Het Gemeentedecreet van 15 juli 2005, artikel 2.
Het Gemeentedecreet van 15 juli 2005, artikel 42 § 3.
De Gentse politie was op basis van een ministeriële omzendbrief van 1 december 2006 - ‘Richtlijnen tot het verlichten en vereenvoudigen van sommige administratieve taken van de lokale politie’- vragende partij om de administratieve taken verbonden aan het exploitatiedossier horeca over te hevelen naar één van de stadsdiensten.
In samenwerking met de Dienst Organisatieontwikkeling werkte de horecacoach een voorstel uit dat op dienstniveau en later binnen het politiek overleg groen licht kreeg.
Dit mondt uit in een taakoverdracht waarbij het aangewezen is de taken enerzijds duidelijk te omschrijven in een reglement en anderzijds horeca-uitbaters te informeren over het administratief onderzoek dat de horecacoach zal voeren m.b.t. de opening van een horecazaak.
Aangezien het openen van een horecazaak onderworpen is aan heel wat hogere regelgeving elk met zijn of haar eigen sanctioneringsmogelijkheden, heeft de Stad Gent niet de bevoegdheid om de opening van de horecazaak te laten afhangen van het al dan niet aanvragen van een algemene (uitbatings)vergunning.
Indien blijkt dat de horecazaak met één of andere regelgeving niet conform is, zullen de sanctiemogelijkheden van deze specifieke regelgeving immers moeten worden toegepast, en is de Stad Gent - op gemeentelijk vlak - niet bevoegd daartoe bijkomende sancties te creëren.
Teneinde vanuit de Stad Gent een zekere controlemogelijkheid te hebben op de conformiteit van een horecazaak, werd in dit reglement naast de taken van de horecacoach eveneens voorzien in de aanvraag van een horeca-attest dat door de uitbater van een horecazaak kan worden aangevraagd mits voorlegging van enkele documenten ter controle.
In dit reglement wordt de term 'attest' gehanteerd in plaats van vergunning, aangezien vergunning terminologisch in principe een verleende goedkeuring is voor iets wat eigenlijk in se verboden is.
Daar een stad of gemeente niet de bevoegdheid heeft om het openen van een horecazaak te verbieden kan daarvoor dan ook geen vergunning worden toegekend, vandaar de benaming horeca-attest.
Na voorafgaand administratief onderzoek van de betrokken documenten wordt een horeca-attest aan de uitbater afgeleverd, wat inhoudt dat de betrokken horecazaak conform is aan alle vereisten ter zake en in feite een soort kwaliteitslabel inhoudt dat door de uitbater door middel van aanplakking in de zaak kan gecommuniceerd worden naar zijn klanten toe.
In kader van de taakoverdracht van de Politie naar de horecacoach toe verbonden aan de opening van een horecazaak en het hebben van een zekere controlemogelijkheid vanuit de Stad Gent op de conformiteit met de verschillende toepasselijke reglementeringen, werd besloten een reglement op te stellen waarin naast de taakomschrijving van de horecacoach eveneens de aanvraag van een horeca-attest door de uitbater van een horecazaak wordt voorzien.
In het reglement is voorzien dat voor elke horecazaak die wordt geopend na de inwerkingtreding van dit reglement een horeca-attest kan worden bekomen na het voorafgaande administratieve onderzoek naar het vervullen van alle wettelijke verplichtingen gekoppeld aan de opening van de horecazaak. Dit attest kan tevens worden aangevraagd door een pop-up horecazaak.
De uitbater kan hiertoe een aanvraag indienen gericht aan de horecacoach. Aan de uitbater wordt daaropvolgend een checklist overgemaakt waarop alle documenten worden vermeld vereist om het administratief onderzoek te kunnen voeren. Indien blijkt dat de aanvraag voldoet aan alle voorwaarden wordt aan de uitbater het horeca-attest toegekend. Dit horeca-attest is locatiegebonden en is niet overdraagbaar. Bij verhuis of nieuwe uitbater kan een nieuw horeca-attest worden aangevraagd.
Keurt goed het reglement voor het bekomen van een horeca-attest bij uitbating van horecazaken, dat bij dit besluit wordt gevoegd en er integraal deel van uitmaakt.