Het Gemeentedecreet van 15 juli 2005, artikelen 7 §3, 15 en 16.
Bij brief van 10 juli 2014, gericht aan de voorzitter van de gemeenteraad, deelde raadslid Helga Stevens mee dat zij haar mandaat als gemeenteraadslid wenst te beëindigen aangezien zij verkozen werd tot Europees parlementslid.
Overeenkomstig art. 16 van het Gemeentedecreet wordt een gemeenteraadslid dat ontslag neemt, vervangen door zijn opvolger, die wordt aangewezen overeenkomstig het Lokaal en Provinciaal Kiesdecreet van 8 juli 2011.
De heer Ömer Faruk Demircioglu, eerst opvolgend raadslid van de lijst nummer 2 (verkiezingen van 14 oktober 2012) werd reeds in de gemeenteraad van 27 januari 2014 aangesteld tot raadslid in vervanging van Matthias Storme.
Onderzoek van de geloofsbrieven wijst uit dat de heer Robin De Wulf, tweede opvolgend raadslid van de lijst nummer 2 (verkiezingen van 14 oktober 2012) in aanmerking komt voor de vervanging van raadslid Helga Stevens.
Artikel 7 §3 van het Gemeentedecreet regelt de aanstelling van de gemeenteraadsleden. De gemeenteraad onderzoekt de geloofsbrieven van de verkozen gemeenteraadsleden. De gemeenteraad gaat na of de verkozenen voldoen aan de verkiesbaarheidsvoorwaarden en of er geen onverenigbaarheden bestaan.
De vervanging dient te gebeuren door de eerste opvolger die hiertoe in aanmerking komt.
Onderzoek van de geloofsbrieven wijst uit dat de heer Robin De Wulf, tweede opvolgend raadslid van de lijst nummer 2 (verkiezingen van 14 oktober 2012) in aanmerking komt voor de vervanging van raadslid Helga Stevens.
De verkozen raadsleden van wie de geloofsbrieven werden goedgekeurd, leggen volgens artikel 7 §3 in openbare vergadering de eed af in handen van de voorzitter.
Artikel 7 §3 van het Gemeentedecreet bevat eveneens de tekst van de voorgeschreven eedformule: “Ik zweer de verplichtingen van mijn mandaat trouw na te komen.”
Neemt kennis van het ontslag van mevrouw Helga Stevens.
Stelt vast dat de heer Robin De Wulf, tweede opvolgend lid van de lijst nr. 2, aan de door de wet vereiste voorwaarden tot verkiesbaarheid voldoet en zich niet bevindt in één van de gevallen van onverenigbaarheid.