-
Mijn collega-raadslid Sandra Van Renterghem stelde onlangs een schriftelijke vraag over de problematiek van voor garagepoorten geparkeerde voertuigen. Uit het antwoord bleek dat er in 2014 4296 meldingen waren. In 2701 van die gevallen was er een tussenkomst of interventie. Wat er in de ruim 1300 andere gevallen gebeurde, is niet meteen duidelijk.
Tegelijk worden in het antwoord tips gegeven in geval van herhaaldelijk parkeren voor dezelfde garagepoort: de politie telkens contacteren en de inrij zo zichtbaar mogelijk maken. Maar wat wanneer mensen die stappen ondernomen hebben en het probleem gewoon aanhoudt? Mensen hebben ook niet altijd de tijd om altijd maar weer de politie te bellen en dan op diezelfde politie te blijven wachten (vb. omwille van professionele verplichtingen).
1. Waarom kwam het in de vermelde 1300 gevallen niet tot een tussenkomst? Hoe werden deze meldingen dan opgevolgd?
2. Hoe kan de politie of stad burgers bijstaan die om de haverklap met voor hun garagepoort parkerende voertuigen geconfronteerd worden?
Het kan gebeuren dat de ploeg niet vertrekt of terug geroepen wordt omdat de oproeper terug belt met de melding dat het voertuig weg is of dat de ploeg ter plaatse vast stelt dat het probleem opgelost is. Hiervan wordt geen registratie (PV) meer gemaakt.
Hoe er dient opgetreden te worden, is verwoord in vorige schriftelijke vraag nr. 093. Er is geen andere manier dan 101 bellen als een voertuig de in-of uitrit belemmert. Vooraleer tot takelen over te gaan, tracht de Politie steeds de eigenaar te contacteren. In ieder geval wordt een GAS geschreven en/of voertuig getakeld.
Als dit herhaaldelijk voorkomt, wordt tevens de raad gegeven om de inrij zo herkenbaar/zichtbaar mogelijk te maken.
di 15/03/2016 - 15:49