Terug
Gepubliceerd op 15/07/2021

2013_MC_00408 - Evaluatie werking controlecel OCMW - Helga Stevens

Commissie Welzijn, Gelijke Kansen, Volksgezondheid, Armoedebestrijding, Werk, OCMW, Milieu, Klimaat, Noord-Zuid
di 18/06/2013 - 19:00 Gemeenteraadszaal
Datum beslissing: di 18/06/2013 - 22:43
Behandeld

Samenstelling

Aanwezig

Greet Riebbels, Voorzitter; Jef Van Pee, Ondervoorzitter; Gabi De Boever; Guy Reynebeau; Fatma Pehlivan; Ilknur Cengiz; Helga Stevens; Sami Souguir; Zeneb Bensafia; Elke Sleurs; Siegfried Bracke; Steven Vromman; Bram Van Braeckevelt; Sven Taeldeman; Sara Matthieu; Guido Meersschaut; Mehmet Sadik Karanfil; Astrid De Bruycker; Paul Goossens

Afwezig

Camille Daman; Johan Deckmyn; Wis Versyp; Dirk Holemans; Caroline Van Peteghem; Karin Temmerman; Bruno Matthys; Karlijn Deene; Isabelle De Clercq; Geert Versnick; Stephanie D'Hose

Voorzitter

Jef Van Pee, Ondervoorzitter
2013_MC_00408 - Evaluatie werking controlecel OCMW - Helga Stevens 2013_MC_00408 - Evaluatie werking controlecel OCMW - Helga Stevens

Motivering

Toelichting/Motivering/Aanleiding

.

Indiener(s)

Helga Stevens

Gericht aan

Rudy Coddens

Tijdstip van indienen

do 13/06/2013 - 14:55

Toelichting

Tijdens de commissie Welzijn van maart stelde ik een vraag naar de werking van de “fraudecel” van het OCMW.
Daarbij vroeg ik ook of het wenselijk was het aantal personeelsleden van deze cel uit te breiden.

In zijn antwoord  verwees de schepen naar een evaluatie van de werking van deze controlecel:
“De Controlecel stelt een evaluatie voor in de loop van juni, om dan met volledige kennis van zaken te oordelen of een uitbreiding van de Controlecel wenselijk is.”

Wat is de stand van zaken van deze evaluatie?
Welke knelpunten of verbeterpunten zijn er voor de werking van de controlecel?
Wordt de werking van de controlecel bijgestuurd, zo ja op welke wijze?
Wordt er bijkomend personeel voor deze cel aangeworven? Waarom wel/niet?

Bespreking

Antwoord

 

Wat is de stand van zaken van deze evaluatie?

De controlecel heeft zijn cijfers van de eerste periode van dit jaar gebundeld.

In de periode van 1 januari 2013 tot en met 1 juni 2013 aanvaardde de controlecel 21 dossiers.

De vaststelling is dus dat er dit jaar minder doorverwijzingen zijn. In 2011 waren er in totaal 112 dossiers en in 2012 hadden we 105 dossiers. Verhoudingsgewijs zijn er in 2013 wel meer dossiers gegrond.

Een belangrijke verklaring voor deze daling in de aanvragen is dat de maatschappelijk werkers in de welzijnsbureaus de aangereikte tools om fraude zelf te detecteren efficiënter leerden toe te passen de voorbije 2 jaar. Zo verzamelde OCMW Gent verschillende soorten signalen binnen een bepaald levensdomein ,die kunnen wijzen op een bepaalde soort van fraude. Deze signalen werden verwerkt in risicokaarten die mogelijke acties om sociale fraude te voorkomen of curatief te behandelen bevatten.

Naast het feit dat er thans in de welzijnsbureaus goed "gefilterd" wordt alvorens door te verwijzen, is het aantal doorverwijzingen bij een vermoeden van onaangegeven bestaansmiddelen ook gedaald.  Later in mijn antwoord kom ik hier nog op terug.

Volledigheidshalve geef ik ook nog mee dat er in Gent een significante daling van het aantal leefloners sinds 2011 is. Dit is te verklaren door een combinatie van verschillende factoren, waaronder ook het ruimere handhavingsbeleid met de werking van de controlecel.

 

Welke knelpunten of verbeterpunten zijn er voor de werking van de controlecel?

De controlecel werkt op dit moment heel goed. De (voorlopige) daling in dossiers zorgt ervoor dat de nog lopende dossiers grondig kunnen worden afgewerkt. 

 De controlecel evalueert zichzelf continue aan de hand van de afgeronde dossiers.

Wordt de werking van de controlecel bijgestuurd, zo ja op welke wijze?

Op basis van de ervaringen die we hebben opgebouwd wordt de werking van de controlecel constant bijgestuurd. Niet alleen om de controlecel beter en efficiënter te laten werken, maar ook hoe een aantal zaken in de wijkwerking beter kunnen worden opgevolgd.

Een goed voorbeeld hiervan is de aanpak van dossiers rond vermoeden van zwartwerk.

De Controlecel aanvaardde bij de start een aantal dossiers waarin vermoedens van zwart werk bestonden, doch slaagde er zelden in om in deze dossiers het vermoeden te bevestigen. Dergelijke onderzoeken zijn heel tijdsintensief. Het is ook niet evident dergelijke vaststellingen te doen. Indien er weinig of geen aanknopingspunten zijn over de tewerkstelling (lees: plaats van tewerkstelling) of het betreft een tewerkstelling achter gesloten deuren, dan is het bewijs van een onaangegeven tewerkstelling bijzonder moeilijk te leveren. Het feit dat de maatschappelijk werkers van de controlecel geen sociaal inspecteurs zijn en zich bijvoorbeeld geen toegang kunnen verschaffen tot privégebouwen van vermoedelijke werkgevers is een knelpunt.

De ervaring leerde dat het in deze dossiers  van vermoeden van onaangegeven bestaansmiddelen eerder aangewezen is het activeringstraject extra nauwgezet  op te volgen en desgevallend  via het project "Snel Werk" van het OTC de cliënt verplicht te werk te stellen.

Wanneer er effectief sprake was van zwartwerk, bleek dat uit het feit dat de persoon in kwestie niet aanwezig kon zijn op de gevraagde momenten.

Wordt er bijkomend personeel voor deze cel aangeworven? Waarom wel/niet?

Omdat de controlecel door de gerichtere doorverwijzingen de instroom van dossiers nauwgezet kan opvolgen, lijkt de aanwerving van bijkomend personeel ons op dit ogenblik niet aangewezen.

wo 26/06/2013 - 10:56