knelpunt waar u in uw vraag ook naar verwijst - namelijk het niveauverschil tussen de R4 en de Pontstraat - een Vlaamse bevoegdheid is, en ook dat moet aangekaart worden. Het bezoek heeft pas vorige week plaats gevonden. Wij zullen nu bekijken wat er rond die knelpunten kan gebeuren wetende dat voor een aantal zaken wij als stad niet bevoegd zijn en de bevoegdheden op een ander niveau liggen.

Anderzijds hebben wij, en daarmee bedoel ik zowel schepen Watteeuw als mezelf, een onderhoud gevraagd met Campina om het globale te bekijken en dit zal in mei plaats vinden.

Met andere woorden, we zijn bezig het probleem goed in kaart te brengen zodat die landbouwer zijn werkzaamheden kan voortzetten.

Dit wat de problematiek van die twee landbouwers betreft.

 

Dan vroeg u ook naar de globale visie van het stadsbestuur ten aanzien van grote landbouwbedrijven. Ik heb als schepen landbouw binnen mijn bevoegdheid en ik zal die sector ten volle ter harte nemen. Maar het landbouwbeleid wordt natuurlijk niet volledige op stedelijk niveau uitgestippeld. Op Europees, federaal en Vlaams niveau zijn er veel regelgevingskaders die op landbouw een invloed hebben. Dit wil zeker niet zeggen dat ik als schepen, bevoegd voor landbouw hier in Gent, geen eigen accenten wil leggen, of met de sector geen overleg wil plegen.
Eén van die zaken waar ik rond wil werken is stadslandbouw, wat op zich een verkeerde term is. Beter zou zijn: stads-nabije landbouw. Waar het vooral om gaat is het werken aan een korte keten landbouw. Ik heb dat punt al een stuk aangekaart op het overleg met de landbouwsector eind maart. Ik wilde daar met de sector checken hoe zij hier tegenover staan. Ik was trouwens aangenaam verrast over een toespraak die Piet Van Themsche onlangs heeft gegeven in de Vooruit, waar hij ook stelde - en ik deel die mening - dat stadslandbouw zeker niet beperkt is tot het bezig zijn met bloembakken in de stad. Neen, er zijn wel degelijk linken te maken met en ook opportuniteiten voor de professionele landbouw die uiteraard meer in de rand van de stad gelegen is. Tevens moet er bekeken worden hoe we die linken kunnen maken met de professionele sector, hoe ook meer ingespeeld kan worden op de barrières die er nu zijn en hoe kan ingespeeld worden op directe verkoop, wat natuurlijk een aangename aanvulling is op het loon dat landbouwers hebben. Dit is dus een proces in actie. In deze zaak maak ik absoluut geen onderscheid of het nu gaat over grote landbouwbedrijven of kleine.

 

Ik denk dat ik bij deze al uw vragen heb kunnen beantwoorden.

di 23/04/2013 - 15:20