-
Tijdens de persconferentie van 9 november jl. werd aangekondigd dat de bijdragen aan het OCMW zullen stijgen van 83,2 miljoen euro in 2014 naar 93,9 miljoen euro in 2019; dit bedrag omvat niet alleen de gemeentelijke bijdrage, maar ook het aandeel uit het gemeentefonds en het aandeel uit het stedenfonds. Tegelijk werd gesteld dat de satellieten van de stad Gent – waaronder het OCMW – samen 25 miljoen euro zullen moeten besparen tegen 2019.
1. Hoe zal de gemeentelijke bijdrage op jaarbasis evolueren van 2014 tot 2019? En de aandelen uit het gemeente- en stedenfonds? Heeft het stadsbestuur enige impact op die laatste bedragen of fungeert ze gewoon als doorgeefluik?
2. Welk aandeel van de genoemde 25 miljoen euro zal het OCMW voor zijn rekening nemen? Wat betekent dit op jaarbasis? Hoe verhoudt deze besparing zich tot de stijgende bijdragen in vraag 1?
Zoals eerder al aangegeven zal de dotatie vanuit de stad met iets meer dan 10 miljoen stijgen.
De gemeentelijke bijdrage zal in 2014 ongeveer € 55 miljoen bedragen.
In 2019 is deze gemeentelijke bijdrage al opgelopen tot ongeveer € 61 miljoen.
Vanuit de stad komt er in 2014 € 3,8 miljoen aan middelen uit het stedenfonds over.
In 2019 loopt dit bedrag op tot € 4,5 miljoen.
Het gemeentefonds zorgt dan weer voor zo’n 24 miljoen inkomsten in 2014 en loopt in 2019 op tot ongeveer € 28 miljoen.
Dit om uit te komen op zo’n 10 miljoen, om preciezer te zijn op ongeveer 10,7 miljoen euro. In onze communicatie zijn we dus wat sober geweest.
Het gedeelte gemeentefonds dat voor het OCMW bestemd is bedraagt 8% van het globale bedrag dat voor Gent bestemd is.
Deze 8% is het gangbaar percentage dat Vlaanderen hanteert voor de verdeling tussen stad en OCMW, tenzij anders beslist door Stad en OCMW.
Het globaal bedrag van het gemeentefonds wordt berekend aan de hand van parameters zoals werkloosheidsgraad, inwonersaantal, fiscaliteit, kansarmoede.
Het stedenfonds is anders opgevat: dit bedrag is geplafonneerd per stad, maar wordt toegekend in functie van de ingediende projecten.
De projecten worden door de stad en het OCMW gezamenlijk opgelijst en ingediend via de stad. Het stedenfonds en de gemeentelijke bijdrage zijn dan ook communicerende vaten.
Indien het OCMW in een bepaald jaar minder projecten zou kunnen indienen, zal de gemeentelijke bijdrage stijgen om het totaal bedrag toch te halen. En visa versa.
Bij de opmaak van het meerjarenplan ging het OCMW op dezelfde manier als de stad te werk.
Al de initiatieven uit de vorige legislatuur en de ambities kregen een totale kostprijs via een financieel model.
De financiële situatie noopt de meeste lokale besturen om financiële keuzes te maken.
In Gent is dit natuurlijk niet anders.
Gezien de financiële situatie van de stad Gent, zag het OCMW zich genoodzaakt om de initiatieven te toetsen aan de financiële contouren.
Het OCMW moest binnen een beperkter financieel kader haar beleid uitvoeren.
Het OCMW heeft geen mogelijkheid om de inkomsten te verhogen.
Deze minder inkomsten worden opgevangen door een efficiëntere werking van het apparaat, een correctere marge op bepaalde uitgaven en door de ambities te toetsen aan de financiële situatie.
Hierdoor zal OCMW Gent in 2019 8,25 miljoen minder inkomsten nodig hebben van de stad.
Dit is echter wel een geleidelijk en stijgend proces. In 2014 zal er minder nood zijn van € 1,14 miljoen, € 2,15 miljoen in 2015, enz.