De tramverlenging naar Zwijnaarde nadert (eindelijk) stilaan haar eindpunt. Tegen april zou alles rond moeten zijn.
Toch blijven er nog een aantal grote vragen:
Zoals eerder besproken, wijkt De Lijn af van de goedgekeurde plannen doordat wordt afgestapt van de groene bedding aan de eindhalte. Naar verluidt zou door De Lijn een regularisatie-aanvraag worden ingediend. Wat is de stand van zaken? Hoe rijmt de schepen een eventuele regularisatie met de ambitie van het stadsbestuur om meer groen in het straatbeeld te brengen? De Lijn heeft immers een stuk park weggekapt voor de plaatsing van de eindhalte en het dienstgebouw, maar werd niet verplicht om dat groen te compenseren en legt nu ook de verplichting van een groene berm naast zich neer.
Bij de heraanleg van de Heerweg-Noord werd geen gescheiden rioleringsstelsel aangelegd. Nochtans is dat een verplichting die wel aan de burgers wordt opgelegd. Kan de schepen toelichten waarom de Stad en De Lijn niet aan die verplichting gehouden zijn?
Intussen werd vastgesteld dat de betonverharding reeds barsten vertoont. Er werd een expert aangesteld om de oorzaak van dit probleem te bepalen. Die zou tegen 20 januari bepalen wat er moet gebeuren. Welke vaststellingen heeft die expert gedaan? Wat zal er worden ondernomen, en wie zal dat betalen? Indien blijkt dat de barsten in de betonverharding veroorzaakt zijn door een menselijke fout (zoals een gebrek aan voorzorg, voorzichtigheid of kwaliteit), welke stappen zullen dan worden ondernomen tegen de aannemer?
De eindhalte in Zwijnaarde zal door vele pendelaars worden gebruikt als ‘park&ride’. Hoe zal de bijkomende parkeerdruk worden opgevangen? Wordt er bijkomende parkeergelegenheid voorzien? Buurtbewoners, ook van andere haltes op het traject, vrezen dat de beschikbare plaatsen door pendelaars zullen worden ingenomen en dat zij zelf hun wagen niet meer zullen kwijtgeraken. Hoe zal dat worden vermeden?
De tram zal passeren aan de achterkant van het Technologiepark en schept mogelijkheden voor de duurzame ontsluiting van de site, die nu lijdt onder een grote autodruk. Hoe wordt, in overleg met de UGent, werk gemaakt van de sensibilisering van de werknemers op de site?
Om te beginnen: we willen zeker zijn dat de tram kan stoppen, en dat de veiligheid voor de passagiers niet in het gedrang komt.
De plannen met de groene bedding aan de eindhalte zijn ontworpen in 2008. Voortschrijdend inzicht leerde dat groen onder tramhaltes NIET werkt: de tramstellen zijn te heet als ze halteren, zodat het gras verschroeit. Daarnaast treedt er ook verzanding op van de bedding, wegens het strooien van zand bij het remmen. Vandaar de regularisatie van de bedding van gras naar beton.
Wat nu volgt is een technische uitleg, die precies weergeeft waarom gebleken is dat een gescheiden rioleringsstelsel niet haalbaar is:
Bij de intekening van de toegangsputten van dit gescheiden stelsel i.f.v. de ligging van de tramsporen en het ruimtebeslag van de nutsleidingen bleek dat de inplanting van de deksels van deze putten technisch enkel mogelijk was binnen de centrale zone van de dubbelgewapende cementbetonverharding tussen de twee tramsporen.
Gelet op de gewapende cementbetonverharding werd er i.f.v. de latere exploitatie van dit stelsel gekozen voor een mantoegankelijke buis met een minimumdiameter van 1,20 m.
De dimensionering van de buis en de inplanting van de toegangsputten hield in dat de aanleg van slechts één buis voor de afvoer van het regenwater en afvalwater mogelijk was.
Voor de afwijking tot de aanleg van een gemengd stelsel in de Heerweg Noord en Heerweg Zuid werd een motiveringsnota opgemaakt en overgemaakt aan de VMM.
De VMM ging akkoord met deze motivering onder de voorwaarde dat de afvoer van het regenwater van het opwaarts gebied t.o.v. de as van de Heerweg niet in het gedrang kwam.
Daarom werden op de kruispunten de nodige rwa-strengen voorzien die de afvoer van het regenwater van de opwaartse gebieden mogelijk maakt.
Er zijn veel factoren die een invloed kunnen hebben op de schade. Aangezien er al haarscheurtjes waarneembaar zijn in de herstelde stukken, vermoeden wij dat de invloed van een of meerdere factoren onderschat/verkeerd ingeschat wordt. Daarom zal De Lijn een derde opinie (*) vragen aan een expert van het OCW.
Er worden voorlopig geen herstellingswerken meer uitgevoerd.
(*): tweede opinie = opinie van de expert aangesteld door de verzekeringsmaatschappij. Deze was namelijk akkoord met de voorgestelde herstellingsmethode.
We onderzoeken momenteel hoe we dit het best aanpakken. Na invoering van de tramlijn wordt een parkeerbezettingsonderzoek ingepland. De resultaten hiervan zullen duidelijk maken of hier extra maatregelen nodig zijn om eventuele parkeerproblemen van buurtbewoners langs de tramlijn op te vangen.
Daarnaast zorgen ze ervoor dat er tegen maart een wandel -en fietspad wordt aangelegd van het bedrijventerrein naar de tramhalte.
di 09/02/2016 - 10:00