Drie jaar geleden werd één centraal meldpunt, de hulplijn (1712) opgericht waar men discreet en gratis terecht kan met vragen en meldingen van elke vorm van geweld en misbruik.
Volgens recente cijfers van Minister Vandeurzen werden er in 2015 maar liefst 3.913 meldingen over geweld op kinderen geregistreerd. Dit zijn alleen voor Vlaanderen meer dan 10 meldingen per dag, waarvan er 2/3den een intrafamiliale context hebben.
Kindermishandeling wordt zo een niet meer te onderschatten maatschappelijk probleem. Reeds als kind hiermee geconfronteerd worden kan het vertrouwen in samenzijn en later samenleven voor goed aantasten - hier rinkelt bij mij een belletje !
'Elk vermoeden van geweld telt dus' - hiertoe werden de CAW's (Centra Algemeen Welzijnswerk) en VK's (Vertrouwenscentra Kindermishandeling) versterkt.
De hulplijn 1712 wordt in elke provincie georganiseerd door de vertrouwenscentra kindermishandeling (VK) en de autonome centra voor algemeen welzijnswerk (CAW). Door hun complementaire expertise, door de bundeling van hun aanbod, middelen en de samenwerkingsverbanden van beide partners, groeide een unieke, professionele en onafhankelijke hulplijn.
Wat betreft Oost-Vlaanderen wordt de permanentie georganiseerd in Dendermonde. Voor een deel van deze permanentie wordt beroep gedaan op het VK gevestigd in Gent. Concreet delegeert het VK 3 medewerkers (waarvan 2 iedere week 1 dag en 1 medewerker 1dag om de 2weken) naar dit 1712-team.
In 2014 liepen er in Dendermonde 554 dossiers kindermishandeling binnen, in 2015 waren er dit 780.
Een stijging in de cijfers mag niet zonder voorbehoud vertaald worden in een stijging van het aantal reële gevallen van geweld. Naarmate de hulplijn meer bekendheid krijgt, zal ze immers ook meer oproepen te verwerken krijgen.
Bij de op Vlaams niveau 3336 gemelde zaken werd de problematiek kindermishandeling geregistreerd, goed voor 59% van alle geregistreerde problematieken. Bij de overgrote meerderheid (79%) gaat het om situaties van intra familiale kindermishandeling. Op Oost-Vlaams niveau ligt dit aantal voor 2015 lager dan het gemiddelde, namelijk 780 op 1511 slachtoffers, zijnde 51%.
Voor wat betreft de wijze waarop deze meldingen worden onderzocht en aangepakt, breng ik eerst het totaalbeeld op Vlaams niveau. Er zijn enkel cijfers op Vlaams niveau beschikbaar. Later ga ik in op de cijfers van de Gentse politie.
In 38,4% van de oproepen krijgt de melder louter algemene informatie over andere diensten die de melder mogelijks verder kunnen helpen. In 51% van de oproepen wordt er gericht advies gegeven om effectief contact te nemen met een CAW, VK, andere hulp- of
dienstverlening of justitiële instantie. In 7,2% van de oproepen melden de 1712-medewerkers de betrokken persoon zelf actief aan bij het VK of CAW. In 10 situaties zette de 1712 dienst de stap naar justitiële instanties, bv. door aangifte van een erg onrustwekkende situatie bij het (jeugd)parket.
Wat betreft de cijfers van het Gentse politiekorps zijn er geen eenduidige cijfergegevens voorhanden. Dit omwille van het feit dat kindermishandeling niet als afzonderlijke categorie wordt ingebracht binnen het politionele registratiesysteem ISLP (Integrated System for Local Police).
De concrete aanpak van geweldpleging op minderjarigen zal verschillen naargelang het soort feit van kindermishandeling: lichamelijke verwaarlozing en mishandeling, psychische verwaarlozing en mishandeling en seksueel misbruik. Zo zal er bij seksueel misbruik steeds een audiovisueel verhoor zijn. Bij andere feiten zal dit eerder via een gewoon proces-verbaal verlopen, tenzij het Parket anders beslist.
Gezien het minderjarigen betreft, wordt het Parket bij elke aangifte steeds ingelicht en kan de parketmagistraat bijkomende opdrachten bevelen.
Los van de eventuele dringende maatregelen die onmiddellijk worden genomen (zoals de plaatsing, contactverbod), zal men vanuit het Parket kantschriften richten naar de Politie met de vraag om de huidige opvoedingssituatie na te gaan. Hierbij zal ook gevraagd worden of er hulpverlening voorzien is binnen het gezin. Zo niet, zal men de politiediensten suggereren om aan de personen een aanbod van hulpverlening te doen bijvoorbeeld via de brede instap van de integrale jeugdhulp.
M.b.t. de opvolging van de slachtoffers door deskundigen kan de Politie geen antwoord geven. Veel heeft te maken met de nood aan de ondersteuning. Dit is voor elke persoon en elke situatie verschillend. Ook de bereidheid van het gezin om hulp te aanvaarden en hieraan gevolg te geven, zal bepalend zijn. De hulpverlening (Centrum Algemeen Welzijnswerk, Vertrouwenscentrum Kindermishandeling, Centrum voor Geestelijke Gezondheidszorg,...) is hier beter geplaatst om een antwoord te geven.
wo 20/04/2016 - 10:36