Eind april werden de definitieve adviezen voor de meerjarige subsidiëring 2017-2021 in het kader van het Kunstendecreet bekendgemaakt. 303 ingediende dossiers werden beoordeeld op artistiek en op financieel vlak.
Voor een aantal Gentse culturele instellingen is dat oordeel matig tot ronduit slecht. Vzw Trefpunt bijvoorbeeld kreeg een heel slechte evaluatie en zou het – als het advies wordt gevolgd – zonder subsidiëring moeten stellen.
De Vlaamse regering zal in de loop van juni een beslissing nemen over de verdeling van de middelen.
Hoe reageert u op deze adviezen?
In welke zin is de Stad tot hiertoe in dit dossier betrokken geweest (bij de opmaak van de dossiers en/of de adviezen, contacten met de minister of andere)?
Kan/zal de beslissing van de Vlaamse regering gevolgen hebben voor het subsidiebeleid van de Stad? Overweegt u, met andere woorden, om de daling van de Vlaamse subsidies (deels) te compenseren met stedelijke middelen?
Sta mij toe om kort te schetsen welke procedure voorzien is voor het kunstendecreet want de rol van de lokale overheden ligt hierin vast.
Alle organisaties hebben de kans gekregen om een aanvraag voor een meerjarige subsidie in het kader van het kunstendecreet in te dienen tegen 1/10/2015. 50 Gentse organisaties hebben dit gedaan. Op 10/2/2016 hebben de indieners een preadvies ontvangen. Hierbij werd nog geen richtbedrag voorgesteld. Tegen 25/2/2016 konden zij hierop een repliek of verhaal indienen. Op 27 april heeft de minister de definitieve adviezen bekend gemaakt met de door de administratie voorgestelde bedragen. De Vlaamse regering dient een beslissing te nemen over de subsidiebedragen tegen 24/6/2016.
Op initiatief van de sector werd ter voorbereiding van de opmaak van de dossiers een landschapstekening gemaakt die wij ook als lokale overheid hebben gesteund. De titel van de kunstenlandschapsschets 2015 van de Gentse kunstensector – Verbinden en verbouwen’ - is niet toevallig gekozen. ‘Gent is succesvol in samenwerken’, zo concludeert de sector. De dossiers zelf worden dus door de aanvragende organisatie opgemaakt.
We zijn op informatieve basis betrokken bij de dossiers door de organisaties zelf. Het kunstendecreet voorziet in de procedure dat de lokale overheden gehoord worden na opmaak van de definitieve adviezen om de lokale context te schetsen. Er is geen onderhandeling over de adviezen zelf voorzien. Vanmorgen werden de burgemeester en ikzelf door de minister als lokale overheid gehoord om het culturele landschap vanuit de lokale context en de lokale beleidsaccenten toe te lichten.
Over de definitieve adviezen zelf wil ik eerst en vooral toch zeggen dat De Gentse organisaties het globaal genomen zeer goed hebben gedaan bij de adviezen. Van de 50 aanvragen zijn er 43 als subsidiabel beoordeeld. Dat is zeer veel. Wat opvalt, is dat heel wat Gentse organisaties goed scoren in de ranking en volgens het advies een verdiende versterking zouden krijgen ten opzichte van het huidige bedrag. Stad Gent beklemtoont dat deze organisaties bijzondere inspanningen hebben geleverd om een dergelijke score te halen en is verheugd dat de commissies en administratie dit ook als dusdanig hebben ingeschat.
De stad is verheugd dat een aantal organisaties erin geslaagd zijn om een herziening van hun preadvies met succes te beargumenteren. Daarnaast merken we ook op dat voor een aantal positief geadviseerde organisaties naar onze inschatting nog te weinig rekening is gehouden met de repliek na het preadvies, met een ongewijzigde rangschikking tot gevolg. Met spijt in het hart stelt de Stad ook vast dat een aantal organisaties ondanks hun jarenlange ervaring en waardevolle inbreng in het Gentse cultuurveld er niet in geslaagd is om de commissie in hun repliek te overtuigen van hun belang of meerwaarde in de Vlaamse context en een negatief advies kregen.
De stad merkt ook op dat veel creërende organisaties erin geslaagd zijn om hun werking scherp te profileren, terwijl een aantal organisaties die op verschillende functies hebben ingetekend ten onrechte lager in de rangschikking belanden. Nochtans bieden zij ook een belangrijk speelplateau voor presentatiekansen van de kleinere organisaties en zijn ze daardoor de kernspelers van het Gentse kunstenveld. Dit is in concreto een aandachtspunt voor Muziekcentrum de Bijloke, De Centrale en NTGent.
We hebben in het gesprek met de minister vanmorgen vooral aandacht gevraagd voor het rijke kunstenlandschap dat we hier in Gent hebben en het belang onderstreept van het behoud van die diversiteit. Alle indieners hebben een belangrijke waarde voor Gent als cultuurstad, die we hebben geschetst vanuit de context van het lokaal kunstenbeleid, dat gesteund is op 4 pijlers. Het wegvallen van een van deze spelers zou een verlies betekenen voor het Gentse kunstenveld. Binnen elke pijler hebben we de rol en functie geduid van de verschillende spelers.
De stad voorziet een totaalbudget van 7 mio euro per jaar voor structurele ondersteuning van de kunstensector in Gent, met extra aandacht voor kinderkunsten, muziek, groeikansen voor bestaande makers én voor ondersteuning van nieuw talent.
De stad voorziet een totaalbudget van 300 000 euro per jaar voor projectmatige ondersteuning van nieuwe artistieke creaties, met extra aandacht voor kinderkunsten, muziek en culturele themajaren. Vanuit deze projectmatige ondersteuning vinden sommige makers aansluiting bij grotere organisaties en kunnen ze zich van daaruit ontwikkelen als nieuwkomer binnen het kunstendecreet
Gent heeft geen cultuurcentrum met eigen presentatie-infrastructuur en daardoor zijn Gentse spelers veel sterker afhankelijk van de kunsthuizen die via het kunstendecreet gesubsidieerd worden om presentatiemogelijkheden te hebben. Het is van belang om die huizen voldoende ondersteuning te bieden. Daarnaast voorziet de Stad ook een belangrijke ondersteuning voor aanvullende presentatiemogelijkheden via Minard, wijkzalen, De Expeditie, Kazematten, …
Sinds de start van het vorige Kunstendecreet vervult Gent een voorbeeldfunctie op vlak sociaal-artistieke praktijk en participatie aan de kunsten. Ondertussen heeft zich een breed en zeer divers sociaal-artistiek landschap ontwikkeld, waarbij de werking van al deze organisaties erg verschillend is en complementair aan elkaar.
Gent is een stad van kennis en cultuur, toegankelijk voor iedereen. Onze kunstensector is daarin een van de belangrijkste drijvende krachten, en daarom onmisbaar. De organisaties die een aanvraag hebben ingediend, tonen een enorme rijkdom en diversiteit en vullen elkaar goed aan qua disciplines, spreiding en publiek. Ze werken ook bijzonder goed samen. Daarbij is een goed evenwicht tussen creatie- en presentatiemogelijkheden noodzakelijk. De burgemeester en ik hebben vanmorgen aan de minister uitgelegd hoe elk van de aanvragers een rol speelt in ons rijk landschap en bepleit dat er voldoende budget wordt uitgetrokken om de sector in al haar diversiteit verder te laten ontwikkelen. We moeten nu de beslissing van de Vlaamse regering afwachten.
Op de vraag van mijnheer Goossens over de mogelijke gevolgen voor het subsidiebeleid van de stad wil ik meegeven dat we niet op de zaken willen vooruit lopen en eerst de beslissing van de Vlaamse regering willen afwachten. De stad Gent heeft in de meerjarenplanning al 7 miljoen euro per jaar voorzien voor structurele subsidies vanuit een complementair beleid tussen de stad en Vlaanderen. Momenteel is er in de meerjarenplanning geen budget voorzien om organisaties op te vangen.
di 17/05/2016 - 09:21