Via STEM (Science, Technology, Engineering and Mathematics) ijvert Vlaamderen om het tekort aan technisch geschoolde werknemers in te vullen.
In Gent bestaat sedert 2012 "Techniekclub Gent" een onderdeel van Technauten, een realisatie van de Arteveldehogeschool. Kinderen uit het 5e en 6e leerjaar leren er in workshops (buitenschoolse activiteit) creatief bezig zijn met o.a. boormachine en soldeerbout. De workshops zijn ontwikkeld onder supervisie van een pedagoog en een docent Wereldoriêntatie - Techniek en worden verzorgd door studenten in opleiding Bachelor in het lager onderwijs.
Het gaat telkens om 4 workshops in 2 groepen gevolgd door 15 kinderen/groep.
Het aanbod wordt bekendgemaakt via facebook en twitter en is bijna onmiddellijk volzet. Er werden in het verleden bijna alleen hoogopgeleide ouders bereikt. Recent is er een samenwerking met VZW Jong waarbij een aantal plaatsen worden gereserveerd voor kinderen uit allochtone gezinnen. De vraag is daar immers ook heel groot.
Indien het stadsbestuur zijn medewerking zou verlenen, zou het aanbod fors kunnen worden uitgebreid. Mogelijkheden zijn bijvoorbeeld te communiceren naar alle Gentse scholen, technische lokalen ter beschikking stellen, samenwerking met stedelijke lerarenopleidng op punt stellen.
Het is de ambitie van de minister dat in de toekomst evenveel kinderen naar de techniekclubs gaan als naar de muziek- of dansles of sportclubs. Er is dus nog heel wat werk aan de winkel!
Is het stadsbestuur bereid aan dit initiatief mee te werken?
Op welke wijze en binnen welke termijn zou ze dit kunnen organiseren?
Vanuit de Pedagogische Begeleidingsdienst van de stad werd de voorbije jaren ingezet op de ontwikkeling van het gedachtengoed rond ‘Science, Technology, Engineering en Mathematics’, afgekort STEM.
Binnen het stedelijk onderwijs is enkele jaren geleden, met ondersteuning vanuit de pedagogische begeleidingsdienst, een techniek- wetenschapsschool (De Speurneus) opgericht, als voorbeeld voor het gebruik van techniekcoaches in de scholen.
Daarnaast werd 2 jaar geleden het ‘Centrum voor Onderzoekend en Ondernemend Leren’, in het kort COOL, opgericht. Deze denktank van een 25-tal leden komt 9 keer per jaar samen om te bespreken hoe we in Gent structureel STEM-activiteiten kunnen opzetten voor alle leeftijden.
Dankzij deze acties krijgt Gent in Vlaanderen erkenning in zijn voortrekkersrol. Bewijs hiervan is de uitnodiging van onze pedagogische begeleidingsdienst op de themadag rond STEM in het Vlaams Parlement.
Vanuit de stad Gent willen we ook in de komende legislatuur absoluut inzetten op de ontwikkeling van het beleid rond STEM. Dit kadert binnen de strijd tegen de ongekwalificeerde uitstroom en moet de motivatie voor de eerder technische en wetenschappelijke vakken aanzwengelen en de keuze voor wetenschappen en voor technisch en beroepsonderwijs te bevorderen.
We zijn ervan overtuigd dat de ontwikkeling van een doorgedreven STEM-beleid bijdraagt in het ontdekken van talenten en het stimuleren van passie bij de leerlingen. Als prioritaire doelgroepen worden meisjes en kansengroepen naar voor geschoven. Dit alles zal uitgebreid aan bod komen in de beleidsplannen van schepen Decruynaere. Maar, collega Goossens, in antwoord op uw vraag zal ik al een tipje van de sluier lichten.
Het STEM-beleid zal gestoeld zijn op 2 pijlers. Enerzijds zal binnen het stedelijk onderwijs de focus op techniek uitgebreid worden naar verschillende basisscholen en zal vanuit de pedagogische begeleidingsdienst verder ingezet worden op het begeleiden van de scholen.
Anderzijds richten we, vanuit de denktank COOL, een netoverschrijdende ‘STEM-academie’ op, die partners zoals het havenbedrijf, hogescholen, universiteit, musea, experten en STEM-initiatieven zal samenbrengen om het aanbod rond STEM netoverschrijdend te bundelen en beschikbaar te stellen. Deze STEM-academie zal ook focussen op het inzetten van techniekcoaches, op de scholen ter versterking van de leerkrachten en voor het inrichten van naschoolse activiteiten.
De Techniekclub Gent waarover raadslid Goossens spreekt, is één van de clubs die activiteiten na schooltijd organiseert. Deze en andere STEM-activiteiten willen we in de toekomst het label ‘COOL’ geven naar analogie met de cultuurvlieg om zo de toegankelijkheid tot de activiteiten te verhogen.
Een laatste belangrijke actie zal het openstellen van een STEM-klaslokaal zijn. Op dit moment wordt gezocht naar een goede locatie om zo’n Kidslab op te richten. Daar kunnen bijvoorbeeld een robotclub, een designclub, een techniekclub gebruik van maken.
Dit voorjaar worden nog enkele activiteiten vanuit de pedagogische begeleidingsdienst gepland: op 2 april is er een onderwijscafé “Stem voor S.T.E.M." met een debat en discussiegroepen over de inbedding van STEM in het onderwijs. Die avond wordt ook het COOL label officieel bekend gemaakt en zullen de STEM-dagen van mei en juni worden voorgesteld.
do 13/03/2014 - 10:16