In Gent staat de eerstelijnsgezondheidszorg bijzonder sterk: een sterke Huisartsenvereniging met een goed werkend netwerk van wachtposten en voldoende en diverse artsenpraktijken, waar het systeem derde betaler toegepast wordt. Daarnaast zijn verschillende diensten.en zorgverstrekkers actief, thuisverpleegkundigen, kinesitherapeuten, tandartsen,…
Uniek in Gent is de aanwezigheid van negen wijkgezondheidscentra, die naast het verstrekken van de klassieke curatieve en preventieve medische zorgen, ook een sterke nadruk leggen op de link met welzijn (aanwezigheid van maatschappelijk werk).
Met de ondersteuning van de stad trachten zij om de gezondheid van de lokale gemeenschappen te verbeteren door het voeren van wijkgerichte gezondheidspromotie.
Deze kan de vorm aannemen van op plaatselijke prioriteiten gebaseerde gezondheidsbevorderende of informatieve acties en het vormen en versterken van lokale netwerken (oa door actieve participatie aan het wijkwelzijnsoverleg). Met de huisartspraktijk als lokale antenne vormt het signaleren van chronische of acute gezondheidsbedreigende elementen in de leefomgeving en gemeenschap een bijzondere opdracht.
Daarnaast behoort ook het samenwerken met en ondersteunen van de lokale huisartsen en andere gezondheidswerkers op gebied van gezondheidspromotie de opdracht, versterkt door de intersectorale samenwerking. Dit resulteert in een actieve samenwerking in de wijk rond gezondheidsthema’s, met als doel het bewerkstelligen van structurele maatregelen op beleids- of organisatieniveau, die de keuze voor een gezonde levenswijze of gezondheid rechtstreeks kunnen beïnvloeden en of ondersteunen.
Een wijkgezondheidscentrum combineert de expertise van verschillende verzorgende disciplines die een zeer nauw contact hebben met de bevolking, met de deskundigheid van welzijnswerkers en specialisten in gezondheidspromotie.
De meerwaarde van dit model wordt unaniem erkend door verschillende wetenschappelijke en politieke instanties, maar een meer algemene ondersteuning door middel van een geïntegreerde financiering en erkenning blijft uit.
Nochtans slagen de wijkgezondheidscentra erin de toegankelijkheid van de eerstelijnsgezondheidszorg te realiseren voor groepen in de samenleving die een moeilijke toegang ervaren in de prestatiegeneeskunde, door het wegwerken van drempels (financieel, in het kader van de forfaitaire betaling, cultureel, ed).Wijkgezondheidscentra zetten uitdrukkelijk in op het verkleinen van de sociale gezondheidskloof zowel op het vlak van gezondheidszorg als op het domein van de gezondheidspromotie.
Deze 9 Gentse wijkgezondheidscentra worden voor ongeveer 85% met RIZIV-middelen gefinancierd (systeem forfaitaire betaling voor huisartsgeneeskunde, verpleging en kine) waarmee ook de disciplines onthaal en coördinatie, maatschappelijk werk, diëtiek en andere,worden betaald . De opdracht van gezondheidspromotie wordt gedeeltelijk gefinancierd met de middelen van de stad.
De ondersteuning van de lokale overheid aan dit sterke netwerk ten dienste van de Gentse bevolking, en de goede lokale communicatie en samenwerking tussen stad, stedelijke gezondheidsraad, lokale huisartsenvereniging en lokale wijkgezondheidscentra,is een voorbeeld voor andere steden.
Nochtans blijft het belangrijk om te blijven ijveren voor een wettelijke basis voor erkenning, met daaraan gekoppelde financiering. Elk beleidsniveau dient hierin zijn taak op te nemen, zodat het opstarten en operationeel maken van wijkgezondheidscentra eenvoudiger wordt.
Kan zoals gevraagd in de Commissie Welzijn van de maand februari deze bezorgdheid aan de Vlaamse Regering overgemaakt worden?